Een koolstofarme strategie 2030 & 2050 voor Leefmilieu Brussel
- Klimaat
- Lucht
- Vervuiling
- Strategie
- Uitstoot
De koolstofarme strategie van Leefmilieu Brussel streeft naar een vermindering van de uitstoot met 60% voor brandstoffen en 90% voor elektriciteit tegen 2030. Ook voor alle andere indirecte emissies (scope 3), zoals aankopen, zal Leefmilieu Brussel een reductiedoelstelling invoeren, maar deze is nog niet gekwantificeerd. De strategie bestaat uit een portfolio van 5 programma's en 52 projecten/initiatieven waarbij 6 sponsors en 6 managers betrokken zijn.
De strategie is opgebouwd rond 5 grote pijlers:
- Mobiliteit: de modal shift naar koolstofarme oplossingen verder uitbreiden.
- Patrimonium: beschikken over een patrimonium dat neutraal is over zijn hele levenscyclus (directe of indirecte emissies) en dat hulpbronnen vrijwaart.
- Aankopen: de duurzaamheid van aankopen versterken.
- Afval: intern toewerken naar zero afvalHet begrip “zero afval” verwijst naar een idee, een manier van leven en een maatschappelijke beweging. De idee, die door enkele pioniers geopperd wordt, is om te gaan naar burgers, gezinnen, organisaties of ook industriële processen die functioneren zonder daarbij afval te produceren, en als logische aanvulling ook door minder hulpbronnen te verbruiken. Hoewel het bereiken van nul afval waarschijnlijk onmogelijk is, zegt de radicale uitdrukking van dit begrip iets over de ambitie die erachter zit: alle facetten van hoe iets functioneert, moeten opnieuw geëvalueerd worden met als doel een drastische vermindering van de productie van afvalstoffen.” en extern afval voorkomen en verminderen.
- IT: IT-middelen optimaliseren en de behoeften van gebruikers kritisch bekijken.
Historiek
Deze historiek toont de verschillende fases die nodig waren voor de officiële lancering van de koolstofarme strategie in 2023.
Lees de transcriptietekst
2011: Label Ecodynamische Onderneming (oude systeem). Eerste berekening van de Bilan Carbone® (scope 1 en 2) van Leefmilieu Brussel.
2013: Eerste berekening van de Bilan Carbone® (scope 1, 2 en 3) van Leefmilieu Brussel.
2017: De Raad van Bestuur gaat voor groen en in de EMAS-verklaring milieumanagement wordt de ambitie ingeschreven om tot een koolstofarme strategie richting 2050 te komen.
2018: EMAS-inschrijving van Leefmilieu Brussel.
2019-2021: Label Ecodynamische Onderneming (nieuwe systeem). Compilatie van de Bilan Carbone® van de activiteiten van LB uit de periode 2013-2019 en methodologische aanpassingen.
2022: De Raad van Bestuur gaat voor groen inzake de koolstofarme strategie en de aanpassing aan de klimaatverandering. Organisatie van 5 werkgroepen met het oog op het opstellen van een actieplan koolstofarme strategie.
2023: Selecteren en structureren van de acties in het kader van de koolstofarme strategie. Officiële start van de uitvoering van de koolstofarme strategie.
De Bilan Carbone®-methode
Onderstaande infografiek geeft een overzicht van de emissiecategorieën waaruit de Bilan Carbone® bestaat. De Bilan Carbone® omvat een totaal van bijna 7.764 ton CO2eq die rechtstreeks en onrechtstreeks wordt uitgestoten voor de werking van Leefmilieu Brussel in 2024, wat overeenkomt met iets meer dan 6 ton CO2eq per voltijdsequivalent.
Lees de transcriptietekst
Een kader die de koolstofneutraliteitdoelstellingen voor de activiteiten van Leefmilieu Brussel in 2050 toont.
- Uitstoot van broeikasgas: 7475 ton CO2-equivalent.
- Personeel: 1239 voltijdse equivalenten.
- Eén voltijdequivalent is gelijk aan 6,033 ton CO2-equivalent.
Een diagram van de koostofbalans van 2023 in de vorm van verschillende categorieën weergegeven in percentages:
- Energie (5,79%): Verwarming van gebouwen en elektriciteit van hernieuwbare oorsprong en zonnepanelen.
- Koelgas (0,47%): Koelkasten en verkoelingssysteem.
- Vaste activa (41,25%): Gebouwen, wagenpark, materiaal en computers.
- Afval (4,18%): Kantoren, werkplaatsen en groenvoorziening.
- Mobiliteit (4,67%): Brandstof van de vloot en woon-werkverplaatsingen.
