U bent hier

Dierproeven, een strikt omlijnde praktijk

In België, en conform de Europese wetgeving, zijn dierproeven streng gereglementeerd: de dieren die voor proeven worden gebruikt, genieten wettelijke bescherming en alle instituten, die vooraf erkend moeten zijn, zijn onderworpen aan controles.

Erkende inrichtingen

Alle instituten die dieren gebruiken, fokken en leveren voor dierproeven, moeten vooraf erkend zijn door de Minister die bevoegd is voor dierenwelzijn. Om deze erkenning te krijgen, dient de verantwoordelijke van de inrichting een aanvraagformulier in te vullen met een beschrijving van de aard van de dierproeven, de verzorging van de dieren, de huisvestingsfaciliteiten en het opleidingsniveau van het personeel. Een reeks van documenten, door de wet vastgelegd, moet bij de aanvraag worden gevoegd. In bepaalde gevallen wordt de erkenning verkregen onder voorbehoud van een gunstige inspectie, ter plaatse, door de Departement Dierenwelzijn. Elke wijziging moet zo snel mogelijk worden meegedeeld aan deze dienst.

Gespecialiseerde leveranciers

Muizen, ratten, hamsters, cavia’s, woestijnmuizen, konijnen, kikkers, zebravissen, niet-menselijke primaten, honden en katten mogen alleen in dierproeven worden gebruikt indien ze hier specifiek voor zijn gefokt. Deze dieren moeten dus afkomstig zijn van erkende fokkers, en hun huisvestingsfaciliteiten zijn streng gereglementeerd.

Voorafgaande erkenning

Gebruikers die dierproeven willen uitvoeren, moeten hun onderzoeksprojecten vooraf ter goedkeuring voorleggen aan een Lokale Ethische Commissie, die ook de doelstelling van het project beoordeelt en toeziet op het vereiste opleidingsniveau van het personeel. Ze moeten verplicht een niet-confidentiële en niet-technische samenvatting opstellen, die beschikbaar wordt gesteld voor het publiek. Deze samenvatting bevat informatie over de doelstellingen van de dierproef, het aantal en de soorten gebruikte proefdieren, de voor- en nadelen van het onderzoek en de inspanningen gedaan voor naleving van de verplichting om alternatieve methoden voor dierproeven toe te passen. De Lokale Ethische Commissies genieten de steun van een nationaal Deontologisch Comité dat erop toeziet dat goede praktijken worden gedeeld.

Niet-technische samenvattingen van de in 2017 vergunde projecten (.pdf) De gepubliceerde gegevens vallen onder de volledige verantwoordelijkheid van de auteur van de NTS.

Vorige NTS:

De verplichting alternatieve methodes te zoeken

De gebruikers zijn wettelijk verplicht om methodes te gebruiken die dierproeven kunnen vermijden of beperken, of waarvoor minder gevoelige diersoorten kunnen worden ingezet. De lijst van verboden dierproeven wordt regelmatig bijgewerkt, naargelang van de evolutie van de gevalideerde methoden. Zo zijn dierproeven verboden voor het testen van cosmetische producten of voor de ontwikkeling van tabaksproducten. Het is ook niet toegestaan om grote apen te gebruiken als proefdier.

Gereglementeerd transport

Het vervoer van proefdieren wordt beschouwd als commercieel vervoer en is dus strikt gereglementeerd. Zieke of gewonde dieren mogen slechts worden vervoerd indien hun toestand rechtstreeks samenhangt met het officieel toegelaten onderzoeksprogramma. In geen geval mag het vervoer extra lijden meebrengen, en de eventueel noodzakelijke zorgen moeten worden verleend.

Voor meer informatie over het commercieel vervoer van dieren

Operationele verplichtingen

De verantwoordelijke van de erkende instelling moet een aantal verplichtingen naleven:

  • Een register bijhouden: het register wordt op dagelijkse basis bijgehouden en vermeldt de herkomst, de identificatie (individueel of per lot) en de bestemming van de dieren. Honden, katten en niet-menselijke primaten moeten individueel geïdentificeerd worden, door middel van een tatoeage of een microchip.
  • De aanstelling van een deskundige: de verantwoordelijke van een instelling moet een dagelijkse controle organiseren door een deskundige die het dierenwelzijn en de dierengezondheid opvolgt. De deskundige voert zijn controles uit aan de hand van een checklist, en bezorgt een driemaandelijks verslag aan de Departement Dierenwelzijn.
  • Een lokale cel "Dierenwelzijn": deze cel ziet er in het bijzonder op toe dat de aanbevelingen van de deskundige worden nageleefd. Ze ziet er ook op toe dat gevolg wordt gegeven aan de aanbevelingen van de Ethische Commissie die het onderzoeksproject heeft goedgekeurd.

Een zeer strenge controle

Gebruikers, fokkers of leveranciers van laboratoriumdieren kunnen op elk moment gecontroleerd worden door de Departement Dierenwelzijn, die de kwaliteit van de huisvesting en de verzorging van de dieren controleert, alsook de naleving van de procedures. Elk jaar moeten de gebruikers van proefdieren ook statistische gegevens verstrekken aan de hand waarvan de evolutie in het proefdiergebruik kan worden opgevolgd.

Datum van de update: 10/08/2018