U bent hier

Beheerplan voor het Zoniënwoud

Sinds de ministeriële conferenties van Helsinki in 1993 en van Lissabon in 1998 verbindt Europa zich tot een duurzaam bosbeheer. Omdat ook België beide daaruit voortspruitende verdragen ondertekende, moet onze staat de principes voor duurzaam beheer toepassen op heel zijn grondgebied.

In die context werkte Leefmilieu Brussel voor het Zoniënwoud een beheerplan uit dat de Brusselse Regering in 2003 aannam na openbaar onderzoek. Dit plan vertaalt de grote werklijnen die de bosbeheerders de komende 24 jaar zouden moeten volgen.
De belangrijkste doelstelling is om van het Zoniënwoud een sociaal bos te maken waarin wordt tegemoetgekomen aan alle reeds bekende functies van het massief: ecologisch (natuurbehoud), landschappelijk, recreatief en educatief.

De beheerprincipes

Om dit streefdoel te bereiken, werden enkele algemene principes uitgetekend:

  • de biodiversiteit van het bos versterken;
  • bepaalde specifieke milieus in stand houden en zelfs regenereren;
  • het landschapstype van de beukenkathedraal op 50% van het grondgebied van het woud bewaren;
  • een grote landschapskwaliteit verzekeren (opwaarderen van valleitjes, dreven, opmerkelijke bomen…);
  • het historisch-cultureel erfgoed tot zijn recht laten komen;
  • het woud proper houden;
  • het publiek goed onthalen (toegankelijkheid, veiligheid…);
  • tegemoetkomen aan de veelvuldige vragen van het publiek op het vlak van recreatie en ervoor zorgen dat de verschillende vrijetijdsactiviteiten harmonieus naast elkaar bestaan;
  • elke praktijk inperken die de waarde van het terrein kan verslechteren;
  • het publiek informeren over en sensibiliseren voor de natuur en duurzaam beheer;
  • de natuurlijke waterbronnen beschermen (nieuwe moeraszones aanleggen, de bronnen beschermen en de kwaliteit van het grondwater verzekeren);
  • zorgen voor een natuurlijke vernieuwing van het bosareaal.

Hoe moet het beheerplan de biodiversiteit van het bos versterken?

Door ze te beschermen

Om de biodiversiteit te beschermen, moeten bepaalde milieus met zeldzame, kwetsbare of drukgevoelige habitats “onder een stolp worden geplaatst”. Zo werden in het Zoniënwoud 5 natuurreservaten, 2 bosreservaten en 2 archeologische reservaten afgebakend. Daarnaast zorgen beschermde zones met een beperkt gebruik (verkeer beperkt tot de wegen) ervoor dat het beschermde gebied wordt uitgebreid. Zonder nog maar het massief van het Natura 2000-netwerk mee te rekenen!

Door ze te ontwikkelen

Om de ontwikkeling en het behoud van de biodiversiteit in het Zoniënwoud te bevorderen, voorziet het beheerplan verschillende maatregelen:

  • de renovatie van jonge stadia van het woud, d.w.z. een betere bescherming van open plekken in of aan de rand van het massief, weiden in valleitjes en open stroken die gunstig zijn voor planten- en diersoorten die goed gedijen in deze open, meer aan de zon blootgestelde milieus;
  • de renovatie van oudere stadia van het woud, waar oude bomen worden behouden die naarmate ze afsterven veel insecten, holvogels en paddenstoelen aantrekken. Eenmaal in dit stadium begint het bos zichzelf te herstellen, en verbetert het zo zijn aanblik en natuurlijke karakter;
  • de verhoging van het aantal overgangsgebieden tussen het woudmassief en de naburige milieus en tussen de verschillende boshabitats in het massief zelf, omdat veel soorten profiteren van de aanpalende aanwezigheid van verschillende milieus. De verhouding gemengde bosstroken en de diversificatie van de soorten moet dus worden versterkt;
  • de bevordering van de ecologische connectiviteit. De verschillende bosreservaten, de open plekken en de grensmilieus zijn kernen van biodiversiteit waar populaties van dieren en planten leven en opnieuw worden gevormd. Opdat ze zouden kunnen overleven, is het belangrijk om een goed uitbreidingsvermogen te kunnen verzekeren aan de soorten binnen het massief, tussen dit massief en de omliggende milieus en tussen soortgelijke massieven.

Op druk bezochte plaatsen van het Zoniënwoud beveelt het beheerplan een gedifferentieerd beheer aan dat voornamelijk is gericht op het onthaal van verschillende soorten van publiek. Het onderhoud moet er intensiever zijn, terwijl er toch voor moet worden gezorgd dat de bossfeer bewaard blijft.

Datum van de update: 29/05/2019