- Vrachtvervoer (0,27%): Bezorgingen door leveranciers.
- Aankoop (43,36%): Consumptiegoederen, werkingskosten, studies, enz.
Evolutie 2013-2023: +40% voltijdse equivalenten (VTE). -22,7% ton CO2-equivalent per VTE.
De Bilan Carbone®-oefening houdt dus rekening met alle emissies (direct en indirect) die verband houden met de activiteiten van Leefmilieu Brussel.
Die emissies worden onderverdeeld in 3 'scopes':
- Scope 1 omvat de directe emissies, voornamelijk:
- emissies bij het verbranden van gas en stookolie om gebouwen te verwarmen (hoofdkantoor en externe locaties);
- brandstof die wordt verbruikt door de voertuigen van de vloot van Leefmilieu Brussel;
- diffuse emissies van koelgassen uit airconditioning- en koelsystemen.
- Scope 2 omvat de indirecte emissies die verband houden met de productie van elektriciteit (en stoom en koeling) die in het kader van onze activiteiten wordt verbruikt, voornamelijk het elektriciteitsverbruik in gebouwen.
- Scope 3 omvat de rest van de indirecte emissies die verband houden met onze activiteiten en die zijn opgenomen in de categorieën van de infografiek:
- emissies van het woon-werkverkeer van werknemers;
- vaste activa, d.w.z. broeikasgasemissies (BKG) door de bouw van gebouwen (hoofdkantoor, technische sites, paviljoenen, kleedkamers, garages enz.), de inrichting van parken of het vervaardigen van vaste activa (voertuigen, computerpark, machines, wetenschappelijk materiaal enz.);
- de uitstoot van de verwerking van het door Leefmilieu Brussel geproduceerde of beheerde afval;
- het transport van in- en uitgaande leveringen bij Leefmilieu Brussel;
- de aankopen, d.w.z. de emissies die verband houden met de productie van de aangekochte materialen (uniformen, kantooruitrusting enz.) en diensten.
Lees de transcriptietekst
Scope 1 (le plus au centre) : Transports professionnels contrôlés, fuite des fluides frigorigènes, combustibles.
Scope 2 (intermédiaire) : Réseau électrique, réseau de chaleur urbain.
Scope 3 (extérieur) : En amont, le transport et la distribution, les déplacements professionnels, les activités liées à l’énergie, les activités liées aux combustibles, les déplacements domicile-travail. En aval, le traitement des déchets, l’utilisation des produits vendus, les actifs loués, les investissements et le transport et la distribution.
De Bilan Carbone®-oefening en haar beperkingen
De Bilan Carbone® wordt uitgevoerd volgens de Bilan Carbone®-methode, erkend door ADEME (het Franse Agentschap voor Ecologische Transitie) en waarvoor de Association Bilan Carbone® (ABC) de methodologische gidsen bijhoudt.
De Bilan Carbone® is gebaseerd op het verzamelen van gegevens over activiteiten (bijvoorbeeld afgelegde kilometers of kWh elektriciteit), die vervolgens worden omgezet in broeikasgasemissies, uitgedrukt in ton CO2-equivalent (tCO2e), waaronder dus ook gassen vallen zoals methaan of koelgassen. Deze omrekening wordt uitgevoerd met behulp van emissiefactoren (bv. tCO2e per kWh of per km) uit de database die gekoppeld is aan de tool Bilan Carbone®, de Base Carbone. In sommige gevallen werden specifieke factoren (buiten de Base Carbone) gebruikt (bijv. voor de geleverde groene elektriciteit).
De meest relevante emissiefactoren worden gebruikt. De nauwkeurigheid van de emissieschattingen, vooral voor Scope 3, hangt echter sterk af van van de kwaliteit van de beschikbare gegevens (gegevens over fysieke stromen zoals tonnen bakstenen zijn van betere kwaliteit dan die over financiële stromen zoals de kosten van een bouwplaats) en van de bestaande emissiefactoren (gemiddelde waarden voor een materiaal of sector, die niet altijd de specifieke kenmerken van herkomst of goede prestaties weerspiegelen).
De gegevens die binnen Leefmilieu Brussel worden verzameld en door de dienst Ecopratique worden gecentraliseerd, worden geconsolideerd en gebruikt om de totale Bilan Carbone® te berekenen. Door het voortdurende verbeteren van de gebruikte gegevens en emissiefactoren vormen de gepresenteerde resultaten de best haalbare schatting die momenteel kan worden gemaakt, met een geschatte foutmarge van 12% voor de Bilan Carbone® 2019 in zijn geheel.
