Name Description
Aardopwarmingsvermogen

In het kader van de EPB-regelgeving is dit een indicator die de potentiële bijdrage aan de opwarming van de aarde kwantificeert van een goed en/of een technische installatie gedurende zijn levenscyclus. Deze indicator is het resultaat van een berekening die wordt uitgevoerd volgens een gedefinieerde berekeningsmethode.

AEEA (afgedankte elektrische en elektronische apparatuur)

Elektrische of elektronische apparaten die afvalstoffen vormen in de zin van artikel 1, onder a), van richtlijn 75/442/EEG, daaronder begrepen alle onderdelen, subeenheden en verbruiksmaterialen die deel uitmaken van het product op het moment dat het wordt afgedankt.

afvalverwerkingsinstallatie

Aangelegde, bewaakte en afgesloten ruimte waar particulieren en/of ondernemingen hun grofvuil en gesorteerde afvalstoffen kunnen brengen. Deze worden in aparte containers verdeeld met het oog op de nuttige aanwending, verwerking of opslag van de materialen waaruit ze worden samengesteld. In Brussel is de afvalverwerkingsinstallatie een gewestelijke ruimte terwijl de containerparken gemeentelijk zijn.

afvalwater

Water dat in huishouding of industrie dienst heeft gedaan en gewoonlijk met verschillende stoffen beladen is.

Afvalwater

Water dat in huishouding of industrie dienst heeft gedaan en gewoonlijk met verschillende stoffen beladen is.

afvalwaterafvoer

Water dat in huishouding of industrie dienst heeft gedaan en gewoonlijk met verschillende stoffen beladen is.

afvalwaterafvoeren

Water dat in huishouding of industrie dienst heeft gedaan en gewoonlijk met verschillende stoffen beladen is.

afvalwatercircuit

Water dat in huishouding of industrie dienst heeft gedaan en gewoonlijk met verschillende stoffen beladen is.

afvalwaterzuivering

Afvalwaterzuivering is het in die mate zuiveren van afvalwater van organische en chemische afvalstoffen dat het biologische leven in rivieren, meren en zeeën geen hinder ondervindt van het lozen van dit gezuiverde afvalwater.

alarmdrempel

Een niveau waarboven een kortstondige blootstelling een gezondheidsrisico voor de gehele bevolking inhoudt en bij overschrijding daarvan onmiddellijk maatregelen moeten worden genomen.

Atmosferische verwarmingsketel

Verwarmingsketels en warmwaterboilers van het type "B1 of B11BS", met een atmosferische brander en een trekonderbreker. Dit type ketel werkt met een oude en inefficiënte technologie, die de lucht die nodig is voor de verbranding haalt uit de ruimte waar de verwarmingsketel of warmwaterboiler staat. Hij wint geen energie terug via de condensatie van de waterdamp afkomstig van de verbrandingsproducten, en levert een hoger risico op CO-vergiftiging op.

Attest van EPB-periodieke controle

Document dat is opgesteld door een EPB-verwarmingsketeltechnicus na het uitvoeren van een periodieke controle van een verwarmingsketel of warmwaterboiler. Het document bevat een overzicht van het onderhoud, de verificatie van de EPB-eisen met betrekking tot veiligheid, staat en rendement, en verklaart of de EPB-regelgeving al dan niet is nageleefd.

autosolisme

Désigne un automobiliste qui circule seul à bord de sa voiture notamment pour les trajets domicile-travail.

bedrijfsvervoerplan

Een bedrijfsvervoerplan omvat een reeks maatregelen om de verplaatsingen van alle werknemers te optimaliseren en alternatieven voor de wagen te promoten. Het bevat een stand van zaken (aantal werknemers, verdeling in functie van hun woonplaats en hun vervoerwijze, enz.), een analyse van de bereikbaarheid van de locatie, een studie van de mogelijke synergiën met bedrijven in de buurt, vastomlijnde doestellingen en de instrumenten om werknemers ertoe aan te zetten minder hun wagen te gebruiken.

beschermende maatregel

Maatregel om mens of milieu tijdelijk te beschermen tegen de gevaren van een of andere verontreiniging in afwachting van sanerende of remediërende werkzaamheden.

binnenhuisverontreiniging

Verontreiniging van de binnenlucht van een gebouw, voornamelijk te wijten aan een gebrek aan verluchting, aan het gebruik van toxische producten, aan tabaksrook of zelfs aan het ontwerp van het gebouw, waarbij die verontreiniging een impact kan hebben op de gezondheid van de mens.

binnenvervuiling

Vervuiling die de omgevingslucht in een gebouw aantast. Ze is voornamelijk te wijten aan een gebrek aan ventilatie, het gebruik van giftige producten, tabaksrook en zelfs aan de conceptie van het gebouw. Ze kan effecten hebben op de menselijke gezondheid.

bio-indicator

Bepaalde planten- of diersoort die het voorwerp is van metingen die aanwijzingen geven over de aanwezigheid of de effecten van bepaalde verontreinigende stoffen. Voorbeeld: de korstmossen.

biodiversiteit

De diversiteit aan levende soorten die zich kunnen in stand houden en die zich zonder externe hulp kunnen voortplanten (fauna en flora).

biogas

Biogas is het gas dat geproduceerd wordt door de fermentatie van organisch dierlijk of plantaardig materiaal.

biologische afbraak

Het afbreken van chemische stoffen in het milieu door biologische processen.

biomassa

Geheel van planten en dieren, alsook het daarmee gepaard gaande organische afval. De plantaardige biomassa komt uit de fotosynthese voort en is een bron van hernieuwbare energie.

biomethanisatie

Biomethanisatie is het natuurlijk biologisch proces van afbraak van organisch materiaal bij afwezigheid van zuurstof, waarbij biogas (methaan) en een digestaat (meststof) worden geproduceerd.

biotoop

Natuurlijke omgeving waarin een plant of dier kan leven en zich kan voortplanten. Een biotoop is de kleinst mogelijke geografische onderverdeling van de habitat.

bladmos

Naam van een klasse van planten (Musci frondosi), mossen met bebladerde stengeltjes.

blauw netwerk

Het blauw netwerk is een programma dat sinds 1999 uitgevoerd wordt en verschillende doelstellingen heeft: scheiding van afvalwater en zuiver water om de wateraanvoer in de zuiveringsstations te beperken, herstelling van sommige bestanddelen van het gewestelijke hydrografische netwerk, heraanleg van een aantal stukken rivier, vijvers en vochtige zones om hun biologische waarde te herwaarderen, zodat ze eventueel bijzondere beschermingsmaatregelen kunnen genieten, en vrijwaring van de landschappelijke en recreatieve functie van deze sites.

Blauw netwerk

Programma dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest sinds 1999 heeft opgezet om het water en de vochtige zones op het grondgebied ervan te herstellen. Het programma heeft verschillende doelstellingen: 1) scheiding van afvalwater en zuiver water om de wateraanvoer in de zuiveringsstations te beperken; 2) herstelling van sommige bestanddelen van het gewestelijke hydrografische netwerk; 3) heraanleg van een aantal stukken rivier, vijvers en vochtige zones om hun biologische waarde te herwaarderen, zodat ze eventueel bijzondere beschermingsmaatregelen kunnen genieten; 4) vrijwaring van de landschappelijke en recreatieve functie van deze sites.

bodemdoorlaatbaarheid

dewelke water doorlaat a.d.h.v. poreuze materialen

bodemfauna

Geheel van dieren uit de bodem die in de processen van de stoffencyclus en bodemvorming en -bescherming tussenkomen.

boombewonende soort

Dier dat op de bomen leeft.

bosopzichter

Ambtenaar belast met het bostoezicht (naleving van het wegengebruik, onderling respect tussen de gebruikers, enz.) maar ook en vooral met de informatie en sensibilisering van de bezoekers.

bosreservaat

Het bosreservaat is een bos of een deel hiervan dat wordt beschermd met het doel kenmerkende of merkwaardige uitzichten of opstanden van inheemse houtsoorten in stand te houden en er de gaafheid van de bodem en van het milieu te vrijwaren.

boswachter

Zoals de bosopzichter heeft de boswachter een toezichtbevoegdheid in het bos, maar die is uitgebreider (naleving van het boswetboek, controle van de visserij en het jacht, enz.), alsook een technische bevoegdheid (onderhoud, enz.). Een andere belangrijke taak van de boswachter is de informatie en sensibilisering naar het publiek toe.

braakland

Door de mens verwaarloosde zone die geleidelijk wordt ingenomen door spontane plantengroei.

broeikaseffect

Algehele temperatuurstijging op aarde die het gevolg is van het door luchtvervuiling verhoogde kooldioxidegehalte in de dampkring, waardoor de warmte die de door het zonlicht verwarmde aardbodem uitstraalt niet in voldoende mate uit de atmosfeer kan ontsnappen.

broeikasgas

Gas dat een gedeelte van de zonnestralen absorbeert en herverdeelt onder de vorm van stralingen, die andere gasmoleculen ontmoeten en zodoende het proces herhalen en het broeikaseffect veroorzaken, met een warmteverhoging als gevolg. De belangrijkste broeikasgassen waarvan de oorsprong voornamelijk met menselijke activiteiten verband houden zijn kooldioxide (CO2), methaan (CH4) en troposferisch ozon (O3).

Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing

'Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die alle maatregelen integreert die moeten worden nageleefd op het vlak van luchtkwaliteit, klimaat en energiebeheersing.
Deze ordonnantie vormt de wettelijke basis voor een aantal gewestelijke maatregelen, waaronder de burgerraad voor het klimaat, de energieprestatie van gebouwen (EPB), het plan voor lokale actie voor het gebruik van energie (PLAGE), de vervoerplannen, de lage-emissiezones (LEZ), enz.

buiten gebruik gestelde bedding

de bedding van een waterloop waar het water volledig is verdwenen hetzij natuurlijk of als gevolg van wettige uitgevoerde werken en die zijn rol in het hydrografische netwerk van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet meer vervult;

buitenvervuiling

Vervuiling die de omgevingslucht buiten de gebouwen aantast (in tegenstelling tot de binnenvervuiling). De oorzaken zijn verschillend (vervoer, industrie, verwarming, enz.) en de gevolgen voor de menselijke gezondheid en het leefmilieu min of meer ernstig (allergie, kanker, broeikaseffect, vermindering van de biodiversiteit, enz.).

carpooling

Systeem om met een aantal mensen gezamenlijk in één auto naar en van het werk te gaan, waarbij de kosten door de deelnemers worden gedeeld.

carsharing

Carsharing, ook « autodelen » genoemd, is een systeem waarbij een aantal auto s ter beschikking worden gesteld van die mensen die op het systeem aangesloten zijn. De kosten zijn bijna geheel afhankelijk van het gebruik (zo goed als geen vaste kosten) en de individuele gebruiker hoeft zich niet te bekommeren om het onderhoud van de wagen, de verzekering en andere (administratieve) rompslomp. Autodelen kan grosso modo op twee manieren gebeuren. Er is het particuliere autodelen waarbij mensen afspreken met vrienden, kennissen of buren om samen een gemeenschappelijke wagen aan te kopen en te delen. De tweede manier bestaat erin dat er een organisatie de volledige logistiek en uitbouw op zich neemt en een professioneel product aanbiedt waar iedereen die dat wenst gebruik kan van maken.

CFK's (chloorfluorkoolwaterstoffen)

CFK's zijn kunstmatige stoffen, die bestaan uit chloor (Cl), fluor (F) en koolstof (C). Het duurt vaak decennia voordat ze zijn afgebroken. Ze hebben een aantal zeer schadelijke gevolgen voor mens en milieu. Zo tasten ze de ozonlaag aan en dragen bij aan het broeikaseffect. Alle CFK's zijn door de mens gemaakt. Ze werden vooral gebruikt als drijfgas in spuitbussen en in koelkasten. Verder gebruikte de industrie ze als blaasmiddel bij de fabricage van schuimplastic en als schoonmaakmiddel in de elektronica. Voor alle toepassingen zijn inmiddels alternatieven voorhanden.

circulaire economie

De circulaire economie is een productie- en consumptiemodel dat bestaat uit het zo lang mogelijk delen, hergebruiken, repareren, renoveren en recycleren van bestaande producten en materialen, zodat ze hun waarde behouden.

compost

Het natuurlijk proces waarbij organisch materiaal onder gecontroleerde omstandigheden door levende organismen wordt omgezet in humus en voedingsstoffen voor de bodem en zijn bewoners.

compostering

Biologisch proces van verandering en nuttige aanwending van organische substraten (organisch afval ... ) in een gestabiliseerd product, gelijk aan tuinaarde en rijk aan humusachtige bestanddelen.

compostmeester

Vrijwilliger die mits een gratis vorming, zich ertoe verbindt zijn verwanten, vrienden of buren te helpen hun organisch afval te verminderen dankzij de composteertechnieken.

containerpark

Ingerichte en bewaakte zone die afvalstoffen opvangt die niet aan huis worden opgehaald (huishoudelijk chemisch afval, grof vuil, schroot, bouwafval, kleding, groenafval, verpakkingen en papier/karton).

de vervuiler betaalt

Beginsel dat bepaalt dat wie schade aan of verstoring van het milieu veroorzaakt ook moet instaan voor de kosten van de opruiming of voor de hersteloperaties (via taksen, enz.)

decarbonisatie

Decarbonisatie betekent het uitbannen van de uitstoot van koolstofdioxide.

dematerialisering

Concept waarbij naar eenzelfde niveau van economische ontwikkeling of welzijn wordt gestreefd terwijl minder hulpbronnen (energie, grondstoffen) worden gebruikt en minder afval wordt geproduceerd.

derdetrapszuivering

Toepassing van bijkomende verwerkingsprocédés om de impact van de vervuiling door afvalwater, dat al een eerstetrapszuivering en een tweedetrapszuivering heeft ondergegaan, te verminderen: bijkomende fysische, chemische of biologische verwerking.

diffuse verontreiniging

Verontreiniging is diffuus wanneer de vervuilende stoffen verspreid (en niet geconcentreerd) aanwezig zijn.

doorgaand verkeer

Verkeer bestemd voor een verder gelegen plaats.

Drainagegrind

Drainagegrind is een granulometrisch mengsel van klein en groot formaat dat het mogelijk maakt poriën in de structuur te creëren en regenwater te laten infiltreren.

drempelwaarde

Waarde vanaf welke initiatieven worden genomen.

drijflaag

De drijflaag wordt gevormd door een bepaalde hoeveelheid onoplosbare verontreinigde stoffen die boven het bovenste niveau van de grondwaterlaag drijft. Een drijflaag kan gevormd worden door minerale olie (diesel, stookolie, benzine, kerosine) of door aromatische koolwaterstoffen (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xyleen en naftaleen).

droogte

Droogte is een natuurlijk fenomeen waarbij de beschikbaarheid van water afneemt als gevolg van een gebrek aan neerslag, wat op termijn tot een watertekort kan leiden.
Dit moet niet worden verward met een ‘hittegolf’ of ‘hitteperiode’, ook al hebben deze wel degelijk invloed op de beschikbaarheid van water (toename van de watervraag).

duurzame consumptie

Duurzame consumptie verwijst naar milieugericht gedrag van de verbruiker. Het komt erop aan de aarde voor toekomstige generaties leefbaar te houden. Duurzame consumptie streeft daarom naar een minimale milieuvervuiling. De consument houdt hier rekening mee bij de aankoop van een product, het gebruik en de uiteindelijke verwijdering van het afval.

duurzame ontwikkeling

Ontwikkelingswijze die voorziet in de behoeften van de huidige generatie zonder daarmee voor de toekomstige generaties de mogelijkheden in gevaar te brengen om ook in hun behoeften te voorzien. Het gaat dus om een demarche die ernaar streeft de continuïteit van de economische en sociale ontwikkeling in de tijd voort te zetten, met eerbied voor het leefmilieu en zonder de natuurlijke hulpbronnen die nodig zijn voor de menselijke activiteiten in gevaar te brengen.

eco-efficiëntie/ecodoeltreffendheid

Kwaliteit van een product of een dienst die aan de menselijke behoeften voldoet en een zekere levenskwaliteit waarborgt terwijl de milieueffecten en het gebruik van hulpbronnen tijdens de hele levenscyclus worden verminderd. Eco-efficiëntie veronderstelt met name minder energieverbruik door de producten en diensten, minder gebruik van giftige stoffen, meer recycleerbare materialen, duurzamere producten, enz.

ecobeheer

Het ecobeheer in een onderneming bestaat erin een rendabele activiteit te voeren terwijl ze haar effecten op het leefmilieu beheerst: produceren terwijl watervervuiling, energiegebruik, schadelijke emissies in de lucht, afvalproductie, enz. geleidelijk worden beperkt.

ecocentrum / ecosite

Demonstratiecentrum gewijd aan innovatie en kennisoverdracht in het kader van milieubescherming en duurzame en eerlijke ontwikkeling.

