Wettelijk kader voor de preventie en bestrijding van geluidshinder
- Geluid
- Wetgeving
- Bevoegdheden
- Geluidsoverlast
Voertuigen, toestellen, muziek, buren ... Allerlei geluidsbronnen kunnen overlast veroorzaken. Om al die vormen van geluidshinder te beperken, zijn verschillende wetgevingen en maatregelen van kracht die onder de bevoegdheden van verschillende overheden vallen. Ook het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is bevoegd voor het bestrijden van geluidshinder op zijn grondgebied.
Europees niveau
Er bestaan een aantal Europese richtlijnen voor de bescherming tegen geluidshinder die de blootstelling aan lawaai in de 25 Europese landen op elkaar afstemmen, in het bijzonder de Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai.
De Europese richtlijnen leggen bijvoorbeeld de geluidsemissiewaarden vast voor machines aangedreven door een motor (auto’s, vrachtwagens, landbouwmachines, grasmaaiers, elektrische huishoudapparaten enz.).
Federaal niveau
De criteria die het comfort en de bescherming van de gezondheid van personen definiëren, behoren tot het domein van de volksgezondheid. De normen en regels voor producten die op de markt worden gebracht, en meer bepaald die voor hun geluidsemissiewaarden, vallen dus onder de bevoegdheid van de federale staat.
Gewestelijk niveau
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is bevoegd voor de kwaliteit van de geluidsomgeving op zijn grondgebied en in publiek toegankelijke plaatsen. De Gewestelijke administratie vervult bovendien ook een adviserende en controlerende rol ten opzichte van de andere overheidsinstanties.
In de strijd tegen geluidshinder wil het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een geïntegreerd beleid voeren en zijn actiemiddelen diversifiëren. Het Gewest voorziet in verschillende preventie- en sensibiliseringsmaatregelen. Indien deze niet volstaan, onderneemt het Gewest ook acties op het vlak van wetgeving of stimulansen (het bepalen van normen, voorschriften en premies).
De ordonnantie betreffende geluidshinder en trillingen en haar uitvoeringsbesluiten
De juridische basis voor de acties die het Brussels Hoofdstedelijk Gewest onderneemt inzake geluidshinder is de Ordonnantie van 17 juli 1997 betreffende de preventie van en de strijd tegen geluidshinder en trillingen in een stedelijke omgeving. Deze wetgeving heeft als doel om:
- geluidshinder en trillingen, afkomstig van vaste en mobiele bronnen, te voorkomen
- akoestische bescherming te verzekeren voor bewoonde gebouwen en open ruimten voor privé- of gemeenschappelijk gebruik
- bewoners en gebruikers te beschermen tegen geluidshinder in hun gebouwen
De Brusselse regering keurde daarom 8 uitvoeringsbesluiten goed. Deze besluiten leggen de normen vast voor:
- vliegtuiglawaai
- lawaai van luchthavens
- buurtlawaai
- lawaai van ingedeelde inrichtingen
- elektronisch versterkt geluid
- speciale geluidstoestellen (de sirenes van hulpvoertuigen)
- de controlemethode en omstandigheden voor geluidsmetingen (alsook de artikelen 9, 11, 12, 14 en 15 van het besluit 2022 tot vaststelling van de controlemethode en omstandigheden voor geluidsmetingen)
- de controlemethode en omstandigheden voor trillingsmetingen (Onbepaald inwerkingtreding)
De milieuvergunning
De milieuvergunningDe milieuvergunning, voorheen 'commodo-incommodo'- exploitatievergunning genoemd, is een document met de technische voorschriften die de exploitant van een installatie (bv. tankstation, drukkerij, stomerij, enz.) moet naleven. De door de administratie vastgelegde voorwaarden zijn bedoeld om de bescherming te waarborgen tegen de gevaren, hinder of ongemakken die een installatie of activiteit direct of indirect kan veroorzaken voor het milieu, de gezondheid of de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van personen die zich binnen de grenzen van een installatie bevinden zonder daar als werknemer te kunnen worden beschermd. Meer informatie over de milieuvergunning vindt zijn oorsprong in de Ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen. Een milieuverunning is een voorafgaande toelating voor de exploitatie van bepaalde inrichtingen.
Het doel van de milieuvergunning is om bescherming te bieden tegen de gevaren, hinder of ongemakken die bepaalde inrichtingen of activitieten rechtstreeks of onrechtstreeks kunnen veroorzaken voor het milieu, de gezondheid of de veiligheid van de bevolking. Deze bescherming is bedoeld voor zowel de personen die zich in de inrichting bevinden als voor de omwonenden. Voor inrichtingen of activiteiten van een zekere omvang moet ook een milieueffectenstudie worden uitgevoerd.
