Technische installaties: EPB-eisen
- Gebouw
- Energie
- EPB (Energieprestatie van gebouwen)
- Verwarming
- Klimaatregeling
Goed om te weten
Op de inleidende pagina over de EPB-regelgeving vindt u een algemeen overzicht van de EPB-regels die gelden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Over welke systemen gaat het?
De EPB-vereisten van de Brusselse regelgeving hebben betrekking op verwarmings- en klimaatregelingssystemen alsook op ventilatiesystemen die in combinatie met verwarmings- en klimaatregelingssystemen werken.
Verwarming
- Verwarmingsketels die warmte overbrengen door middel van een warmtegeleidende vloeistof, die werken op gasvormige (aardgas), vloeibare (stookolie) of vaste (hout, pellets, houtblokken, enz.) brandstoffen;
- lokale verwarmingstoestellen die werken met vaste brandstoffen (pelletkachels, inzethaarden op hout, enz.);
- warmtepompen met een thermisch vermogen van meer dan 12 kW die worden gebruikt om de lucht in het gebouw en/of sanitair warm water te verwarmen;
- badverwarmers, waterverwarmingstoestellen op gas die hun warmte overdragen aan sanitair warm water zonder gebruik van een intermediair warmtegeleidende vloeistof om de warmte over te dragen. Boilers met elektrische weerstand vallen daarom voorlopig niet onder de vereisten, evenmin als elektrische doorstroomboilers.
Klimaatregeling
Klimaatregelingssystemen met een nominaal vermogen van meer dan 12 kW vallen ook onder EPB-vereisten. Het effectief nominaal vermogen van een klimaatregelingssysteem is de som van het koelvermogen van de koelinstallaties die zijn aangesloten op een gemeenschappelijke regeling. Deze systemen zijn vooral te vinden in kantoorgebouwen, rusthuizen, evenementenzalen en winkelcentra.
Ventilatie
Ventilatiesystemen die verwarmde ruimten of ruimten met klimaatregeling bedienen, vallen onder de regelgeving.
Verbod op niet-duurzame installaties
Om de prestaties van technische installaties te verbeteren, de veiligheid van mensen te garanderen en de uitstoot van vervuilende stoffen te verminderen, wil het Brussels Hoofdstedelijk Gewest afstappen van bepaalde technologieën door technische vereisten in te voeren en de installatie van bepaalde verwarmingstoestellen te verbieden, tenzij een uitzondering geldt. Het plaatsen van verwarmingstoestellen op steenkool en stookolie is niet langer toegestaan, evenmin als de installatie van verwarmingsketels of waterverwarmingstoestellen op gas van het type B11BS aangesloten op individuele schoorstenen.
Deze toestellen mogen niet meer geplaatst of vervangen worden, ongeacht of het een nieuw of tweedehandsBeginsel volgens welk goederen in goede staat en waarvan de eerste eigenaar zich wenst te ontdoen, worden gegeven, verkocht, gekregen, aangekocht of geruild zodat ze geen afval worden. toestel betreft. Het is nog steeds toegestaan om bestaande werkende installaties die voldoen aan de EPB-vereisten te gebruiken, ondanks de ambitie van het Gewest om af te stappen van fossiele brandstoffen.
Voor stookolie bepaalt een maatregel in het Lucht-Klimaat-EnergieplanDit plan bundelt op een geïntegreerde manier de belangrijkste gewestelijke beleidslijnen inzake lucht, klimaat en energie. Het heeft zijn wettelijke basis in het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing (BWLKE), is het resultaat van de betrokkenheid van zes besturen (Leefmilieu Brussel, Brussel Huisvesting, Brussel Economie en Werkgelegenheid, Urban, Perspective, Brussel Mobiliteit) en vormt de bijdrage van Brussel aan de Belgische klimaatactie in het Nationaal Energie- en Klimaatplan (NEKP). dat verwarmingsketels op stookolie van meer dan 15 jaar oud in 2035 niet meer gebruikt mogen worden. Maar deze maatregel is nog niet in werking omdat er een uitvoeringsbesluit voor nodig is.