Evolutie van de uitstoot sinds 2013
In 2013 stelde Leefmilieu Brussel haar volledige Bilan Carbone® op. Sindsdien krijgt die elk jaar een follow-up om toe te zien op trends en er conclusies uit te trekken.
Goed om te weten
Het referentiejaar ‘ref 2013’ komt overeen met 2013, maar het elektriciteitsverbruik wordt berekend met een emissiefactor die overeenkomt met ‘grijze’ in plaats van ‘groene’ elektriciteit.
Het doel van deze methodologische referentiekeuze is om veranderingen in broeikasgasemissies op lange termijn weer te geven (idealiter sinds 1990). Leefmilieu Brussel was een voorloper in het leveren van hernieuwbare elektriciteit. Aangezien deze groene leveringen plaatsvonden vóór de eerste Bilan Carbone® in 2013, kozen we ervoor om een fictieve referentie te gebruiken die overeenkomt met 2013 met ‘conventionele’ elektriciteit. Zo kan de reeds geleverde inspanning worden weergegeven.
We zien dat de broeikasgasemissies van Leefmilieu Brussel in hun geheel gedaald zijn tussen de referentie van 2013 en 2017, en dat er een opwaartse trend is tussen 2017 en 2021. In deze periode is het aantal werknemers echter aanzienlijk toegenomen, met 5% meer personeel tussen 2013 en 2016, gevolgd door een versnelling met 21% meer fte's tussen 2016 en 2021.
De relatieve emissies (op basis van voltijdsequivalenten) zijn in de periode 2013-2021 met 17% gedaald. Als we rekening houden met de eerdere overschakeling op groene elektriciteit komen we tot een vermindering van 22,5%.
- Energie: verbruik van elektriciteit, gas, stookolie, biomassaGeheel van planten en dieren, alsook het daarmee gepaard gaande organische afval. De plantaardige biomassa komt uit de fotosynthese voort en is een bron van hernieuwbare energie.
In het decennium 2010 is deze post voor broeikasgasemissies sterk geëvolueerd, enerzijds door de verhuizing van het hoofdkantoor naar Thurn & Taxis en anderzijds door de bijzondere aandacht voor het onderhoud (renovatie) en het gebruik (REG) van het patrimonium.
Sinds 2013 kiest Leefmilieu Brussel voor 'groene' elektriciteit, d.w.z. elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. Dat wordt weergegeven in de kolom 'ref 2013' om de winst te laten zien die dat jaar al werd geboekt.
- Aankopen: materiaal, studies, werkingskosten enz. (exclusief premies en subsidies)
Deze post van broeikasgasemissies is stabiel gebleven gedurende het decennium. Aangezien het hier meestal om diensten gaat, en CO2-informatie slechts marginaal beschikbaar is, is het momenteel moeilijk om er iets aan te doen.
- Mobiliteit: woon-werkverkeer en professionele verplaatsingen
De trend in de uitstoot van broeikasgassen door de mobiliteit voor Leefmilieu Brussel daalt sterk sinds 2013. De verhuizing naar Thurn & Taxis heeft geleid tot een sterke toename van het gebruik van het openbaar vervoer en een afname van het gebruik van de auto voor woon-werkverkeer. Het aantal professionele verplaatsingen is ook afgenomen. Ten slotte is tussen 2019 en 2021, door de coronacrisis en de toepassing van telewerkmaatregelen, een aanzienlijke afname van de mobiliteit waargenomen.
- Vaste activa: werkmiddelen (gebouwen, wagenpark, IT-park)
Deze post van broeikasgasemissies is aanzienlijk toegenomen sinds 2013. Nieuwe groene ruimten en de bijbehorende gebouwen zijn ‘toegewezen’ aan Leefmilieu Brussel, en het wagenpark is ook gegroeid in lijn met de toegenomen behoefte aan beheer van groene ruimten.
De posten energie en mobiliteit die in 2013 doorslaggevend waren (23% voor energie en 21% voor mobiliteit) zijn dus enorm gedaald en vertegenwoordigen daarom verhoudingsgewijs minder emissies (8% in 2019 voor energie en 13% in 2019, zelfs 3% in 2021, voor mobiliteit). Deze vermindering is het gevolg van zowel strategische keuzes (verhuizing, renovatie enz.) als de specifieke context (coronacrisis). Vaste activa en aankopen, die al aanwezig waren in 2013 (respectievelijk 25% voor vaste activa en 25% voor aankopen), zijn gestegen, zowel absoluut als relatief (43% in 2019, zelfs 45% in 2021, voor vaste activa en 28% in 2019, zelfs 38% in 2021, voor aankopen). Als gevolg hiervan vallen deze indirecte emissies vandaag sterker op en vereisen ze meer aandacht.
