U bent hier

Myxomatose bij konijnen die vrij in de natuur leven

Occasioneel worden er in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (al dan niet dode) konijnen waargenomen die lijden aan myxomatose. Deze ziekte bij konijnen die vrij in de natuur leven, is enkel gevaarlijk voor konijnen die als huisdier gehouden worden en is volledig ongevaarlijk voor andere huisdieren en voor de mens.

Wat is myxomatose?

Myxomatose wordt veroorzaakt door het myxomavirus dat behoort tot de familie van de pokkenvirussen (zoals de pokken). Het tast enkel en alleen konijnen aan, hoewel het in enkele zeldzame gevallen ook bij hazen aangetroffen werd.

De ziekte kan in alle seizoenen voorkomen, maar men treft de zieke konijnen vooral in de nazomer aan omdat er dan veel muggen zijn. De ziekte komt ook veel voor in vochtige gebieden (waar veel muggen broeden), maar niet uitsluitend daar.

Symptomen en verloop van de ziekte

Konijnen met myxomatose krijgen zwellingen aan de kop (nl. aan de oogleden, neus, oorbasis, oorschelpen). Soms worden dat echte knobbelige gezwellen en het kan ook dat de hele kop van het dier gaat zwellen. De ogen gaan etteren. De zieke konijnen kunnen niet meer zien, niet meer eten, en kunnen ook niet meer vluchten bij gevaar, zodat het gemakkelijke slachtoffers worden voor prooidieren. Uiteindelijk gaan ze heel erg verzwakken en sterven. Ze kunnen tot twee weken ziek zijn.

Soms stelt men een minder erge vorm van de ziekte vast: de besmette konijnen krijgen ademhalingsproblemen of enkel en alleen maar een lichte oogontsteking. Sommige konijnen met deze milde vorm kunnen genezen, waardoor ze een goede afweer opbouwen en de ziekte geen tweede keer kunnen krijgen.

Hoe krijgen konijnen myxomatose?

De besmetting wordt van konijn op konijn overgebracht door stekende of bijtende insecten zoals muggen, steekvliegjes, konijnenvlooien, mijten, teken, en waarschijnlijk ook door puntige voorwerpen (bv. distels) waar het door langsgekomen konijnen op achtergelaten werd.
De ziekte kan niet behandeld worden en de klassieke vorm ervan is altijd fataal voor besmette konijnen.

Preventieve maatregelen bij huisdieren

Enkel konijnen die als huisdier gehouden worden kunnen myxomatose oplopen. Uiteraard mag een ziek konijn, of het nu myxomatose heeft of een andere ziekte, niet geslacht worden voor consumptie wegens hygiënische redenen; er zijn immers massa’s bacteriën (zoals bv. staphylococcen) die bovenop de virusinfectie erbij komen. Eveneens om hygiënische redenen raakt u in het algemeen best geen dode dieren aan, maar zoals reeds gezegd is de ziekte niet besmettelijk voor de mens noch voor andere huisdieren.

Tamme huiskonijnen kunnen beschermd worden door ze af te schermen voor muggen en andere steekinsecten. Een huiskamerkonijntje dat niet buiten komt loopt aldus minder gevaar dan konijnen die buiten of in een stalletje gehouden worden. Tamme konijnen kunnen bovendien goed beschermd worden door vaccinatie; dit dient door uw dierenarts te gebeuren. Door een jaarlijkse inenting - liefst in het voorjaar of aan het begin van de zomer alvorens er veel muggen zijn - kan men de konijnen heel goed beschermen in een gebied waar de ziekte voorkomt bij konijnen die vrij in de natuur leven. Voor nog niet gevaccineerde tamme konijnen is het aan te raden om ze zo vlug mogelijk te vaccineren vanaf het moment dat de ziekte gemeld wordt bij konijnen die vrij in de natuur leven.

Preventie bij konijnen die vrij in de natuur leven

Het is onmogelijk om konijnen die vrij in de natuur leven tegen de ziekte te beschermen. De weinige konijnen die de ziekte overleven zullen een goede afweer opgebouwd hebben. Hierdoor zal het een tijd duren voordat de ziekte opnieuw opduikt in hetzelfde gebied.

Geschiedenis

Tot 1950 kwam het virus uitsluitend voor in Noord- en Zuid-Amerika bij “cottontail”-konijnen die vrij in de natuur leven (genus Sylvilagus) en die, als natuurlijke gastheren van het virus, er niet ziek van worden. Vanaf 1900 werd echter in de beide Amerika’s de ziekte myxomatose beschreven bij tamme konijnen. Na 1950 werd het virus moedwillig overgebracht naar Australië met de bedoeling om daar de overpopulatie van (niet-inheemse) konijnen op biologische wijze te bestrijden. Ook in Frankrijk werd het virus in 1952 binnengebracht in een privédomein, van waaruit het kon ontsnappen en zich snel over heel Europa kon verspreiden. 

Datum van de update: 23/08/2018