ecoconstructie

Ecoconstructie bestaat erin op een milieuvriendelijke manier te bouwen en tegelijkertijd een maximaal comfort aan de bewoners te bieden. Die constructiewijze is gebaseerd op principes van de fysische relatie tussen het gebouw en zijn onmiddellijke omgeving, van de geïntegreerde keuze van bouwprocessen en –producten, van energiebesparing, enz.

ecoconsumptie

Het gebruik van milieuvriendelijke producten en de strijd tegen verspilling van grondstoffen en energie.

ecodesign

Totaalbenadering, toegespitst op het product, die erin bestaat rekening te houden met de milieucriteria vanaf de conceptie van een product. Die benaderingswijze betreft alle fasen van de levenscyclus van het product, d.i. vanaf de productie, via de distributie, tot het gebruik en het einde van zijn leven (recyclage).

ecodynamische onderneming

Onderneming die een aanpak met burgerzin toepast die erin bestaat het leefmilieu in haar dagelijks beheer te integreren.

ecogedrag

Gedrag waarbij de voorkeur wordt gegeven aan milieuvriendelijkere wijzen van consumeren (aankoop, gebruik, verwijdering) en/of reizen.

ecologisch park

Park dat vooral een ecologische functie heeft, d.w.z. de bescherming van de biodiversiteit.

ecologische gang

Een smalle vegetatiestrook, gebruikt door de wilde fauna en flora, die potentieel de uitwisseling van biotische elementen tussen twee gebieden mogelijk maakt.

ecologische voetafdruk

Meeteenheid waarbij getracht wordt de milieu-impact van de mens te vatten met 1 indicator. Daarmee wordt de oppervlakte aan vruchtbare aarde geschat die nodig is om te voldoen aan de noden van een populatie in termen van hulpbronnen en afvalabsorptie. De ecologische voetafdruk wordt uitgedrukt in hectaren.

ecomobiliteit

Mobiliteit waarbij ernaar wordt gestreefd het individueel wagengebruik te verminderen en de alternatieve vervoermiddelen te bevorderen (carpooling, openbaar vervoer, fiets, lopen, enz.).

ecosysteem

Geheel van de planten- en dierengemeenschappen in een territorium, beschouwd in hun wisselwerking met de milieufactoren.

ecosysteemdiensten

Alle diensten die de bodem levert aan het milieu en de facto aan onze samenleving: levering van drinkwater, beperking van overstromingen, opslag van atmosferische koolstof, ontwikkeling van flora en fauna, enz.)

Eenvoudig gerenoveerde EPB-eenheid

EPB-eenheid:
- die het voorwerp uitmaakt van werken waarvan minstens een deel onderworpen is aan een stedenbouwkundige vergunning,
- en indien er werken zijn die de energieprestatie van de warmteverliesoppervlakte beïnvloeden, alle werken vermeld in de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag in rekening gebracht,
- en waarvan de werken (aan de warmteverliesoppervlakte en aan de technische EPB-installaties) niet voldoen aan de criteria om van "Zwaar gerenoveerd" of "Met nieuw gelijkgesteld" te kunnen spreken.

effectenstudie

Evaluatie van de effecten die een project (opbouw van een gebouw, aanleg van een weg, oprichting van een bedrijf, enz.) op het leefmilieu zal hebben. Ze wordt vóór de implementatie van het project uitgevoerd zodat de schade kan worden voorkomen. Een effectenstudie is vereist voor de inrichtingen van klasse 1A, in het kader van een milieuvergunningsaanvraag. Ze moet door een erkende opdrachthouder worden uitgevoerd. Ze wordt bovendien gevolgd door een begeleidingscomité. Een effectenstudie kan ook gevraagd worden in het kader van een stedenbouwkundige vergunningsaanvraag.

effectenstudies

Evaluatie van de impact die een project (bouw van een gebouw, aanleg van een weg, installatie van een industrie) op het leefmilieu zal hebben. Ze wordt uitgevoerd voordat het project wordt uitgevoerd om de schade ervan te voorkomen. Een effectenstudie is vereist voor inrichtingen van klasse 1A in het raam van een milieuvergunningsaanvraag en moet worden uitgevoerd door een erkende studiegelastigde. Ze zal ook worden gemonitord door een begeleidingscomité. Een effectenstudie zal ook kunnen worden gevraagd in het raam van een stedenbouwkundige vergunning.

effectenverslag

Verslag over de effecten die een project op het leefmilieu zal hebben. Het wordt vóór de implementatie van het project uitgevoerd zodat de schade kan worden voorkomen. Een effectenverslag is vereist voor de inrichtingen van klasse 1B, in het kader van een milieuvergunningsaanvraag. Het mag door de aanvrager zelf worden uitgevoerd (in tegenstelling tot de effectenstudie die door een erkende opdrachthouder moet worden uitgevoerd). Het effectenverslag is minder grondig dan de studie en wordt, in tegenstelling tot de studie, niet gevolgd door een begeleidingscomité. Een effectenverslag kan ook gevraagd worden in het kader van een stedenbouwkundige vergunningsaanvraag.

eigentijds park

Park dat een vermenging van functies en de opname in het stedelijk weefsel nastreeft.

EIRP-vermogen

Het vermogen dat in aanmerking wordt genomen voor de indeling van een antenne is niet noodzakelijk het emissievermogen. Er wordt ook rekening gehouden met de antennewinst, die de stralingsbundel versterkt in een bepaalde richting. Dit geeft het EIRP-vermogen (Equivalent Isotropically Radiated Power - equivalent isotroop uitgestraald vermogen), dat hoger is dan het zendvermogen van een antenne, maar het milieueffect ervan beter weergeeft. Het totaal effectief EIRP-vermogen vermeld per antenne of per groep antennes die op dezelfde site ingeplant zijn.

EMAS (Eco-Management and Audit Scheme - Milieubeheer- en milieuauditsysteem)

Systeem gedefinieerd door een gemeenschappelijke verordening (EEG nr. 1836/93 van de Raad van 29 juni 1993) dat de ondernemingen de mogelijkheid geeft op vrijwillige basis deel te nemen, te evolueren en hun milieuprestaties te verbeteren.

emissierechten

Document dat het mogelijk maakt een aantal verontreinigende stoffen uit te stoten in ruil voor financiële bijdragen. Dat document past in een systeem voor de bestrijding van broeikasgassen, waarbij vergunningen uitgegeven worden voor de uitstoot van een vast quotum van broeikasgassen, die, indien ze niet direct gebruikt worden, verhandeld kunnen worden tussen ondernemingen (en eventueel landen).

Energieprestatie van gebouwen

Inschatting van de hoeveelheid energie die nodig is voor een gestandaardiseerd gebruik van het gebouw, waarbij onder andere rekening wordt gehouden met verwarming, warm water, koeling, ventilatie en verlichting. Deze beoordeling wordt vertaald in een of meer numerieke indicatoren.

energiesignatuur

De energiesignatuur laat toe een verband te leggen tussen een gebouw en het klimaat. Hoe kouder het weer, hoe hoger het energieverbruik van een gebouw. Wanneer de graaddagen verdubbelen, zou het verbruik ook moeten verdubbelen. Op basis daarvan werd bedacht een grafiek van de verbruiksevolutie op te stellen in functie van de temperatuur, d.i. in functie van de graaddagen. Iedere werkingsafwijking veroorzaakt een verschil in meetcijfers ten opzichte van de regressielijn die op basis van de vorige periodes werd opgesteld. Een energiesignatuur analyseren komt erop neer de verbruiksafwijkingen ten opzichte van deze lijn proberen te verklaren.

energievalorisatie

Gebruik van brandbaar afval als energieproductiemiddel door middel van directe verbranding, al dan niet met andere brandstoffen, of door elk ander middel maar met warmterecuperatie. De energievalorisatie bestaat erin de warmtekracht van het afval te gebruiken door dit laatste te verbranden en de zo ontstane energie terug te winnen onder de vorm van warmte of elektriciteit. Energievalorisatie kan plaatsvinden in een verbrandings- of een cementfabriek.

entomofauna

Dierenwereld van insecten.

EPB-aangifte

Document dat de op de werf uitgevoerde maatregelen beschrijft, met het oog op de naleving van de EPB-eisen, en dat door berekening bepaalt of die eisen al dan niet nageleefd zijn.