Het proces van ambitievorming
Om een ambitieuze maar realistische doelstelling vast te leggen voor de vermindering van de emissies van Leefmilieu Brussel tegen 2050, werden strategische doelstellingen bepaald voor 5 prioritaire thema's uit de belangrijkste emissieposten van de Bilan Carbone®.
Lees de transcriptietekst
- Mobiliteit: De modal shift naar koolstofarme oplossingen veralgemenen.
- Patrimonium: Patrimonium dat neutraal is over zijn levenscyclus (directe en indirecte emissies) met behoud van hulpbronnen.
- Aankopen: Duurzaamheid van aakopen versterken.
- Afval: Intern, op weg naar nul afval. Extern, afval voorkomen en verminderen.
- IT: IT-middelen optimaliseren en behoeften van gebruikers uitdagen.
Thematische werkgroepen (WG) bestaande uit operationele en thematische deskundigen werden opgericht om de strategische en operationele doelstellingen te verfijnen en concrete voorstellen voor actie te identificeren.
In totaal namen 28 mensen deel aan deze werkgroepen in het voorjaar en de zomer van 2022.
De werkgroepen hebben het mogelijk gemaakt om:
- zich bewust te worden van de problemen en strategische doelstellingen (voorbeeldfunctie)
- de verantwoordelijke afdelingen te mobiliseren
- operationele doelstellingen en concrete acties om ze te bereiken op te stellen
- de benodigde middelen in te schatten
- het tempo waarin de belangrijkste indicatoren tegen 2030 en daarna moeten worden bereikt in te schatten
- de impact op de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 en daarna in te schatten
Niet minder dan 52 projecten/initiatieven werden geselecteerd na een langdurig intern selectieproces van de acties die door de werkgroepen werden voorgesteld. Ze zijn gestructureerd in 5 programma's die gecoördineerd worden door 5 duo’s van sponsors en program managers.
Doelstellingen en resultaten
De ambities van de koolstofarme strategie van Leefmilieu Brussel volgen 5 duidelijk afgebakende invalshoeken, die de vorm van programma's aannemen. Elk van de 5 programma's is gestructureerd rond doelstellingen voor 2030 (t.o.v. basisjaar 2019) en heeft zijn eigen prestatie-indicatoren.
1. De modal shift naar koolstofarme oplossingen verder uitbreiden
Leefmilieu Brussel beschikt over een wagenpark dat regelmatig wordt vernieuwd om de kwaliteit en de veiligheid te garanderen en om de koolstofuitstoot aanzienlijk te verminderen.
Bovendien zet Leefmilieu Brussel zich al meer dan 25 jaar in om het gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer te promoten (fietsvergoeding, uitgebreide fietsenstallingen, bewustmakingsevenementen, fietsenaanbod, herstellingsdienst enz.). Elk personeelslid heeft ook een gratis abonnement voor het openbaar vervoer.
De milieudoelstellingen zijn als volgt:
- De koolstofuitstoot van brandstof voor het thermisch aangedreven wagenpark met 50% verminderen
- Het totale aantal afgelegde kilometers met 20% verminderen
- De koolstofuitstoot door woon-werkverkeer met 75% verminderen
- De koolstofuitstoot van professionele vliegreizen met 90% verminderen
- Het gewicht van het fietsen- en wagenpark met 15% verminderen
2. Een patrimonium dat neutraal is over zijn hele levenscyclus
De vastgoedportefeuille van Leefmilieu Brussel focust op de klimaattransitie via duurzame renovatie en nieuwbouw. De doelstellingen omvatten de renovatie van belangrijke technische sites, de samenwerking met interne programma's, het stimuleren van activiteiten in groene ruimten en het opwaarderen van ons patrimonium.
Om zich aan te passen aan de klimaatveranderingWijst op trage variaties van de klimaatskenmerken mettertijd, op een welbepaalde plaats: opwarming of afkoeling. Sommige vormen van luchtvervuiling, veroorzaakt door menselijke activiteiten, zijn een bedreiging voor het klimaat in de zin dat er een globale opwarming zou kunnen ontstaan. Dit verschijnsel kan belangrijke schade veroorzaken: stijging van de zeeniveaus, verergering van de uiterste klimaatsverschijnselen (droogtes, overstromingen, wervelstormen, enz.), destabilisatie van de bossen, bedreiging voor de zoetwatervoorraden, moeilijkheden voor de landbouw, woestijnvorming, vermindering van de biodiversiteit, verspreiding van tropische ziekten, enz. wil Leefmilieu Brussel het zomercomfort van de gebouwen verbeteren, het regenwater efficiënt beheren en de afvloeiing van water verminderen, en tegelijk de parken beschermen om de biodiversiteitDe diversiteit aan levende soorten die zich kunnen in stand houden en die zich zonder externe hulp kunnen voortplanten (fauna en flora). te behouden.