De milieuvergunning legt onder andere de geluidsniveaus vast die moeten worden gerespecteerd bij de exploitatie van ingedeelde inrichtingen.
De stedenbouwkundige vergunning
De stedenbouwkundige vergunning is een voorafgaande toelating die vereist is voor de bouw, de sloop of de verbouwing van gebouwen. In sommige gevallen is een effectenstudieEvaluatie van de effecten die een project (opbouw van een gebouw, aanleg van een weg, oprichting van een bedrijf, enz.) op het leefmilieu zal hebben. Ze wordt vóór de implementatie van het project uitgevoerd zodat de schade kan worden voorkomen. Een effectenstudie is vereist voor de inrichtingen van klasse 1A, in het kader van een milieuvergunningsaanvraag. Ze moet door een erkende opdrachthouder worden uitgevoerd. Ze wordt bovendien gevolgd door een begeleidingscomité. Een effectenstudie kan ook gevraagd worden in het kader van een stedenbouwkundige vergunningsaanvraag. over de geluidshinder en trillingen vereist.
Het QUIET.BRUSSELS-plan
Het QUIET.BRUSSELS-plan is het plan voor de preventie en bestrijding van geluidshinder en trillingen goedgekeurd door de regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Het plan beschrijft de strategie en de acties die over meerdere jaren heen ondernomen zullen worden, in overeenstemming met de ordannantie betreffende de strijd tegen geluidshinder en trillingen.
Met het QUIET.BRUSSELS-plan wil het Gewest de levenskwaliteit van zijn inwoners verbeteren door actie te ondernemen tegen lawaai. Het plan heeft als 3 voornaamste doelstellingen:
- het verminderen van de impact van geluidshinder op de gezondheid
- stilte toegankelijk maken voor iedereen
- het behoud van een aantrekkelijke stad
De renovatiepremies
Met de RENOLUTION-premies voor de renovatie van gebouwen voorziet het Gewest financiële steun voor het installeren van geluidsisolatie bij bepaalde soorten werken.
Gemeentelijk niveau
Het is de taak van de gemeenten om hun bewoners te laten genieten van de voordelen van een goed beleid en in het bijzonder van rust in de straten, op openbare plaatsen en in openbare gebouwen.
De gemeentebesturen worden daarom verzocht om, wanneer het tot hun bevoegdheden behoort, vergunningen te verstrekken met exploitatievoorwaarden voor het behoud van een gezonde geluidsomgeving en om te waken over de toepassing ervan. Volgens de gemeentewet kunnen de gemeenten verschillende verordeningen uitvaardigen en geluidsovertredingen bestraffen.
Nuttige links
- Beperken van vliegtuiglawaai in Brussel
- Beperken van buurtlawaai in Brussel
- Beperken van het lawaai van sirenes in Brussel
- Buurtlawaai: de regels en geluidsnormen in Brussel
- Ingedeelde inrichtingen: de regels en geluidsdrempels
- Elektronisch versterkt geluid
- Versterkt geluid verspreiden: de regels en vereiste vergunningen
- QUIET.BRUSSELS-plan: actie van het Brussels Gewest
Wetgeving
Basiswetgeving inzake geluid:
- Ordonnantie van 17 juli 1997 betreffende de preventie en de strijd tegen geluidshinder en trillingen in een stedelijke omgeving
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 27 mei 1999 betreffende de bestrijding van geluidshinder voortgebracht door het luchtverkeer
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 juni 2001 betreffende de exploitatievoorwaarden van luchtvaartterreinen
- Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 november 2002 betreffende de strijd tegen het buurtlawaai
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 november 2002 betreffende de strijd tegen geluids- en trillingenhinder voortgebracht door de ingedeelde inrichtingen
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 november 2002 tot vaststelling van de controlemethode en omstandigheden voor geluidsmetingen
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017 tot vaststelling van de voorwaarden voor het verspreiden van versterkt geluid in voor publiek toegankelijke inrichtingen
- Ministerieel besluit van 27 november 2017 tot bepaling van de toepassingsmodaliteiten van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017 tot vaststelling van de voorwaarden voor het verspreiden van versterkt geluid in voor publiek toegankelijke inrichtingen
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 november 2023 betreffende de strijd tegen geluidshinder van speciale geluidstoestellen
Andere wetgeving inzake geluid:
- Artikel 561 van het Strafwetboek van 8 juni 1867 inzake nachtrumoer
- Richtlijn 70/157/EEG van de Raad van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende het toegestane geluidsniveau en de uitlaatinrichting van motorvoertuigen
- Ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen
- Koninklijk besluit van 6 maart 2002 betreffende het geluidsvermogen van materieel voor gebruik buitenshuis (grasmaaiers, bosmaaiers enz.)