EPB-certificaat

Document dat de indicatoren voor de energieprestatie van een EPB-eenheid weergeeft. Het document geeft ook aan welke EPB-doelen moeten worden gehaald en of al dan niet aan de EPB-eisen zal worden voldaan als de aanbevolen werken worden uitgevoerd. Het certificaat bevat ook aanbevelingen voor werkzaamheden die de energieprestaties verbeteren.

EPB-eenheid

Een verzameling van lokalen in eenzelfde beschermd volume, ontworpen of gewijzigd om afzonderlijk gebruikt te worden en dat beantwoordt aan de definitie van een bestemming (woning, niet-residentieel, gemeenschappelijk deel, andere).

EPB-eisen

Alle voorwaarden waaraan een EPB-eenheid en/of een technische installatie moet voldoen op het vlak van energieprestatie, thermische isolatie, binnenklimaat, ventilatie, gebruikte energiedrager of aardopwarmingsvermogen.

EPB-kennisgeving van het begin van de werkzaamheden

Document met de datum van het begin van de werkzaamheden en de melding dat de berekeningen inzake de naleving van de EPB-eisen werden verricht en beschikbaar zijn.

EPB-opleveringsattest

Document dat verklaart of de EPB-regelgeving is nageleefd. Het wordt opgesteld door een EPB-verwarmingsadviseur na het uitvoeren van een EPB-oplevering van een verwarmingssysteem. Bij deze oplevering worden de volgende zaken gecontroleerd: veiligheid, rendement, regeling, meting, isolatie van de leidingen, technische documentatie, enz.

EPB-voorstel

Document dat, voor het project waarvoor een stedenbouwkundige vergunning wordt aangevraagd, de verdeling in EPB-eenheden (afhankelijk van de aard van de werken en de bestemming) en de EPB-eisen waaraan ze onderworpen zijn bevat. Dit EPB-voorstel maakt integraal deel uit van het dossier van aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning en geeft een overzicht van de EPB-eisen waaraan moet worden voldaan.

erfgoedsoorten

Erfgoedsoorten zijn het geheel van beschermde soorten, bedreigde soorten (rode lijst) en zeldzame soorten, alsook (soms) soorten van wetenschappelijk of symbolisch belang.

Het statuut van erfgoedsoort is geen wettelijk statuut. Het gaat om soorten die wetenschappers en conservatoren belangrijk achten vanuit patrimoniaal standpunt, om ecologische, wetenschappelijke of culturele redenen.

eutrofiëring

Ontregeling van de normale ecologische processen en cycli ten gevolge van een te grote aanbreng van voedende stoffen, hoofdzakelijk van stikstof en fosfor. Te grote hoeveelheden stikstof tasten de vitaliteit van het woud aan, kunnen de kwaliteit van de culturen negatief beïnvloeden, beperken de biodiversiteit en dragen bij tot de verontreiniging van het oppervlaktewater en van het grondwater.

Eutrofiëring

Overmatige toevoer van voedingsstoffen in het water, met als gevolg een woekering van de vegetatie, zuurstofvermindering en onevenwicht van het ecosysteem.

evapotranspiratie Regenwater wordt in de bodem vastgehouden en verdampt vervolgens naar de atmosfeer. De aanwezigheid van planten versterkt dit fenomeen aanzienlijk.
evapotranspiratie

Regenwater wordt op grondniveau vastgehouden en verdampt vervolgens in de atmosfeer. De aanwezigheid van planten versterkt dit fenomeen aanzienlijk.

évapotranspiration

L’eau de pluie est retenue au niveau du sol puis s’évapore vers l’atmosphère. La présence de plantes amplifie/augmente fortement ce phénomène.

évapotranspiration

L’eau de pluie est retenue au niveau du sol puis s’évapore vers l’atmosphère. La présence de plantes amplifie/augmente fortement ce phénomène.

exotische soort

Niet-inheemse, ingevoerde soort. Tegengesteld aan een inheemse soort.

feromoon

Door levende organismen geproduceerde stof, afgegeven in de omgeving, met als doel het gedrag van andere individuen van dezelfde soort te beïnvloeden.

foerageergebied

Gebied waar dieren komen om voedsel te zoeken.

follow-upmaatregelen

maatregel voor het controleren en zo nodig het handhaven van het aanvaardbaar karakter van de door bodemverontreiniging veroorzaakte risico’s voor de volksgezondheid en het milieu, met inbegrip van de maatregelen voor gebruiksbeperking en toezicht op de verontreiniging (monitoring).

fotovoltaïsche cel

Foto-elektrische cel (plaat van cadmiumsulfide, kopersulfide en laagjes glas) die zonnewarmte omzet in elektrische energie.

GBP (Gewestelijk Bestemmingsplan)

Het Gewestelijk Bestemmingsplan is één van de belangrijkste hulpmiddelen voor het gewestelijke beleid inzake ruimtelijke ordening. Het bevat algemene voorschriften met betrekking tot de bodembestemming, kaarten die bestemmingszones begrenzen en bijzondere voorschriften per zone (o.a. voor de bescherming van groene ruimten). Bovendien vormt het plan de wettelijke referentie voor de toekenning van stedenbouwkundige vergunningen, renovatiepremies, enz. Het brengt overigens de operationele doelstellingen van het GewOP in kaart.

gebruiksbeperkingen

Maatregelen opgelegd voor verontreinigde terreinen die toelaten om het aanvaardbaar risico van de verontreiniging te handhaven. De meest frequent voorkomende gebruiksbeperkingen zijn het plaatsen of het behouden van een betonlaag, het verbod op een moestuin, het verbod op de installatie van drinkwaterleidingen in de verontreinigde bodem, het verbod op het plaatsen van een kelder, het verbod op het onttrekken van grondwater of het verbod op het ontgraven van verontreinigde bodem. Deze beperkingen zijn niet noodzakelijk definitief en kunnen opgeheven worden indien de verontreiniging het voorwerp uitmaakt van een vrijwillige behandeling.

geclassificeerde inrichting

Technische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld

geëutrofieerd/eutroof

Wordt gezegd van water verrijkt met nutriënten, vooral stikstof- en/of fosfoorverbindingen, die een versnelde groei van algen en hogere plantaardige levensvormen veroorzaken, met als gevolg een ongewenste verstoring van het evenwicht tussen de verschillende organismen die in het water voorkomen, en een verslechtering van de waterkwaliteit

gelijkaardig hooghout

Hooghout waarin de bomen verdeeld zijn in min of meer uniforme leeftijdsgroepen.

gelijkjarig hooghout

Hooghout bestaande uit bomen van dezelfde leeftijd.

geluidskadaster

Geheel van hulpmiddelen (o.a. kaarten) die dienen ter identificatie en beschrijving van de oorsprong, de oorzaken en de akoestische kenmerken van het geluid. Deze inventaris, die een echte stand van zaken inzake geluidshinder opmaakt, is een informatief hulpmiddel dat ook helpt bij de besluitvorming.

geluidsmeter

Instrument om de geluidssterkteniveaus te meten.

Gerecycleerd worden

De recyclage bestaat uit de afbraak van de afvalstof om nieuwe materialen te produceren. Bijvoorbeeld: inert afval wordt vermalen om aggregaten te produceren die worden gebruikt in wegfundering.

gevaarlijke afvalstof

Afval dat gevaarlijke stoffen bevat: brandbaar (koolwaterstoffen), giftig (pesticiden), oxiderend (nitraten), bijtend (zuren), radioactief (isotopen).

gevaarlijke afvalstoffen

Afval dat gevaarlijke stoffen bevat: brandbaar (koolwaterstoffen), giftig (pesticiden), oxiderend (nitraten), bijtend (zuren), radioactief (isotopen).

gevlekte aronskelk

De gevlekte aronskelk is een vrij zeldzame kruidachtige plant die vooral voorkomt in loofbossen. De bloeitijd is van april tot mei. Dan is hij makkelijk te spotten in het *Zoniënwoud. De aronskelk kan 15 tot 45 centimeter hoog worden en heeft grote, pijlvormige bladeren. Hij verspreidt een lucht van rottend vlees en trekt daardoor veel vliegen aan. De plant is giftig in verse en licht giftig in gedroogde toestand.

gewasbeschermingsmiddelen

Gewasbeschermingsmiddelen omvatten de verschillende pesticiden die worden gebruikt om voedsel- of sierplanten en -gewassen te beschermen tegen ongedierte (insecticiden, fungiciden, slakkenbestrijding, enz.) of om ongewenst onkruid te bestrijden (herbiciden).

gewone weers- en gebruiksomstandigheden

Omstandigheden met gewone bezonning, geen extreem warm weer en zonder verontreinigende activiteiten.

