Overslaan en naar de inhoud gaan
Thuispagina professionals van Leefmilieu Brussel
  • Burgers
  • Professionals
  • Onderwijs
  • Blog Burgers
  • Blog Professionals
  • Contact
  • Jobs
  • Over Leefmilieu Brussel
  • Agenda
NL
  • FR
  1. Home
  2. Documentatie en tools / Leefmilieu: stand van zaken
  3. Bedrijfsafval

Bedrijfsafval

Wat zijn de voornaamste afvalstromen die de bedrijfssector genereert? Ontdek hoe deze in kaart werden gebracht op basis van inschattingen.
  • Afval
  • Het milieu: stand van zaken
  • Recyclage
  • Hergebruik
18 september 2024

Over hetzelfde onderwerp

Documentatie en tools

  • Bouw- en sloopafval
  • Totale afvalproductie
  • R-strategieën: Reduce, reuse, recycle

Milieubeheer

  • Wat moet u doen met uw professioneel textielafval?
  • Wat moet u doen met grofvuil, harde kunststoffen en matrassen?
  • Wat moet u doen met uw verpakkingsafval?

Diensten en aanvragen

  • Leveranciers en dienstverleners voor tweedehands, herstelling en verhuur voor professionals
  • Vragen over afvalbeheer? De Facilitator Bedrijfsafval begeleidt u
  • Leveranciers en dienstverleners met betrekking tot duurzame verpakkingen

Regelgeving en inspectie

  • Afhaalmaaltijden: vanaf 2027 moeten horecazaken eigen verpakkingen van hun klanten aanvaarden
  • Afval of niet-afval? Richting een einde van de afvalstatus
  • Afval terugwinnen

Regionaal beleid

  • ACR+: Vereniging van steden en regio’s voor duurzaam beheer van hulpbronnen
  • Europese Week van de Afvalvermindering (EWAV)
  • Innoverende projecten rond circulaire economie: BAMB, easyCOPRO, INFINITE Solutions & FCRBE

Monitoring van de voornaamste stromen bedrijfsafval

Focus - Actualisering : december 2015

Voor de bedrijfsafvalstromen beschikken we enkel over schattingen gebaseerd op een aantal hypotheses, wat de omvang en de juistheid van de gegevens onvermijdelijk beperkt. Het Recydata-onderzoek (februari 2014) bespreekt 8 stromen voor het geheel aan afval dat door professionele producenten wordt gegenereerd, waarbij ook de tonnen post-consumerafval die door privébedrijven worden ingezameld mee in rekening worden genomen. De cijfers die voorgesteld worden, zijn dus slechts een gedeeltelijke weergave van de werkelijkheid op het terrein. Hoe dan ook laten de resultaten voor referentiejaar 2012 toe om al de uitgangssituatie te omschrijven van de voornaamste afvalstromen, en zodra de gegevens voor 2014 beschikbaar zijn, ook de impact vast te stellen van de verplichting tot sorteren voor de beroepssector. De eerste resultaten van de Recydata-methode wijzen op een niet onaardig aandeel van recyclageRecyclage is de vernietiging van afval om nieuwe materialen te produceren. Voorbeeld: inert afval wordt vermalen om granulaten te produceren die in wegfunderingen worden gebruikt voor wat betreft niet-huishoudelijk afval. Het komt er echter op aan deze cijfers in de komende jaren door te zetten en te bevestigen.