Deze maatregelen maken deel uit van RENOLUTION, de renovatiestrategie voor Brusselse gebouwen waarmee het Gewest zijn klimaatdoelstellingen wil halen. De verboden zullen het mogelijk maken om de uitstoot van CO2, een broeikasgasGas dat een gedeelte van de zonnestralen absorbeert en herverdeelt onder de vorm van stralingen, die andere gasmoleculen ontmoeten en zodoende het proces herhalen en het broeikaseffect veroorzaken, met een warmteverhoging als gevolg. De belangrijkste broeikasgassen waarvan de oorsprong voornamelijk met menselijke activiteiten verband houden zijn kooldioxide (CO2), methaan (CH4) en troposferisch ozon (O3)., maar ook van fijne deeltjes en andere luchtverontreinigende stoffen zoals CO en stikstofoxiden te verminderen.
Deze maatregelen zullen de luchtkwaliteit verbeteren en de gezondheid van de Brusselaars beschermen. Fijn stof kan aandoeningen of ziekten aan de luchtwegen veroorzaken, de symptomen die gepaard gaan met deze aandoeningen versterken en cardiovasculaire problemen veroorzaken. CO, of koolmonoxide, veroorzaakt nog steeds heel wat vergiftigingen in België en Brussel.
De verbodsmaatregelen treden geleidelijk in werking:
1 januari 2019: atmosferische gasketels van type B11BS
Sinds 1 januari 2019 mogen atmosferische verwarmingsketels en waterverwarmingstoestellen op gas van type B11BS niet meer geïnstalleerd worden op individuele schoorstenen en nieuwe collectieve schoorstenen. Deze toestellen zijn uitgerust met atmosferische branders en zijn veel minder efficiënt dan condensatieketels. Ze zijn ook de belangrijkste oorzaak van CO-vergiftiging in België. De plaatsing ervan is daarom momenteel alleen toegestaan in bestaande collectieve schoorstenen, totdat er een andere technische oplossing kan worden gevonden (tubering/voering van het aan- en afvoerkanaal, installatie van individuele afvoerkanalen, enz.).
1 september 2021: verwarmingsketels en kachels op steenkool
Sinds 1 september 2021 mogen er in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geen verwarmings- en warmwatertoestellen op steenkool meer worden geplaatst.
1 januari 2025: verwarmingsketels en kachels op hout
Sinds 1 januari 2025 is het plaatsen van oude tweedehands kachels niet langer toegestaan. Alle kachels en verwarmingsketels op hout (houtblokken, pellets, briketten, enz.) die worden geïnstalleerd (inclusief vervangingen) moeten nu voldoen aan de Europese Ecodesignrichtlijn 2009/125, die eisen stelt op het gebied van rendement en deeltjesuitstoot.
1 januari 2025: aardgas en stookolie in NE- en NGE-projecten
Sinds 1 januari 2025 (datum van indiening van de stedenbouwkundige vergunning) mogen projecten die uitsluitend bestaan uit nieuwe (NE) of met nieuw gelijkgestelde (NGE) EPB-eenheden geen warmtegeneratoren (ketel, warmtekrachtkoppelingWarmtekrachtkoppeling is de gelijktijdige opwekking in één proces van thermische energie en elektrische of mechanische energie. (RICHTLIJN 2012/27/EU), enz.) meer bevatten die gebruikmaken van aardgas of stookolie.
1 juni 2025: stookolie in alle gebouwen
Sinds 1 juni 2025 (datum van installatie) mogen verwarmingsketels op stookolie niet meer worden geplaatst, ook als het gaat om een vervanging, tenzij een afwijking geldt. Meer in het algemeen gaat het om de plaatsing van verwarmingsketels op vloeibare brandstof zolang er geen 100% hernieuwbare brandstof op de markt is en zolang verwarmingsketels op vloeibare brandstof aanzienlijk meer deeltjes uitstoten dan gascondensatieketels.
1 januari 2030: aardgas en stookolie in NE-, NGE- en ZGE-projecten
Vanaf 1 januari 2030 (datum van indiening van de stedenbouwkundige vergunning) mogen projecten die uitsluitend bestaan uit nieuwe (NE), met nieuw gelijkgestelde (NGE) en/of zwaar gerenoveerde (ZGE) eenheden geen warmtegeneratoren (ketel, warmtekrachtkoppeling) meer bevatten die gebruikmaken van aardgas of stookolie. Dit verbod geldt dus niet voor projecten met eenvoudig gerenoveerde eenheden (EGE).