GewOP (Gewestelijk Ontwikkelingsplan)

Het gewestelijk ontwikkelingsplan is een beleidsinstrument van de regering die aan de macht is. Het vermeldt :

  • 1° de doelstellingen en prioriteiten inzake ontwikkeling, ruimtelijke ordening inbegrepen, zoals die door economische, sociale, culturele, verplaatsings- en milieubehoeften worden vereist
  • 2° de middelen die moeten worden aangewend om de aldus bepaalde doelstellingen en prioriteiten te bereiken, onder meer door de cartografische weergave van sommige van deze maatregelen
  • 3° de bepaling van de prioritaire interventiegebieden van het Gewest
  • 4° eventueel de aan het gewestelijk bestemmingsplan, de gemeentelijke ontwikkelingsplannen en de bijzondere bestemmingsplannen aan te brengen wijzigingen in functie van de aldus omschreven doelstellingen en middelen.
glasbol

Openbare container waarin, met het oog op de recycling, glas kan worden gedeponeerd.

grasachtige planten

Planten die de soepele en zachte consistentie van gras hebben (in tegenstelling tot houtig of scariosus).

grensoverschrijdende luchtvervuiling over lange afstand

Fenomeen waarbij verontreinigende stoffen die op een welbepaalde plaats worden uitgestoten over honderden of duizenden kilometers door de wind kunnen worden meegevoerd, waar ze milieueffecten kunnen hebben. Wegens die grensoverschrijdende eigenschap van luchtverontreiniging moeten de preventie- en bestrijdingsacties op grote schaal en zelfs op wereldschaal worden georganiseerd om efficiënt te zijn.

grenswaarde

Waarde die dient te worden gerespecteerd om ongewenste effecten op de gezondheid of het leefmilieu te voorkomen. Een grenswaarde die in een reglementering wordt opgenomen, wordt een norm.

groen netwerk

Programma gebaseerd op de bescherming en de aanleg van groene ruimten en op de creatie van onderlinge fysische verbanden, dat niet alleen tot doel heeft het natuurpatrimonium te beschermen en de biodiversiteit te bevorderen, maar ook de gewestelijke verschillen inzake vergroening en verspreiding van de openbare groene ruimten te compenseren, de landschappelijke kwaliteiten te verbeteren en de zachte mobiliteit te bevorderen.

groen plekje

Gemeentelijke plekken waar particulieren hun huishoudelijk chemisch afval zoals resten van detergenten, kleurstoffen, lijmen, harsen ... kunnen brengen. Er bestaan ook mobiele groene plekjes, d.w.z. speciaal uitgeruste voertuigen die het Gewest doorkruisen en naar de burger toekomen.

groene ambulance / milieuambulance

De groene ambulance, waarvan de officiële naam in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest RCIB (Regionale Cel voor Interventie bij Binnenluchtvervuiling) is, werd opgericht door Leefmilieu Brussel in februari 2000 in partnerschap met WIV en FARES (Stichting tegen ziekten van de luchtwegen en voor gezondheidsopvoeding). Op verzoek van artsen gaat deze groene ambulance in woningen op zoek naar vervuilende stoffen die kunnen leiden tot gezondheidsproblemen. Vanuit preventief oogpunt is deze tevens belast met de studie en de evaluatie van de binnenhuisvervuiling die verband houdt met de huisvesting in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en dit met het doel een actiestrategie terzake voor te bereiden (advies, gedragingen, behandelingen, enz.).

groene continuïteit

Bevoorrechte assen voor de ontwikkeling van geplante linken tussen de groene ruimten die een evenwichtig netwerk door het Gewest vormen.

groene energie

Energie geproduceerd uit hernieuwbare energiebronnen (wind, zon, waterkracht, enz.).

groene ruimte

De groene ruimtes omvatten particuliere tuinen en domeinen, openbare parken en bossen, groene zones langs spoor- en andere wegen, braakland, recreatiegebieden en begraafplaatsen.

groene wandeling

Landschappellijke route bestemd voor traag verkeer, dat de natuurlijke en semi-natuurlijke groene ruimten van de tweede kroon verbindt. Ze laat toe om een rondgang van het hele Gewest te doen langs een veilig en bebakende weg.

groenestroomcertificaat

Certificaat toegekend aan installaties voor de productie van “groene“ elektriciteit en warmtekrachtkoppeling. De Brusselse leveranciers zijn verplicht op straffe van administratieve boetes een aantal groenstroomcertificaten aan te kopen dat overeenkomt met een bepaald percentage van de hoeveelheid elektriciteit die wordt verkocht aan in aanmerking komende klanten.

handvleugeligen

Een orde van de zoogdieren waarbij zich tussen de romp en de sterk verlengde voorste ledematen een vlieghuid bevindt en waartoe o.a. de vleermuizen behoren.

hergebruik

Hergebruik is het behouden van een object om het te hergebruiken zoals het is, eventueel na een voorbereidingsfase voor hergebruik. Voorbeeld: bakstenen worden ontmanteld en hergebruikt voor een nieuwe muur, na te zijn schoongemaakt en gecontroleerd.

hernieuwbare energie

Hernieuwbare energie is energie uit hernieuwbare niet-fossiele bronnen, namelijk: wind, zon, aerothermische, geothermische, hydrothermische energie en energie uit de oceanen, waterkracht, biomassa, stortgas, gas van rioolzuiveringsinstallaties en biogassen. (RICHTLIJN 2009/28/EG).

hernieuwbare energiebron

Hernieuwbare energie is energie uit hernieuwbare niet-fossiele bronnen, namelijk: wind, zon, aerothermische, geothermische, hydrothermische energie en energie uit de oceanen, waterkracht, biomassa, stortgas, gas van rioolzuiveringsinstallaties en biogassen. (RICHTLIJN 2009/28/EG).

herpetofauna

Dierenwereld van amfibieën en reptielen.

hoge biologische waarde

Erkende waarde van een site, beoordeeld op basis van een reeks criteria zoals de aanwezigheid van weinig verstoorde hydrologische elementen (bronnen), de diversiteit en schaarste van de plaatselijke dier- en plantsoorten, de aanwezigheid van schaarse soorten, de rijpheid van de vegetatie (onvervangbare site behalve op zeer lange termijn, b.v. een eeuwenoud bos), enz.

hogere plant

De hogere planten zijn fanerogamen, d.w.z. vaatplanten die zich door middel van bloemen en zaden voortplanten zoals de angiospermen (bedektzadig) en de gymnospermen (naaktzadig) (in tegenstelling tot de crytogamen). Synoniem: spermatofyt (zaadplant).

hooghout

Bedrijfsvorm waarbij men uit de zaad of stekken voortgekomen bomen hun volle hoogteontwikkeling laat bereiken en ze slechts eenmaal kapt.

hooghout met ondergroei van hakhout

Hooghout bestaande uit bomen voortgekomen uit stronkscheuten van dezelfde leeftijd die regelmatig vlak over de grond worden gekapt (om de 20 à 40 jaar).

huishoudelijk water

Wijst op het afvalwater afkomstig uit verschillende huishoudelijke gebruiken. Het wordt voornamelijk belast met organische verontreinigende stoffen en komt vooral uit badkamers en keukens. Het huishoudelijk afvalwater is vervuild met detergenten, vetten, oplosmiddelen en organische deeltjes.

immissie

Parameter die bij ontvangst wordt gemeten, d.i. dichtbij de mensen, in tegenstelling met de emissie die dichtbij de bron worden gemeten.

ingedeelde inrichting

Technische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld.

inheemse soort

Niet door de mens geïmporteerde soort, die dus afkomstig is uit de eigen streek.

inkapseling

Inkapseling bestaat erin de materialen op basis van asbest te bestrijken met een stof die de verspreiding van asbestvezels in de lucht verhindert.