Context

Om de prestaties van het Gewest op het vlak van preventie en recyclage van niet-huishoudelijk afval te evalueren, heeft de administratie gegevens nodig omtrent de uitgangssituatie voor de stromen in kwestie. Anderzijds wil de regering de impact controleren van de verplichting tot sorteren die sinds februari 2014 door het BBHR van 21 juni 2012 werd opgelegd aan producenten en verwerkers van niet-huishoudelijk afval. De verplichte sortering geldt voor de stromen van papier en karton, PMD, glas en plantaardig afval - er bestond al een sorteerverplichting voor gevaarlijk afval (1991), dierlijk afval (1993), bouw- en sloopafval (1995) en voor afval met verplichte terugname (2002). Een overzicht in de tijd van betrouwbare en vergelijkbare gegevens is cruciaal om de efficiëntie van de genomen maatregelen te evalueren en om het afvalbeleid uit te tekenen. Waar de gegevens over de omvang en de verwerkingswijze van huishoudelijk afval relatief beschikbaar zijn (zie Focus tonnage huishoudelijk en gelijkgesteld afval), is dat veel minder het geval voor bedrijfsafval. Het is des te moeilijker gegevens in te zamelen over het afval dat door bedrijven en overheden wordt geproduceerd doordat zij, bij gebrek aan jaarlijkse inventaris en opvolging, zelf niet eens een idee hebben van de hoeveelheid afval die ze genereren. Het is dus aan het Gewest om een efficiënt rapportagesysteem door te voeren. 
De term "bedrijfsafval" duidt hier op alle afval dat geen deel uitmaakt van huishoudelijk of daaraan gelijkgesteld afval. Voor het verkrijgen van schattingen over dit soort afval zijn twee benaderingen mogelijk: een eerste per activiteitensector, en een tweede per afvalstroom. De schattingen per sector gebeuren in verhouding tot de afvalproductie van die sector of op basis van extrapolatie van studies op het terrein voor bepaalde sleutelsectoren (bijvoorbeeld horeca, bouwsector, kantoren …). Deze benadering vormde het uitgangspunt voor de focussen op afval in de verslagen over de Staat van het Leefmilieu 2007-2008 en 2011-2012. De huidige focus richt zich daarentegen op de benadering per afvalstroom zoals ontwikkeld in het Recydata-onderzoek en gebaseerd op de monitoring van het afval dat door de professionele beheerders in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werd ingezameld. De analyse in kwestie heeft betrekking tot het tracé van de 8 typestromen van "primair" niet-huishoudelijk afval, ingezameld in 2010, 2011 en 2012, en op de eindverwerking ervan door privébedrijven.

Doelstellingen in cijfers en vooropgestelde termijnen

De voorschriften van het geldende gewestelijk afvalstoffenplan zijn in principe aan geen enkele termijn onderworpen vermits de duur van het plan onbepaald is.  Het plan stelt evenwel dat het "de bedoeling is het geheel aan maatregelen uit te voeren tegen 2013." [4de afvalplan, p. 8]. Uit deze streefdatum mogen we afleiden dat het plan werd opgemaakt met een tijdspanne van maximaal 5 jaar voor ogen, met daarnaast ook enkele doelstellingen voor het jaar 2020 [balans 2015 van het plan, p. 11]:

  • de productie van niet-huishoudelijke afval verminderen met 10%
  • 50% van het industriële afval recycleren
  • 90 % van het bouw- en sloopafval recycleren

Methodologie van het Recydata-onderzoek

De meeste privéoperatoren in de ophaling en verwerking van afval zijn aangesloten bij de sectorale federaties COBEREC (dat de recuperatie- en recyclagesector vertegenwoordigt) en FEBEM (dat de privébedrijven vertegenwoordigt die in België actief zijn op het vlak van afvalbeheer). Onder de door VAL-I-PAC erkende inzamelaars hebben de opstellers van het huidig onderzoek de bedrijven opgelijst die klanten hebben in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Gezien het grote aantal professionelen (80.000 volgens het Recydata-onderzoek) dat binnen het Gewest afval genereert en niet minder dan 700 operatoren die in het Brussels gewest mogelijk actief zijn in de ophaling van niet-huishoudelijk afval, was het nodig om eerst objectieve criteria vast te leggen om het aantal te contacteren bedrijven te beperken. Drieëndertig operatoren die als belangrijk en representatief voor het Gewest kunnen worden beschouwd, werden weerhouden voor deelname aan het onderzoek. Uiteindelijk werden voor de studie gegevens gebruikt van 31 afvalbeheerders die erin toestemden deze gegevens uit hun inkomstenregister te putten. Aangezien de operaties van sommige beheerders langs andere bedrijven passeren, leverden de aangiftes van die laatste onrechtstreekse informatie over operatoren die zelf geen rechtstreekse aangifte deden aan Recydata. De gevolgde methode werd goedgekeurd door alle betrokken partijen, met het oog op een zo getrouw mogelijke inventaris: het gaat om Leefmilieu Brussel, de federaties COBEREC en FEBEM, de privébedrijven die mogelijk binnen het Brussels Gewest actief zijn in de ophaling van dit soort afval, en de personen met expertise op het vlak van glas, hout, papier/karton en inert materiaal.