Eisen voor de goede werking van warmtegeneratoren
De verwarmingsketels en waterverwarmingstoestellen die in het toepassingsgebied van de EPB-regelgeving voor technische installaties vallen, moeten voldoen aan technische vereisten die zijn gecontroleerd tijdens de EPB-periodieke controle en de EPB-oplevering.
- De afvoerkanalen van verbrandingsgassen en de aanvoerkanalen van lucht moeten in goede staat zijn, zonder lekken of uitwendige sporen van condensatie.
Infofiche over de eisen met betrekking tot de staat van de afvoerkanalen van verbrandingsgassen en van de aanvoerkanalen van verbrandingslucht (.pdf)
- Er moet een minimale onderdruk worden gemeten in het rookgasafvoerkanaal van toestellen van type B zonder trekonderbreker en die niet met overdruk werken. Infofiche over onderdruk in het rookgasafvoerkanaal (.pdf)
- Tenzij anders vermeld, moet de installatie verbrandingsmeetopeningen bevatten.
Infofiche over de eis met betrekking tot de voor verbrandingsmeetopeningen (.pdf)
- Verwarmingsketels en waterverwarmingstoestellen moeten minimale rendementen halen.
Infofiche over de eisen met betrekking tot verbranding en emissies van toestellen in werking (.pdf)
- Om een goede verbranding te garanderen en CO-vergiftiging te voorkomen, moet de ruimte waarin de warmtegenerator is geïnstalleerd geventileerd worden. De regelgeving bepaalt ook een maximumdrempel voor het CO-gehalte in de ruimte en de maatregelen die moeten worden genomen als deze wordt overschreden.
Infofiche over de eis met betrekking tot het CO-gehalte in de omgevingslucht van de verwarmingsruimte (.pdf)
- De veiligheidsvoorzieningen op verwarmingsketels en waterverwarmingstoestellen moeten in goede staat verkeren.
Infofiche over de veiligheidsvoorzieningen voor verwarmingsketels en waterverwarmingstoestellen op gas (.pdf)
Eisen van toepassing op het systeem in zijn geheel
Op verwarmings-, klimaatregelings- en ventilatiesystemen zijn EPB-eisenAlle voorwaarden waaraan een EPB-eenheid en/of een technische installatie moet voldoen op het vlak van energieprestatie, thermische isolatie, binnenklimaat, ventilatie, gebruikte energiedrager of aardopwarmingsvermogen. van toepassing om hun prestaties te optimaliseren en hun energieverbruik te verminderen. De “systemen” omvatten de productie (warmte- of koeltegeneratoren), distributie (circulatiepompen, kleppen, leidingen, kanalen, enz.) en afgifte van thermische energie (verwarmingsbatterijen, convectoren, radiatoren, enz.), evenals regelapparatuur.
Sommige vereisten zijn van toepassing op bestaande, ongewijzigde systemen, andere wanneer een generator of een deel van het systeem wordt geïnstalleerd, ook in het geval van vervanging en ongeacht of er een stedenbouwkundige of milieuvergunningDe milieuvergunning, voorheen 'commodo-incommodo'- exploitatievergunning genoemd, is een document met de technische voorschriften die de exploitant van een installatie (bv. tankstation, drukkerij, stomerij, enz.) moet naleven. De door de administratie vastgelegde voorwaarden zijn bedoeld om de bescherming te waarborgen tegen de gevaren, hinder of ongemakken die een installatie of activiteit direct of indirect kan veroorzaken voor het milieu, de gezondheid of de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van personen die zich binnen de grenzen van een installatie bevinden zonder daar als werknemer te kunnen worden beschermd. Meer informatie over de milieuvergunning nodig is.
Meting
Meting van het energieverbruik is vereist, zelfs op een ongewijzigd bestaand systeem, wanneer:
- de som van de nuttige nominale vermogens van de verwarmingsketels > 100 kW
- de som van de thermische vermogens van de warmtepompen > 12 kW
- het effectief nominaal vermogen van het klimaatregelingssysteem > 12 kW
- het ventilatiesysteem dat wordt gecombineerd met een verwarmings- of klimaatregelingssysteem een nominaal debiet heeft > of = 10.000 m³/u
- er meerdere gebouwen of EPB-eenheden van warmte of sanitair warm water worden voorzien via een gemeenschappelijk verwarmingssysteem.