Installation d’utilité publique Ingedeelde inrichtingen waarvan het voornaamste belang van hun exploitatie het dienen van de gemeenschap is (schoolvoorzieningen, netwerken voor vervoer of distributie van elektriciteit, telecommunicatienetwerken,…
interventiewaarde

Concentratie vanaf waar het risico niet meer tolereerbaar is en een interventie noodzakelijk is.

kathedraalbeukenbos

Bos bestaande uit of rijk aan beuken, dat zeer weinig licht laat filtreren, zoals de kerkramen van een kathedraal.

kathodische bescherming

Een methode van bescherming tegen elektrochemische corrosie van metalen.

kilowattpiek

Deze eenheid geeft het maximaal elektrisch vermogen weer dat een fotovoltaïsche cel kan leveren onder standaardcondities van zonne-instraling, temperatuur en licht.

klassiek park

Park dat een rijke geschiedenis heeft en een toeristische trekpleister is.

klei

Bodemdeeltjes die kleiner zijn dan 0,002 mm

kleihumuscomplex

Het kleiBodemdeeltjes die kleiner zijn dan 0,002 mm-humuscomplex verwijst naar de verhouding van klei- en humusdeeltjes in de bodem en bepaalt het vermogen van de bodem om nutriënten en water vast te houden.

klimaatswijziging

Wijst op trage variaties van de klimaatskenmerken mettertijd, op een welbepaalde plaats : opwarming of afkoeling. Sommige vormen van luchtvervuiling, veroorzaakt door menselijke activiteiten, zijn een bedreiging voor het klimaat in de zin dat er een globale opwarming zou kunnen ontstaan. Dit verschijnsel kan belangrijke schade veroorzaken: stijging van de zeeniveaus, verergering van de uiterste klimaatsverschijnselen (droogtes, overstromingen, wervelstormen, enz.), destabilisatie van de bossen, bedreiging voor de zoetwatervoorraden, moeilijkheden voor de landbouw, woestijnvorming, vermindering van de biodiversiteit, verspreiding van tropische ziekten, enz.

klimaatverandering Wijst op trage variaties van de klimaatskenmerken mettertijd, op een welbepaalde plaats: opwarming of afkoeling. Sommige vormen van luchtvervuiling, veroorzaakt door menselijke activiteiten, zijn een bedreiging voor het klimaat in de zin dat er een globale opwarming zou kunnen ontstaan. Dit verschijnsel kan belangrijke schade veroorzaken: stijging van de zeeniveaus, verergering van de uiterste klimaatsverschijnselen (droogtes, overstromingen, wervelstormen, enz.), destabilisatie van de bossen, bedreiging voor de zoetwatervoorraden, moeilijkheden voor de landbouw, woestijnvorming, vermindering van de biodiversiteit, verspreiding van tropische ziekten, enz.
kolenwoud

In het Romeinse tijdperk, woud waaruit massaal hout werd gewonnen o.a. om kleine ambachten te bevoorraden.

Koolwaterstof

Dit zijn van aardolie afgeleide samengestelde organische vloeistoffen op basis van koolstof en waterstof. Stookolie, benzine en andere soorten minerale oliën behoren daartoe. Deze oliën hebben de eigenheid dat ze een geringe dichtheid hebben. Wanneer ze in de bodem dringen, kunnen ze het grondwater bereiken en er een drijflaag op vormen.

Koolwaterstoffen

Dit zijn van aardolie afgeleide samengestelde organische vloeistoffen op basis van koolstof en waterstof. Stookolie, benzine en andere soorten minerale oliën behoren daartoe. Deze oliën hebben de eigenheid dat ze een geringe dichtheid hebben. Wanneer ze in de bodem dringen, kunnen ze het grondwater bereiken en er een drijflaag op vormen.

lagere plant

De lagere planten zijn cryptogamen, d.w.z. planten waarvan de voortplantingsorganen, die verborgen of weinig zichtbaar zijn, niet in kegels of bloemen samenkomen (in tegenstelling tot de fanerogamen).

landschapspark

Park dat vaak een grote oppervlakte beslaat en over verschillende recreatieve en landschappelijke functies beschikt.

leem

Bodemdeeltjes met korrelgrootte tussen 0.002mm en 0,05 mm

lenteflora

Flora die zich in de lente ontwikkelt.

loodvergiftiging

Acute of chronische loodvergiftiging, van huishoudelijke of beroepsoorsprong, waarbij lood in het organisme binnendringt door verschillende wegen (huid, spijsverteringsorganen, ademhalingswegen, moederkoek, slijmvliezen). Deze vergiftiging tast voornamelijk het bloedvatenstelsel, het zenuwstelsel en de nieren aan.

Lucht-Klimaat-Energieplan

Dit plan bundelt op een geïntegreerde manier de belangrijkste gewestelijke beleidslijnen inzake lucht, klimaat en energie. Het heeft zijn wettelijke basis in het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing (BWLKE), is het resultaat van de betrokkenheid van zes besturen (Leefmilieu Brussel, Brussel Huisvesting, Brussel Economie en Werkgelegenheid, Urban, Perspective, Brussel Mobiliteit) en vormt de bijdrage van Brussel aan de Belgische klimaatactie in het Nationaal Energie- en Klimaatplan (NEKP).

Mangaten met roosters

Dit is de structuur waardoor regenwater in de afwateringsconstructie terechtkomt.

MBS (Milieubeheersysteem)

Organisatorische structuur die het milieubeheer ondersteunt en mogelijk maakt. Die structuur omvat de verantwoordelijkheden, de procedures, de aangewende middelen (menselijke, financiële, ...), de gebruikte communicatievectoren, enz.

meidoorn

De meidoorn (Crataegus) is een soort van doornige boom of struik in het noordelijk halfrond die tot de Rozenfamilie behoort. De meidoorn wordt soms ook ‘haagdoorn’ genoemd en zijn vruchten ‘meelbessen’. Hij staat ook bekend als ‘witte doorn’. Meer info op Wikipedia.

Met nieuw gelijkgestelde EPB-eenheid

EPB-eenheid:

  • die het voorwerp uitmaakt van werken waarvan minstens een deel onderworpen is aan een stedenbouwkundige vergunning,
  • en indien er bouwwerken en/of afbraak- of heropbouwwerken zijn die de energieprestatie van minstens 75% van de warmteverliesoppervlakte beïnvloeden, alle werken vermeld in de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag in rekening gebracht,
  • en met de plaatsing en/of de vervanging van alle technische EPB-installaties.
Met nieuw gelijkgestelde EPB-eenheid

EPB-eenheid: - die het voorwerp uitmaakt van werken waarvan minstens een deel onderworpen is aan een stedenbouwkundige vergunning, - en indien er bouwwerken en/of afbraak- of heropbouwwerken zijn die de energieprestatie van minstens 75% van de warmteverliesoppervlakte beïnvloeden, alle werken vermeld in de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag in rekening gebracht, - en met de plaatsing en/of de vervanging van alle technische EPB-installaties.

micorhyza / wortelzwam

Associatie tussen boomwortel en paddestoel, gunstig voor beide partners : de paddestoel geeft de boom meer water en meer voedende elementen en de boom geeft de paddestoel de suiker die hij zelf niet kan synthetiseren.

milieubalans

Analyseproces van de milieueffecten van een product : winning en verwerking van grondstoffen, gevolgen van consumptiegedrag, eind van het leven van het product, enz.

milieugezondheid

Relaties tussen leefmilieu en gezondheid die de aspecten van de menselijke gezondheid omvatten, inclusief de kwaliteit van het leven, en die door fysieke, biologische, sociale en psychosociale factoren van het milieu worden bepaald. Ze omvat de theoretische en praktische aspecten van de evaluatie, van de verbetering, van de controle en van de preventie van milieufactoren die mogelijkerwijze op een ongunstige manier de gezondheid van de huidige en de toekomstige generaties beïnvloeden.

milieutaks/ecotaks

Taks die de fabrikant voor sommige producten (drankverpakkingen, batterijen, wegwerpfototoestellen, enz.) moet betalen wegens hun impact op het leefmilieu. Het is de bedoeling dat het product duurder wordt en minder wordt gekocht. In de praktijk moeten de fabrikanten de taks niet betalen omdat de sector zich ertoe verbonden heeft een bepaalde hoeveelheid afval van het product te recycleren.

milieuvergunning

De milieuvergunning, voorheen 'commodo-incommodo'- exploitatievergunning genoemd, is een document met de technische voorschriften die de exploitant van een installatie (bv. tankstation, drukkerij, stomerij, enz.) moet naleven. De door de administratie vastgelegde voorwaarden zijn bedoeld om de bescherming te waarborgen tegen de gevaren, hinder of ongemakken die een installatie of activiteit direct of indirect kan veroorzaken voor het milieu, de gezondheid of de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van personen die zich binnen de grenzen van een installatie bevinden zonder daar als werknemer te kunnen worden beschermd. Meer informatie over de milieuvergunning

milieuvriendelijk product/ecoproduct

Producten waarvan de cyclus (of een gedeelte ervan) – productie / consumptie / verwijdering – voordelen op milieugebied vertoont.

mulch

Bij het mulchen wordt niet-verteerd organisch materiaal zoals gemaaid gras, dode bladeren of gekneusde takken op de onbedekte bodem gelegd. Deze techniek voorkomt de ontwikkeling van onkruid, houdt de bodemvochtigheid in stand en beschermt planten tegen te grote temperatuurverschillen.