De studie beperkt zich tot het in kaart brengen van primair bedrijfsafval; d.w.z. post-consumerafval. Dat betekent dat bedrijfsafval afkomstig uit het fabricage- of verwerkingsproces (productieresten) niet in de inventaris werden opgenomen, en evenmin de materialen bestemd voor hergebruikHergebruik is het behouden van een object om het te hergebruiken zoals het is, eventueel na een voorbereidingsfase voor hergebruik. Voorbeeld: bakstenen worden ontmanteld en hergebruikt voor een nieuwe muur, na te zijn schoongemaakt en gecontroleerd. of de voorbereiding ervan. Ook gevaarlijk afval werd niet in de inventaris opgenomen. De onderzochte afvalstromen zijn de volgende:

  • papier/karton
  • hout
  • kunststof
  • metaal (op vraag van Leefmilieu Brussel werd een aantal pre-consumer-metaalafval in deze stroom opgenomen)
  • glas
  • organisch afval
  • inert afval (bouw- en sloopafval)
  • restafvalRestafval is het afval dat overblijft na het sorteren van recycleerbaar afval.

De studie bracht de hoeveelheden in rekening die in 2012 (en, indien beschikbaar, in 2011 en 2010) werden ingezameld door de particuliere professionele inzamelaars. Recydata hield dus geen rekening met de ingezamelde hoeveelheden door de openbare operator Net Brussel, noch met afval van huishoudelijke afkomst (bijvoorbeeld afval ingezameld in het containerparkIngerichte en bewaakte zone die afvalstoffen opvangt die niet aan huis worden opgehaald (huishoudelijk chemisch afval, grof vuil, schroot, bouwafval, kleding, groenafval, verpakkingen en papier/karton).). Aangezien slechts 23 van de 31 deelnemende bedrijven nog cijfers hadden over de ingezamelde tonnages in 2010 en 2011, heeft de studie getracht om via twee verschillende extrapolatiemethoden de tonnages in te schatten voor de andere inzamelaars. De uitkomst was erg verschillend voor de twee methodes. Deze oefening toont aan dat het erg moeilijk is een betrouwbare schatting te maken op basis van extrapolaties. Om dit soort problemen te vermijden, is het dus aangewezen de gegevens zonder uitstel bij de ophalers in te zamelen.
Het verzamelen en klasseren van afval voor de studie moest manueel gebeuren, doordat elk bedrijf tal van verschillende benamingen gebruikt voor éénzelfde afvalstroom, in die mate dat een automatische gegevensverwerking onmogelijk is. Wat de EURAL-codes betreft, toont de studie de grote discrepantie tussen de theorie en de praktijk op het terrein: in theorie laat de EURAL-code van een bepaald soort afval toe om de activiteit van de producent te achterhalen. In de praktijk echter blijkt dat de EURAL-codes meer gekoppeld zijn aan de aard van het afval dan aan de economische sector van de producent. Het is overigens moeilijk om afval dat gelijkgesteld is met huishoudelijk afval (codes 20 xx xx), te onderscheiden van verpakkingsafval (codes 15 xx xx). De classificatie volgens de EURAL-code in de studie moet dus omzichtig geïnterpreteerd worden.

Hoeveelheden 'bedrijfsafval'

In bepaalde sectoren is het de producent zelf die het geproduceerde afval ophaalt, zonder beroep te doen op een gespecialiseerde vuilnisophaler. Dat is bijvoorbeeld het geval voor een deel van het bouw- en sloopafval, voor bedrijven die lijsten plaatsen, voor de onderneming Carglass en voor sommige grote merken in de distributiesector. Het was niet altijd mogelijk de tonnages in rekening te nemen die door dergelijke omgekeerde logistieksystemen (reverse logistics) worden geproduceerd. In de eerste tabel zijn evenwel de tonnages opgenomen die door de ondernemingen Aldi, Carrefour, Colruyt, Delhaize, Lidl en Wibra werden gegenereerd.

Raming van de in 2012 ingezamelde tonnages met inbegrip van de omgekeerde logistiek (reverse logistics) van 6 grote distributieketens
Bron: Recydata, 2014, tabel 5, p. 17

Bestemming van de materialen en verwerkingswijze

De bestemmingen van het afval werden opgedeeld volgens de D & R-codes, bepaald in Bijlage I van de richtlijn 2008/98/EG. De volumes inkomend afval werden opgedeeld volgens de verschillende bestemmingen/verwerkingswijzen: D-codes staan voor eliminatieprocedures, R-codes voor terugwinning.