Afhankelijk van het type installatie en het vermogen ervan, voorziet de regelgeving in verschillende soorten meters (brandstofverbruik, overgebrachte energie, verbruikte energie) en uitzonderingen.
Noteer:
- In alle gevallen moeten nieuwe meters worden voorzien met een uitrusting waarmee de gemeten hoeveelheid zowel lokaal als op afstand automatisch kan worden afgelezen.
- Uiterlijk op 1 januari 2027 moeten alle bestaande verdelers van verwarmingskosten automatisch lokaal en op afstand uitleesbaar zijn.
De infofiche Energiemeters te voorzien in het kader van de EPB-reglementering voor technische installaties (1,1 Mb - .pdf) bevat alle nuttige informatie die u moet weten over het plaatsen van meters.
De energieboekhouding
Voor installaties die moeten worden gemeten, moet een jaarlijks energierapport worden opgesteld met onder meer:
- het jaarlijkse en maandelijkse energieverbruik van de installaties
- het jaarlijks verbruik per gebruiksoppervlakte
- de jaarlijkse CO2 -uitstoot die eraan moet worden toegeschreven.
Meer informatie over de vereisten voor energieboekhouding vindt u in de infofiche Energieboekhouding (280 Kb - .pdf)
Het logboek
Het logboek, een referentiedossier voor de technische installaties van het gebouw, verzamelt de technische documenten voor de verwarmings-, klimaatregelings- en ventilatiesystemen. (technische fiches, plannen, interventies, contactgegevens van de betrokken personen, enz.). Het opstellen en bijwerken ervan valt onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar of, indien van toepassing, de houder of aangever van de milieuvergunningDe milieuvergunning, voorheen 'commodo-incommodo'- exploitatievergunning genoemd, is een document met de technische voorschriften die de exploitant van een installatie (bv. tankstation, drukkerij, stomerij, enz.) moet naleven. De door de administratie vastgelegde voorwaarden zijn bedoeld om de bescherming te waarborgen tegen de gevaren, hinder of ongemakken die een installatie of activiteit direct of indirect kan veroorzaken voor het milieu, de gezondheid of de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van personen die zich binnen de grenzen van een installatie bevinden zonder daar als werknemer te kunnen worden beschermd. Meer informatie over de milieuvergunning.
U kunt de modellen van logboek verwarming - type 1 (455 Kb - .pdf) en logboek verwarming - type 2 (599 Kb. .pdf) gebruiken.
Documenten over gemeenschappelijke schoorstenen
Als er een collectieve schoorsteen is voor de afvoer van de verbrandingsgassen, moet er een lijst worden opgesteld en bijgehouden van de toestellen die erop zijn aangesloten. Deze lijst is bedoeld om te controleren of de toestellen compatibel zijn met elkaar, en als dat niet zo is, om corrigerende maatregelen te nemen.
Bovendien moet elke eigenaar van een atmosferische verwarmingsketelVerwarmingsketels en warmwaterboilers van het type "B1 of B11BS", met een atmosferische brander en een trekonderbreker. Dit type ketel werkt met een oude en inefficiënte technologie, die de lucht die nodig is voor de verbranding haalt uit de ruimte waar de verwarmingsketel of warmwaterboiler staat. Hij wint geen energie terug via de condensatie van de waterdamp afkomstig van de verbrandingsproducten, en levert een hoger risico op CO-vergiftiging op. of waterverwarmingstoestel van type B11BS die zijn aangesloten op een collectief rookkanaal een haalbaarheidsstudie laten uitvoeren om de vervanging ervan door efficiëntere en veiligere oplossingen te organiseren. Deze toestellen (ook bekend als B1 of met 'terugslagbeveiliging') zijn niet erg energie-efficiënt en zijn verantwoordelijk voor een groot deel van de CO-vergiftigingen.
U kunt de voorbeeldlijst van toestellen die zijn aangesloten op een collectief rookkanaal (846 Kb. .pdfF) gebruiken.