mulchen

Mulchen bestaat erin de blote grond te bedekken met nog niet ontbonden organisch afval zoals grasafval, dode bladeren of gesnipperd snoeihout. Dankzij de mulchlaag krijgt onkruid geen kans, blijft de grond vochtig en behoudt deze een meer constante temperatuur.

mulchlaag

Bij het mulchen wordt niet-verteerd organisch materiaal zoals gemaaid gras, dode bladeren of gekneusde takken op de onbedekte bodem gelegd. Deze techniek voorkomt de ontwikkeling van onkruid, houdt de bodemvochtigheid in stand en beschermt planten tegen te grote temperatuurverschillen.

mulchlagen

Bij het mulchen wordt niet-verteerd organisch materiaal zoals gemaaid gras, dode bladeren of gekneusde takken op de onbedekte bodem gelegd. Deze techniek voorkomt de ontwikkeling van onkruid, houdt de bodemvochtigheid in stand en beschermt planten tegen te grote temperatuurverschillen.

nader bodemonderzoek

Deze studie heeft tot doel een niet te verwaarlozen of een voor de menselijke gezondheid of voor het leefmilieu ontoelaatbare verontreiniging te bevestigen die in het kader van het prospectief onderzoek werd ontdekt. Ze bepaalt of een sanering nodig is en moet in voorkomend geval de elementen nodig voor het saneringsonderzoek bezorgen.

natuurgebied

In een gewestplan, zone van groene ruimten die bossen, wouden, veenmoerassen, heiden, moerassen, duinen, rotsen, alluvium, stranden, enz. omvatten.

natuurreservaat

Gebied dat om wetenschappelijke, esthetische of educatieve redenen wettelijk wordt beschermd met het doel een of meer kenmerken van het landschap in stand te houden.

NEHAP (National Environment and Health Action Plan of Nationaal Actieplan voor Milieu en Gezondheid)

Nationaal actieprogramma opgezet door de Wereldgezondheidsorganisatie in de lidstaten met het doel de effecten van het milieu op de gezondheid te identificeren en te verhelpen.

Netto energiebehoefte voor verwarming

'De energie die door de verwarming moet worden geleverd om de bouweenheid op een ingestelde temperatuur te houden. Deze energie is gelijk aan de som van de warmteverliezen door transmissie en door ventilatie en de warmtewinsten wegens de zonne-instraling en wegens het gebruik van de eenheid. De netto energiebehoefte voor verwarming (NEV) wordt berekend per EPB-eenheid en wordt uitgedrukt in kWh/m² per jaar.

niet-gevaarlijk afvalstof

Alle afvalstoffen die geen gevaarlijke afvalstoffen zijn conform de ordonnantie van 14/06/2012 betreffende afvalstoffen (artikel 3.2°) "Gevaarlijke afvalstoffen": alle afvalstoffen die een of meer van de in bijlage 3 genoemde gevaarlijke eigenschappen bezit.

niet-gevaarlijke

Alle afvalstoffen die geen gevaarlijke afvalstoffen zijn conform de ordonnantie van 14/06/2012 betreffende afvalstoffen (artikel 3.2°) "Gevaarlijke afvalstoffen": alle afvalstoffen die een of meer van de in bijlage 3 genoemde gevaarlijke eigenschappen bezit.

niet-gevaarlijke afvalstoffen

Alle afvalstoffen die geen gevaarlijke afvalstoffen vormen overeenkomstig de ordonnantie van 14/06/2012 betreffende afvalstoffen (artikel 3,2°)

"gevaarlijke afvalstof" : een afvalstof die een of meer van de in bijlage 3 genoemde gevaarlijke eigenschappen bezit

Nieuwe EPB-eenheid

EPB-eenheid:
- waarvan het project aan een stedenbouwkundige vergunning is onderworpen,
- en het voorwerp uitmaakt van bouwwerken.

nuttig toepasbare materialen

Afvalstoffen die hun statuut van afvalstof in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kunnen verliezen: als ze niet langer afvalstof zijn in het Vlaams Gewest overeenkomstig artikel 36 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen of als ze niet langer afvalstof zijn in het Waals Gewest overeenkomstig artikel 4 ter van het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen of als ze nuttig kunnen worden aangewend volgens het Waals besluit van 14 juni 2001 waarbij de nuttige toepassing van sommige afvalstoffen bevorderd wordt.

nuttige aanwending

Generische term die de processen en gedragingen omvat betreffende materiaal- en organische recycling en energievalorisatie van afval, alsook hergebruik en regeneratie.

nuttige aanwendingen

Generische term die de processen en gedragingen omvat betreffende materiaal- en organische recycling en energievalorisatie van afval, alsook hergebruik en regeneratie.

nuttige toepassing

Generische term die de processen en gedragingen omvat betreffende materiaal- en organische recycling en energievalorisatie van afval, alsook hergebruik en regeneratie.

nuttige toepassingen

Generische term die de processen en gedragingen omvat betreffende materiaal- en organische recycling en energievalorisatie van afval, alsook hergebruik en regeneratie.

omvormer

De omvormer zet de door de panelen opgewekte elektriciteit (gelijkstroom) om in elektriciteit die bruikbaar is op het net (wisselstroom).

onbebouwbare zone

Ingenomen zone van vier meter breed vanaf de oeverinsteken

openbaar vastgoedbeheerder Een gemeente, een O.C.M.W., een autonome gemeentelijke regie, de Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij (BGHM), een openbare vastgoedmaatschappij (OVM), het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (GOMB).
Operatie Recyclage

Samen naar minder afval op school. Dat is het motto van Operatie Recyclage, het nieuwe programma van het Brussels Gewest om scholen te helpen hun afvalbeheer te verbeteren.

ophaler

inzamelaar, handelaar en makelaar

ophaler

inzamelaar, handelaar en makelaar

oppervlaktecompostering

Biologisch proces voor het omzetten en opwaarderen van organische substraten (organisch afval, etc.) tot een stabiel product, vergelijkbaar met potgrond, rijk aan humusverbindingen.

oppervlaktecomposteringen

Biologisch proces voor het omzetten en opwaarderen van organische substraten (organisch afval, etc.) tot een stabiel product, vergelijkbaar met potgrond, rijk aan humusverbindingen.

oppervlaktewater

Er wordt gewoonlijk een onderscheid gemaakt tussen zeewater en binnenwater, wat op zijn beurt in oppervlaktewater en grondwater wordt onderverdeeld. Het oppervlaktewater wijst op het water dat op de oppervlakte van de aarde afvloeit of stagneert en bevat het water van de meren, rivieren en waterpartijen (vijver, kunstmatige bekkens, poelen, ...).

oppervlaktewateren

Er wordt gewoonlijk een onderscheid gemaakt tussen zeewater en binnenwater, wat op zijn beurt in oppervlaktewater en grondwater wordt onderverdeeld. Het oppervlaktewater wijst op het water dat op de oppervlakte van de aarde afvloeit of stagneert en bevat het water van de meren, rivieren en waterpartijen (vijver, kunstmatige bekkens, poelen, ...).

Overlooppijp

Buis waardoor het water dat in de constructie vertraagd wordt, kan worden afgevoerd wanneer de constructie haar maximale capaciteit bereikt. De overlooppijp maakt het dan mogelijk de constructie te legen.

Overlooppijpen

Buis waardoor het water dat in de constructie vertraagd wordt, kan worden afgevoerd wanneer de constructie haar maximale capaciteit bereikt. De overlooppijp maakt het dan mogelijk de constructie te legen.

overtollige parkeerplaatsen

Parkeerplaatsen die het aantal parkeerplaatsen overschrijden die:

  • toegelaten zijn op grond van de beperkingen vastgelegd in het BWLKE, en/of
  • die het voorwerp uitmaken van een afwijking toegekend door de afleverende overheid.

Die overtollige parkeerplaatsen vormen de basis van de milieuheffing.

ozonpiek

Bijzonder hoge ozonconcentratie maar van korte duur.

PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen)

Wijst op een reeks koolwaterstoffen waarvan de koolstofatomen in gesloten ringen worden geschikt, welke in groepen met elkaar worden verbonden. Het binnendringen van koolwaterstoffen in het menselijke organisme gebeurt door inademing of opname maar ook via de huid. Een aantal studies hebben aangetoond dat PAK s verband houden met sommige vormen van menselijke kanker.