De milieudoelstellingen zijn de volgende:
- De directe uitstoot van de gebouwen met 50% verminderen.
- Het energieverbruik in PLAGE-gebouwen met 43% verminderen.
- Het verbruik in het Thurn & Taxis-gebouw met 3% verminderen.
- De productie van hernieuwbare energieHernieuwbare energie is energie uit hernieuwbare niet-fossiele bronnen, namelijk: wind, zon, aerothermische, geothermische, hydrothermische energie en energie uit de oceanen, waterkracht, biomassa, stortgas, gas van rioolzuiveringsinstallaties en biogassen. (RICHTLIJN 2009/28/EG). op alle locaties met 50% verhogen.
- Het waterverbruik in gebouwen en vestigingen met 50% verminderen.
- Het waterverbruik in het Thurn &Taxis-gebouw met 30% verminderen.
- Het aantal architectuurprojecten waarin rekening wordt gehouden met het milieu verhogen tot 80%.
- 30% van de projecten heeft grijze energieprestatiegegevens (via TOTEM21).
3. Duurzamere aankopen
Als eerste stap moet Leefmilieu Brussel haar vermogen ontwikkelen om opdrachten toe te kennen aan leveranciers op basis van de duurzame diensten die ze kunnen aanbieden. Om dit te bereiken, moeten de economische spelers zelf betrouwbare informatie kunnen verstrekken over de duurzaamheid van hun diensten. In tweede instantie zal het dan mogelijk zijn om te werken met leveranciers die zich inzetten om zich aan te passen aan de Europese ambities om broeikasgassen tegen 2050 met 90% te verminderen.
De milieudoelstellingen zijn de volgende:
- De koolstofuitstoot van de aankopen met 10% verminderen
- Duurzame clausules opnemen in 100% van de beoogde overheidsopdrachten (1 ster)
- Het Good Food-label voor de concessies van Leefmilieu Brussel behouden
4. Op weg naar zero afval intern en het beperken en sorteren van afval extern
Het afvalbeleid van Leefmilieu Brussel is erop gericht om de hoeveelheid geproduceerd afval te verminderen door de overgang te maken naar een circulaire, lokale en koolstofarme economie. Hiervoor moeten acties worden ondernomen op het vlak van preventie, vervanging, herstelling, hergebruikHergebruik is het behouden van een object om het te hergebruiken zoals het is, eventueel na een voorbereidingsfase voor hergebruik. Voorbeeld: bakstenen worden ontmanteld en hergebruikt voor een nieuwe muur, na te zijn schoongemaakt en gecontroleerd., selectieve inzameling en recyclageRecyclage is de vernietiging van afval om nieuwe materialen te produceren. Voorbeeld: inert afval wordt vermalen om granulaten te produceren die in wegfunderingen worden gebruikt.
Daarnaast gaat er ook bijzondere aandacht naar het monitoren van het afval met de grootste koolstofuitstoot waarvoor actie kan worden ondernomen.
De milieudoelstellingen zijn de volgende:
- Het totale volume afval per stroom op de site van Thurn & Taxis met 60% verminderen.
- Het gewicht van het afval uit parken en bosbouw dat verbrand wordt met 15% verminderen.
- Het gewicht van het geëxporteerde groenafval met 50% verminderen.
5. IT-middelen optimaliseren en gebruikersbehoeften kritisch bekijken
Als antwoord op de exponentiële groei van de milieu-impact van digitalisering zet Leefmilieu Brussel in op digitale soberheid. Deze aanpak is met name gebaseerd op de bewustmaking van het personeel van de impact van de digitale infrastructuur en de beste praktijken die moeten worden toegepast.
De milieudoelstellingen zijn de volgende:
- De koolstofuitstoot van het computerpark met 60% verminderen
- Het aantal IT-apparaten per persoon met 30% verminderen
- De gemiddelde leeftijd van het IT-park (computers, schermen, printers, tv's, mobiele telefoons/smartphones) met 25% verhogen.
Om te dowloaden
- pdfMilieuverklaring 2024(.PDF, 2.41 MB)
- pdfDe Milieu Management Verklaring 2024(.PDF, 6.61 MB)
Contact
Mail ons gerust voor meer informatie via emasBE@environnement.brussels.