De dimensioneringsnota
Om de thermische behoeften voor sanitair warm water, verwarming en klimaatregeling van ruimten nauwkeurig te bepalen, moet bij de installatie of vervanging van een of meer verwarmings- of koelingsgeneratoren een dimensioneringsnota worden opgesteld. Die nota wordt vóór de installatie opgesteld door een bekwame specialist (ontwerpbureau, ketelleverancier, erkend professional, enz.) en bepaalt de verwarmings- en/of koelingsbehoeften en het totale nuttige nominale vermogen dat nodig is om aan deze behoeften te voldoen. Voor de inbedrijfstelling van een of meer warmtepompen is ook een inbedrijfstellingsrapport nodig. Deze documenten moeten in het logboek worden opgenomen.
Raadpleeg voor meer informatie de infofiche over de Dimensioneringsnota voor warmtegeneratoren en koelinstallaties (220 Kb. -.PDF)
Thermische isolatie van leidingen en toebehoren
Om energieverlies te voorkomen, moeten leidingen en systeemtoebehoren (zoals pompbehuizingen, circulatiepompen, kleppen, flenzen en verbindingen) worden geïsoleerd zodra er een warmte- of koudegenerator is geïnstalleerd. De dikte van de toe te passen isolatie hangt af van de directe omgeving van de leiding, de diameter, het type isolatie en de vloeistof die wordt getransporteerd (warm water, ijswater, lucht).
Voor verwarmingswater gelden deze vereisten niet alleen voor nieuw geïnstalleerde leidingen, maar ook voor bestaande leidingen. Vanaf 1 januari 2026 zullen bestaande en toegankelijke leidingen met een diameter van meer dan 20 mm die water van minimaal 35°C transporteren, onderworpen zijn aan de eis van thermische isolatie zelfs als de warmtegenerator ongewijzigd blijft.
Alle technische eigenschappen van de vereiste thermische isolatie worden beschreven in de infofiches:
Regeling van de verwarmingssystemen
Wanneer er een warmtegenerator wordt geïnstalleerd of vervangen, zijn er eisen van toepassing op het verwarmingssysteem, met name op de warmteafgiftelichamen (radiatoren, convectoren, ventilo-convectoren, verwarmingsbatterijen, enz.), die moeten worden uitgerust met lokale regelsystemen zoals thermostatische kranen en thermostaten.
De Infofiche Regeling van warmtegeneratoren en van warmtedistributie- en warmteafgiftesystemen (628 Kb -.pdf) bevat de gedetailleerde eisen.
Modulatie van de brander van de verwarmingsketel
Als de ketel wordt geplaatst of vervangen, moet deze worden uitgerust met een brander waarvan het vermogen zich automatisch aanpast aan de warmtebehoefte die in de loop van de tijd varieert.
Raadpleeg voor meer informatie de infofiche Modulatie van de brander (395 Ko - .pdf).
Opdeling van distributienetten voor verwarmingswater, lucht en ijswater
Een verwarmings-, klimaatregelings- en ventilatiesysteem verdelen houdt in dat specifieke zones worden gedefinieerd, geschikte distributienetten worden ontworpen en afsluitmechanismen worden geïnstalleerd. Door het distributienet hydraulisch op te delen worden niet-gebruikte zones niet onnodig verwarmd of gekoeld en is het onderhoud van het systeem eenvoudiger. Deze eis is van toepassing:
- voor elk geïnstalleerd verwarmings- of klimaatregelingssysteem (inclusief bij volledige vervanging);
- bij gedeeltelijke vervanging van een netwerk dat:
- ten minste één EPB-eenheidEen verzameling van lokalen in eenzelfde beschermd volume, ontworpen of gewijzigd om afzonderlijk gebruikt te worden en dat beantwoordt aan de definitie van een bestemming (woning, niet-residentieel, gemeenschappelijk deel, andere). bedient
- of ten minste één verdieping bedient waar meer dan 80% van de gebruiksoppervlakte wordt ingenomen door kantoren
- of ruimten bedient waarvan de grondoppervlakte > of = 500 ² bedraagt.
De na te leven kenmerken van de opdeling zijn te vinden in de infofiche Verdeling van distributienetten voor verwarmingswater, ijswater en lucht (271 Kb - .pdf).
