U bent hier

Focus: De recente significante overstromingen

Actualisering : februari 2020

Tussen 2007 en 2017 vonden in het Brussels Gewest niet minder dan 19 significante overstromingen plaats (met een terugkeerperiode van meer dan of gelijk aan 10 jaar). Zeven van die overstromingen hadden een lokale maximale terugkeerperiode van meer dan 100 jaar. Ze waren allemaal afkomstig van overtollig regenwater of opstuwend rioolwater. Zes overstromingen gingen ook gepaard met de overstroming van de waterlopen. De meeste significante overstromingen vonden plaats in de lente en zomer. 

Een moeilijk op te stellen inventaris van historische overstromingen

Het Brussels Gewest wordt blootgesteld aan een risico op overstromingen en dit is niet nieuw. Maar ook al vermelden de archieven van persberichten bepaalde opmerkelijke evenementen, het is moeilijk een gedetailleerde historiek van vroegere overstromingen op te stellen en de overstroomde gebieden precies te kennen.

De provincie Brabant, die bevoegd was voor het grondgebied vóór de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, had de grote waterwegen die in de loop van de vorige eeuw overstroomden opgelijst. Maar het is pas sinds 1997 dat we over een voldoende nauwkeurige inventaris beschikken (adressenlijst). Deze inventaris was of is gevoed door verschillende bronnen: het Rampenfonds (1999-2007), de DBDMH (interventies van de brandweer), Vivaqua (beheerder van het rioleringsnet) en de gemeenten. 

Deze gegevensbank bevat evenwel systematische fouten: de bewoonde gebieden of gebieden met economische activiteiten zijn goed vertegenwoordigd, terwijl er geen gegevens zijn voor de groene ruimten. De gegevens komen effectief van instanties met als voornaamste doel het herstellen, beperken of vergoeden van materiële en economische schade als gevolg van overstromingen. 

19 significante overstromingen tussen 2007 en 2017

Niet minder dan 19 significante overstromingen werden geteld tussen 2007 en 2017, ofwel gemiddeld bijna 2 overstromingen per jaar. Dit is het resultaat van een vergelijkende analyse tussen de neerslagomstandigheden en de waarnemingen van overstromingen (Leefmilieu Brussel, 2018). Een overstroming werd significant geacht voor alle regenval in de terugkeerperiode van meer dan of gelijk aan 10 jaar: met andere woorden, die een kans van 10% of minder heeft om zich in de loop van het jaar voor te doen. Deze terugkeerperiode komt overeen met het verhoogde gevaar op de kaart van overstromingsgevaargebieden .

De terugkeerperiodes die verbonden zijn met neerslag van een gegeven intensiteit en periode werden berekend voor het referentieweerstation van Ukkel, vanaf de waarnemingen van 1898 tot 2007 (Van de Vyver, 2015). De terugkeerperiode van 10 jaar komt bijvoorbeeld overeen met een totale neerslag van 25,7 mm in 1h of nog 62 mm in 24h. Deze resultaten worden vervolgens vergeleken met de metingen van 16 andere pluviometers (van het Flowbru-netwerk), die sinds 2007 in werking zijn, ter hoogte van elk van de zes deelstroomgebieden van het Gewest. De regenval in Ukkel werd zo vergeleken met de lokale referentieregenval ter hoogte van deze pluviometers. 

Voor elke significante regenval die ter hoogte van de stroomgebieden werd geïdentificeerd tussen 2007 en 2017 werden de waarnemingen van overstromingen afkomstig van de inventaris geselecteerd. 

Significante overstromingen die plaatsvonden in het BHG tussen 2007 en 2017 (regenval met een terugkeerperiode ≥ 10 jaar). 

Bron: Leefmilieu Brussel, de voorlopige overstromingsrisicobeoordeling, 2018
 

Overstromingen die gewoonlijk in de lente of zomer voorkomen

Tussen 2007 en 2017 werden 19 significante overstromingen geteld. Dit waren allemaal overstromingen door regenval (afvloeiend hemelwater) en opstuwende riolen. Zes van deze overstromingen vielen ook samen met fluviale overstromingen (overstromen van waterlopen). 

Aantal overstroomde adreswaarnemingen en maximale terugkeerperiode voor de significante overstromingen die plaatsvonden in het BHG tussen 2007 en 2017

Bron: Leefmilieu Brussel, de voorlopige overstromingsrisicobeoordeling, 2018

De lokaal geregistreerde maximale terugkeerperiode (ter hoogte van een stroomgebied) bedraagt 200 jaar. Ze heeft betrekking op 5 overstromingen, waaronder de top drie van het aantal meldingen (en dus a fortiori schade): 23 en 18 augustus 2011 met respectievelijk 935 en 400 meldingen en 7-8 juni 2016 met 190 meldingen. Twee overstromingen hadden een lokale maximale terugkeerperiode van 100 jaar. Het zijn dus 7 overstromingen afkomstig van het worst case scenario (gering gevaar) van de kaart van overstromingsgevaargebieden  die in een decennium werden geteld. Zeven andere overstromingsepisodes behoorden tot het occasioneel scenario (middelgroot gevaar) en 5 tot het vaak voorkomend scenario (groot gevaar). 

De meeste significante overstromingen (17 van de 19) vonden plaats in de lente of in de zomer. In deze seizoenen zijn de overstromingen gewoonlijk een gevolg van onweer, dat verantwoordelijk is voor intense regenval van korte duur: ze treffen dus zowel de gebieden bovenaan het stroomgebied als de gebieden in de dalen en worden gekenmerkt door plotselinge fenomenen. Terwijl de herfst en de winter eerder worden gekenmerkt door lange regenperioden: de overstromingen treffen dus vooral de dalen en zijn progressief. 

Welke impact heeft de klimaatverandering?

Door hun onduidelijkheid of korte tijdsdekking laten de ingezamelde historische gegevens niet toe om een eventuele tendens te onderscheiden in de kans op overstromingen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tussen 1900 en vandaag. 

De waarschijnlijke impact van de klimaatverandering in de komende jaren zou een toename van de overstromingen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inhouden, zowel tijdens de winter (hoogwaterstand van de rivieren) als tijdens de zomer (stuwing van rioleringen) (Factor-X, Ecores, TEC, 2012). De modellen wijzen echter eerder op een afname van hevige neerslag in de zomer. Maar ze tonen ook een stijging van de temperatuur, die een grotere instabiliteit van de atmosfeer zou kunnen veroorzaken en dus zwaardere onweders. Uit voorzorg wordt het overstromingsrisico in de zomer toch hoger ingeschat.

Datum van de update: 25/06/2020