Proportioneel aandeel van de verschillende verwerkingswijzen in 2012 (zonder onderscheid volgens materiaal)
Bron: Recydata, 2014, tabel 12, p. 25

D1 = Storten op of in de bodem (bijvoorbeeld op een afvalstortplaats)
D5 = Verwijderen op speciaal ingerichte locaties (bijvoorbeeld in afzonderlijk gedichte, overdekte cellen die van elkaar en van de omgeving afgeschermd zijn)
D10 = Verbranding op het land
R1 = Hoofdgebruik als brandstof of als ander middel voor energieopwekking
R3 = RecyclageRecyclage is de vernietiging van afval om nieuwe materialen te produceren. Voorbeeld: inert afval wordt vermalen om granulaten te produceren die in wegfunderingen worden gebruikt/terugwinning van organische stoffen die niet als oplosmiddel worden gebruikt (met inbegrip van composteringBiologisch proces van verandering en nuttige aanwending van organische substraten (organisch afval ... ) in een gestabiliseerd product, gelijk aan tuinaarde en rijk aan humusachtige bestanddelen. en andere biologische omzettingsprocessen)
R3b = Terugwinning in de vorm van biogasBiogas is het gas dat geproduceerd wordt door de fermentatie van organisch dierlijk of plantaardig materiaal.
R3c = Terugwinning in de vorm van compostHet natuurlijk proces waarbij organisch materiaal onder gecontroleerde omstandigheden door levende organismen wordt omgezet in humus en voedingsstoffen voor de bodem en zijn bewoners.
R4 = Recyclage/terugwinning van metalen en metaalverbindingen
R5 = Recyclage/terugwinning van andere anorganische materialen
R13 = Opslag van afvalstoffen voorafgaand aan één van de handelingen in R1 tot en met R12

Daarnaast geeft de studie voor elk materiaal een overzicht van de handelaars (indien pertinent) en van de recyclagebedrijven. Hoewel niet exhaustief, is het overzicht van bestemmingen representatief voor 90 % van de ingezamelde materialen.
Het aandeel recyclage voor het geheel aan bedrijfsafval dat het voorwerp vormde van de studie, wordt geschat op 68%. Dit aandeel moet met een zekere reserve beoordeeld worden in die zin dat het Recydata-onderzoek zich beperkt tot acht afvalstromen en het door Net Brussel ingezamelde afval niet meerekent. Ook is het zo dat het resultaat sterk bepaald wordt door het inert bouw- en sloopafval en niet representatief is voor de situatie in andere sectoren.

Beperkingen van het onderzoek en vooruitzichten

De beperkingen zijn een rechtstreeks gevolg van de toegepaste methodologie (cf. hierboven). In het tweede deel van het verslag wordt voor elk materiaal dieper ingegaan op de eisen die worden opgelegd door de werkelijkheid op het terrein, de keuzes die daaruit voortvloeien en de beperkingen van de studie op het vlak van volledigheid en nauwkeurigheid. Een gedetailleerd overzicht zou ons in deze focus te ver leiden.
Het grote nadeel van het zich baseren op de cijfers van professionele afvalbeheerders voor het berekenen van de afvalstromen, is dat de inzamelaars tot op heden niet in staat zijn inlichtingen te verschaffen over de producenten van afval. Daarom zullen onderzoeken per sector het plaatje moeten vervolledigen. Dit wordt één van de opdrachten van het toekomstige Observatorium voor Afvalstoffen van het Gewest, voorzien in het Gewestelijk Programma voor Circulaire EconomieDe circulaire economie is een productie- en consumptiemodel dat bestaat uit het zo lang mogelijk delen, hergebruiken, repareren, renoveren en recycleren van bestaande producten en materialen, zodat ze hun waarde behouden.. Om op termijn over betrouwbare afvalindicatoren te beschikken, bestaat de uitdaging voor het Observatorium in het vastleggen van een methodologie, samen met de betrokken operatoren, om de gegevenskwaliteit op schaal van het Gewest te verbeteren en de opvolging ervan in de tijd te verzekeren. In maart 2015 lanceerde Leefmilieu Brussel een tweede editie van het Recydata-onderzoek.

Om te downloaden

Fiche(s) Staat van het Leefmilieu

  • Bouw-en sloopafval (editie 2011-2012)
  • Afval geproduceerd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (.pdf) (enkel in het frans)

Andere publicaties van Leefmilieu Brussel

  • Infofiche, “Afval in het BHG – Kerncijfers van 2023” (.pdf)

Studie(s) en rapport(en)

  • RECYDATA, februari 2014. « Monitoring des quantités de déchets industriels générés dans la Région de Bruxelles-Capitale en 2010, 2011 et 2012 et de leurs modes de traitement ». Studie in opdracht van Leefmilieu Brussel, 52 pp. (.pdf) (rapport enkel in het Frans)  
  • ECORES sprl, ICEDD, BATir (ULB), juli 2015. « Métabolisme de la Région de Bruxelles-Capitale: identification des flux, acteurs et activités économiques sur le territoire et pistes de réflexion pour l’optimisation des ressources ». Studie in opdracht van Leefmilieu Brussel, 305 pp. (.pdf) (rapport enkel in het Frans)  