Variatie van het verse luchtdebiet naargelang de reële bezetting
In ruimten met een variabele menselijke bezetting (auditorium, sporthal, winkelcentrum, auditorium, enz.) moet het luchtdebiet van nieuwe ventilatiesystemen van minstens 2000 m³/u, die in combinatie werken met een verwarmings- of klimaatregelingssysteem, automatisch variëren volgens de bezetting.
De details van deze vereiste worden beschreven in de infofiche Mechanische ventilatie: variatie van het verse luchtdebiet naargelang de reële bezetting (328 Kb - .pdf).
Warmteterugwinning op ventilatiesystemen met dubbele stroom
Als een mechanisch ventilatiesysteem met dubbele stroom volledig wordt geplaatst of vervangen, moet het worden uitgerust met een warmteterugwinningsvoorziening om bijvoorbeeld de toegevoerde lucht of het sanitair warm water voor te verwarmen. Deze vereiste geldt voor nieuw geïnstalleerde systemen waarvan het nominale debiet aan verse lucht van de toevoereenheid groter is dan of gelijk is aan 2000 m³/u.
Raadpleeg voor meer informatie de infofiche over Warmteterugwinning op ventilatiesystemen met dubbele stroom (243 Kb - .pdf).
Systemen voor gebouwautomatisering en -controle
Sinds 1 januari 2025 is op verwarmings-, klimaatregelings- en ventilatiesystemen in tertiaire gebouwen (d.w.z. een gebouw waarin ten minste 50% van het vloeroppervlak wordt ingenomen door niet-residentiële EPB-eenheden) een automatiserings- en controlevereiste van toepassing als de som van de nominale vermogens van de verwarmingsketels en warmtepompen groter is dan 290 kW, of als de som van de effectieve nominale vermogens van het klimaatregelingssysteem groter is dan 290 kW.
Dit automatiserings- en controlesysteem moet:
- het energieverbruik van het gebouw opvolgen, registreren, analyseren en voortdurend bijsturen;
- de energie-efficiëntie van het gebouw vergelijken met referentiewaarden om verliezen in de efficiëntie van de technische systemen van het gebouw te detecteren, de persoon die verantwoordelijk is voor de installaties of het technisch beheer van het gebouw hierover informeren en mogelijkheden tot verbetering in kaart brengen;
- communiceren met aangesloten gebouwsystemen en andere apparaten in het gebouw, en interoperabel zijn met technische gebouwsystemen met verschillende soorten gepatenteerde technologieën, uitrustingen en fabrikanten.
Een infofiche biedt meer informatie over Systemen voor gebouwautomatisering en -controle (240 Kb - .pdf)
Afwijkingen in geval van onhaalbaarheid
Onder bepaalde voorwaarden zijn gedeeltelijke of volledige afwijkingen van deze eisen mogelijk om technische, functionele of economische redenen, of om redenen van erfgoedbehoud.
Meer informatie hierover vindt u op de pagina afwijkingen van de EPB-eisen.
Sancties bij niet-naleving
Eigenaars die zich niet houden aan de eisen van de EPB-regelgeving lopen het risico op een administratieve boete en/of een strafrechtelijke sanctie.
informatie hierover vindt u op de pagina over boetes en sancties bij overtreding van de EPB-regelgeving.
Controle van de naleving van de EPB-vereisten bij technische installaties
De naleving van de eisen van de EPB-reglementering voor technische installaties wordt gecontroleerd door EPB-verwarmings- en klimaatregelings-professionals die zijn erkend door Leefmilieu Brussel:
- bij de plaatsing van een nieuwe verwarmingsketel: op het moment van de EPB-oplevering van het verwarmingssysteem
- bij de plaatsing van een waterverwarmingstoestel op gas: op het moment van de 1ste EPB-periodieke controle
- bij de plaatsing van een koelsysteem: tijdens de 1ste EPB-diagnose
- tijdens de levensduur van de verwarmingsketels en warmwatertoestellen: op het moment van EPB-periodieke controle
- tijdens de levensduur van verwarmingssystemen van type 2: tijdens een EPB-diagnose
- tijdens de levensduur van de klimaatregelingssystemen: tijdens een EPB-diagnose
Raadpleeg de pagina over verplichte controles en onderhoud van technische systemen.
Goed om te weten
Wilt u specialist worden van de EPB-regelgeving? Raadpleeg de pagina om verwarmings- en/of klimaatregelingsprofessional te worden.
Om te downloaden
Systeemeisen
- Energiemeters te voorzien in het kader van de EPB reglementering voor technische installaties (1,1 Mo -.pdf)
- Energieboekhouding (280 Kb - .pdf)
- Modulatie van de brander (395 Kb - .pdf).
- Thermische isolatie van leidingen en toebehoren voor circuits met verwarmingswater en lussen voor sanitair warm water
- Thermische isolatie van leidingen en toebehoren die ijswater verdelen
- Thermische isolatie van luchtcirculatiekanalen (549 Kb - .PDF)
- Modellen van logboek verwarming - type 1 (455 Kb - .pdf) en logboek verwarming - type 2 (599 Kb. -pdf) gebruiken.
- Toestellen aangesloten op een collectieve schoorsteen (846 Kb. .pdf)
- Dimensioneringsnota voor warmtegeneratoren en koelinstallaties (220 Kb. -.pdf)
- Verdeling van distributienetten voor verwarmingswater, ijswater en lucht (271 Kb - .pdf)
- Warmteterugwinning uit ventilatiesystemen met dubbele stroom (243 Kb - .pdf)
- Regeling van warmtegeneratoren en van warmtedistributie- en warmteafgiftesystemen (628 Ko -.pdf)
- Systemen voor gebouwautomatisering en -controle (240 Kb - .pdf)
- Mechanische ventilatie: variatie van het verse luchtdebiet naargelang van de reële bezetting
Eisen voor goede werking
- Staat van de afvoerkanalen van verbrandingsgassen en van de aanvoerkanalen van verbrandingslucht (.pdf)
- Onderdruk in het rookgasafvoerkanaal (.pdf)
- Verbrandingsmeetopeningen
- Verbranding en emissies (.pdf)
- Ventilatie van de verwarmingsruimte (.pdf)
- CO in de omgevingslucht van de verwarmingsruimte (.pdf)
- Veiligheidsvoorzieningen voor verwarmingsketels en waterverwarmingstoestellen op gas (.pdf)
Contact
Contact
U bent een erkend EPB-professional, architect of een andere bouwprofessional:
- Neem contact op met de Facilitator Duurzame Gebouwen en Facilitator Mede-eigendom
U bent een beheerder van een niet-residentieel openbaar gebouw:
- Neem contact op met het loket RenoClick
U bent een kmo of social profit:
- Neem contact op met een EnergiePack-adviseur
U bent een andere professional:
- Informatie over privéhuisvesting: neem contact op met Homegrade of het Netwerk Wonen
- Informatie over werken waarvoor een vergunning nodig is: neem contact op met de EPB-medewerker van de dienst Stedenbouw van uw gemeente
- Neem voor uw andere EPB-vragen contact op met een erkende EPB-professional of uw architect
Alle EPB-pagina's voor professionals
Nuttige links
- Overzicht van de EPB-regelgeving in het Brussels Gewest
- EPB-certificaten
- EPB-doelen voor elk gebouw en EPB-eisen bij werken
- Technische installaties: EPB-eisen
- Technische installaties: EPB-controles en onderhoud
- EPB-certificateur worden
- Tools voor EPB-certificateurs Wooneenheid
- Tools voor EPB-certificateurs Niet-residentieel
- Tools voor EPB-certificateurs Openbaar gebouw
- Register van de EPB-certificaten van de Brusselse woningen
- Statistieken over EPB-certificaten voor woningen
- EPB-adviseur worden
- Tools voor EPB-adviseurs en architecten
- EPB-formulieren voor werken met een stedenbouwkundige vergunning
- EPB-professional worden voor technische installaties
- Tools voor EPB-professionals voor technische installaties
- Vind een EPB-professional
- Mede-eigendom: EPB-beheer
- Overheden: voorbeeldfunctie op het vlak van EPB
- Register van de EPB-certificaten openbare gebouwen
- Afwijkingen van de EPB-eisen
- Boetes en sancties bij inbreuken op de EPB-regelgeving
- Gecoördineerde wetgeving van de EPB-regelgeving
- Niet-gecoördineerde wetgeving van de EPB-regelgeving
- Het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing (BWLKE)