Plan(nen) en programma(‘s)

  • Vierde afvalplan voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, 2010 (.pdf)

Nuttige links

  • Alliantie Werkgelegenheid-Leefmilieu – as Grond- en afvalstoffen
< Bouw- en sloopafval Slib en sedimenten > Terug naar thema Afval en hulpbronnen

Delen:

  • Delen op Facebook
  • Delen op Linkedin
  • Delen op BlueSky
  • Delen op E-mail
  • Delen op Afdrukken

Rechtstreeks van de blog

People with devices

Plan je digitale lenteschoonmaak

04/03/2024
  • Klimaat
  • Afval
  • Vervuiling
Doe mee aan de Digital Cleanup Day en zet je eerste stappen op weg naar verantwoorde digitale technologie in je organisatie. Ontdek enkele goede praktijken.
Lees verder about Plan je digitale lenteschoonmaak

Bedrijfsafval en de milieu-impact: welke oplossingen voor ondernemingen?

03/03/2026
  • Afval
  • Circulaire economie
  • Duurzame consumptie
Ontdek de verschillende manieren waarop je je bedrijfsafval kunt terugdringen, in elke levenscyclus van je onderneming.
Lees verder Bedrijfsafval en de milieu-impact: welke oplossingen voor ondernemingen?

Herbruikbare verpakkingen aanvaarden: onze tips voor de horeca

21/09/2026
  • Afval
  • Duurzame consumptie
  • Circulaire economie
Vanaf februari 2027 moeten horecagelegenheden herbruikbare verpakkingen van hun klanten aanvaarden. Maak kennis met de nieuwe verplichting en onze praktische tips om deze eenvoudig in praktijk te brengen.
Lees verder Herbruikbare verpakkingen aanvaarden: onze tips voor de horeca

Bouwafval goed beheren om de milieu-impact te beperken

16/02/2026
  • Afval
  • Klimaat
  • Circulaire economie
Meer en meer bedrijven willen hun milieu-impact verminderen. Maar wat is de eerste stap? Het beheer van bouwafval is één van de sleutelaspecten volgens een expert in circulaire economie.
Lees verder Bouwafval goed beheren om de milieu-impact te beperken
Ontdek de blog
Milieubeheer
  • Afval beheren
  • Renoveren en bouwen
  • Duurzamer worden
  • De gezondheid en veiligheid garanderen
  • Gebouwen en sites beheren
  • Dierenwelzijn garanderen
Milieubeheer
  • Afval beheren
  • Renoveren en bouwen
  • Duurzamer worden
  • De gezondheid en veiligheid garanderen
  • Gebouwen en sites beheren
  • Dierenwelzijn garanderen
Diensten en aanvragen
  • Milieuvergunningsaanvraag
  • Advies en begeleiding
  • Erkenningen en registraties
  • Klachten, meldingen en waarschuwingen
  • Premies en financiële steun voor Brusselse professionals
  • Reageren op een projectoproep
Diensten en aanvragen
  • Milieuvergunningsaanvraag
  • Advies en begeleiding
  • Erkenningen en registraties
  • Klachten, meldingen en waarschuwingen
  • Premies en financiële steun voor Brusselse professionals
  • Reageren op een projectoproep
Regelgeving en inspectie
  • Verplichtingen en vergunningen
  • Controles en boetes
Regelgeving en inspectie
  • Verplichtingen en vergunningen
  • Controles en boetes
Regionaal beleid
  • Regionale strategische plannen
  • Rapporten van milieuprojecten
Regionaal beleid
  • Regionale strategische plannen
  • Rapporten van milieuprojecten
Documentatie en tools
  • Kaarten
  • Websites en interactieve tools
  • Leefmilieu: stand van zaken
  • Lesmateriaal opleidingen en seminaries
Documentatie en tools
  • Kaarten
  • Websites en interactieve tools
  • Leefmilieu: stand van zaken
  • Lesmateriaal opleidingen en seminaries
Dierenwelzijn
  • Pers
Website Burgers
Website Onderwijs
Blog Professionals

Volg ons

  • Facebook
  • Bluesky
  • Linkedin
  • Youtube
  • Instagram

Nieuwsbrieven

Blijf op de hoogte

Ik schrijf me in
Thuispagina professionals van Leefmilieu Brussel
  • Toegang tot milieu-informatie
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Eco-design
  • Wettelijke bepalingen
  • Cookiebeleid
  • Transparantie
  • Crisiscontacten