PCB's (polychloorbifenylen)

PCB s en PCT s zijn gechloreerde organische chemische stoffen van antropische oorsprong die worden gebruikt omwille van hun grote thermische stabiliteit en elektrische eigenschappen die het mogelijk maken hen te gebruiken als elektrische isolatiestof voor transformatoren en condensatoren of als koelvloeistof in verschillende industriële inrichtingen. Na hun opkomst in de jaren 50 bleken deze producten giftig voor het leefmilieu en de mens. Ze zijn onoplosbaar in het water, maar oplosbaar in de meeste organische oplosmiddelen, in plantaardige oliën en dierlijke vetten. Ze zijn stabiel en bijna niet biologisch afbreekbaar, ze kunnen zich in de voedselketen ophopen (concentratie in de levende weefsels), zijn afbreekbaar op hoge temperatuur en leiden tot de vorming van furanen en dioxines (giftig en kankerverwekkend).

PCT's (polychloorterfenylen)

PCB s en PCT s zijn gechloreerde organische chemische stoffen van antropische oorsprong die worden gebruikt omwille van hun grote thermische stabiliteit en elektrische eigenschappen die het mogelijk maken hen te gebruiken als elektrische isolatiestof voor transformatoren en condensatoren of als koelvloeistof in verschillende industriële inrichtingen. Na hun opkomst in de jaren 50 bleken deze producten giftig voor het leefmilieu en de mens. Ze zijn onoplosbaar in het water, maar oplosbaar in de meeste organische oplosmiddelen, in plantaardige oliën en dierlijke vetten. Ze zijn stabiel en bijna niet biologisch afbreekbaar, ze kunnen zich in de voedselketen ophopen (concentratie in de levende weefsels), zijn afbreekbaar op hoge temperatuur en leiden tot de vorming van furanen en dioxines (giftig en kankerverwekkend).

peilbuis/piëzometer

Toestel bestaande uit een buis die verticaal in de bodem wordt weggezonken en dient om steekproeven van grondwater te nemen met het oog op analyses. De peilbuis dient ook om het waterpeil en de stromingssnelheid van het water te meten.

Personne morale de droit public

Personne qui représente l’Etat, les régions, les établissements publics comme les universités ou les hôpitaux,…

PIRE effective totale

La puissance PIRE effective totale s'entend par antenne ou par groupe d'antennes coïmplantées sur le même site.

plenterhooghout

Hooghout waarin de leeftijd van de bomen verschilt per boom of per groep van bomen.

pollumeter

Informatief hulpmiddel over de luchtkwaliteit in Brussel. Op basis van metingen die door over het heel Brussels Gewest verspreide meetstations worden overgezonden, berekent de pollumeter een globale index van luchtkwaliteit en een verkeersindex voor de zones met druk verkeer. Deze indexen worden regelmatig bijgewerkt (schaal met 10 gradaties van uitstekend tot verschrikkelijk slecht ). De pollumeter kan worden geraadpleegd op de website van Leefmilieu Brussel.

POP

Groep van persistente organische polluenten zijn organische samenstellingen van antropogene oorsprong die weerstaan aan biologische, chemische en fotolytische afbraak: ze blijven aanwezig in het milieu. Ze zijn slechts in geringe mate oplosbaar in water. Hun grote oplosbaarheid in vetten leidt tot een accumulatie in het vetweefsel van levende organismen en een bioconcentratie in de voedselketen. Hun vluchtigheid zorgt voor een grote verspreiding via een opeenvolging van verdamping, verplaatsing in de lucht en condensatie (“sprinkhaaneffect“). Hierdoor kunnen ze snel grote afstanden afleggen en zijn ze overal in de wereld te vinden, zelfs in regio s waar ze nooit werden gebruikt.

preventieprocedure

Een preventieprocedure heeft drie doelstellingen: behouden van het bestaande gebouw en de materialen waaruit het bestaat (kwantitatieve preventie) het gevaarlijke karakter van de gebruikte materialen beperken (kwalitatieve preventie) nieuwe gebouwen zo ontwerpen dat ze een langere levensduur hebben (kwaliteit en flexibiliteit van het gebouw), anticiperen op hun deconstructie (ontwerp voor deconstructie) en gebruikmaken van recycleerbare en gerecycleerde materialen en elementen (ontwerp voor recycling en omkeerbare verbindingen).

preventieve aanpak

Een preventieve aanpak heeft 3 doelstellingen: de huidige gebouwen en de materialen waaruit ze bestaan beschermen (kwantitatieve aanpak) het gevaarlijk karakter van de gebruikte materialen beperken (kwalitatieve aanpak) nieuwe gebouwen ontwerpen om hun levensduur te verlengen (kwaliteit en flexibiliteit van het gebouw), anticiperen op hun afbraak (design for deconstruction) en recycleerbare en gerecycleerde materialen en elementen (design for recycling) en omkeerbare connecties gebruiken.

primaire energie

Energie die rechtstreeks van de planeet afkomstig is (petroleum, gas, uranium, steenkool, enz.), waarbij, na omzetting, een energie wordt verkregen die bruikbaar is in bijvoorbeeld een gebouw (gas, elektriciteit, stookolie, enz.).

prospectief bodemonderzoek

Het prospectief onderzoek heef tot doel een eventuele bodem- of grondwaterverontreiniging op een terrein aan te tonen. Het bepaalt de omvang van de verontreiniging in termen van concentratie en verspreiding in de ruimte en toetst de bodem- en grondwaterverontreiniging aan de opgelegde normen.

recyclage

Recyclage is de vernietiging van afval om nieuwe materialen te produceren. Voorbeeld: inert afval wordt vermalen om granulaten te produceren die in wegfunderingen worden gebruikt

recycling

Elke nuttige toepassing waardoor afvalstoffen opnieuw worden bewerkt tot producten, materialen of stoffen, voor het oorspronkelijke doel of voor een ander doel. Dit omvat het opnieuw bewerken van organisch afval, maar het omvat niet energieterugwinning, noch het opnieuw bewerken tot materialen die bestemd zijn om te worden gebruikt als brandstof of als opvulmateriaal.

recypark

Ingerichte en bewaakte zone die afvalstoffen opvangt die niet aan huis worden opgehaald (huishoudelijk chemisch afval, grof vuil, schroot, bouwafval, kleding, groenafval, verpakkingen en papier/karton).

referentielekdebiet

Verontreinigingsconcentratie tot welke wordt aangenomen dat er geen verontreiniging is omdat er geen risico is voor het leefmilieu of de volksgezondheid. Het is ook een kwaliteitsdoelstelling voor de lange termijn.

referentiewaarde

Concentratie van verontreinigende stoffen tot waar wordt beschouwd dat er geen sprake is van verontreiniging: er is geen risico voor het leefmilieu of voor de gezondheid van de mens. Het is ook een kwaliteitsdoelstelling op lange termijn.

REG (Rationeel Energiegebruik)

Het Rationeel Energiegebruik omvat acties die tot doel hebben minder energie te verbruiken of energie beter te gebruiken. De doelstellingen van deze aanpak zijn aan de strijd tegen het broeikaseffect mee te werken, de verschillende vormen van luchtverontreiniging te beperken, de energie-uitgaven te verminderen en de duurzame ontwikkeling te bevorderen. Het REG bevat besparingsmaatregelen (in verband met het gebruikersgedrag), een verstandige keuze van brandstoffen en de energieprestaties (keuze van uitrustingen met hoge prestaties).

regeneratie

In bosbouw, operatie waarbij een rijpe bebossing (of boompopulatie) op natuurlijke of kunstmatige wijze wordt vervangen.

réseaux d’égouttage unitaire

À Bruxelles, le réseau d’égouttage est unitaire : il recueille à la fois les eaux usées (domestiques et non domestiques) ainsi que les eaux pluviales. En zone habitée, cela a pour effet de mélanger les eaux de pluie aux eaux usées avant de les évacuer. Dans certains cas, des eaux dites « claires » – provenant des nappes souterraines ou de cours d’eau comme le Maelbeek ou le Molenbeek – rejoignent également les canalisations, ce qui génère de nombreux dysfonctionnements qui s’aggravent avec la densification urbaine.

restafval

Afval dat niet selectief wordt gesorteerd of rest na het verwijderen van recycleerbare stoffen en in de normale vuilniszak terechtkomt.

restafval

Restafval is het afval dat overblijft na het sorteren van recycleerbaar afval.

REVER (REseau Vert EuRopéen - groene wegen in Europa)

Project op touw gezet door 4 Lidstaten van de EU (België, Frankrijk, Ierland en Luxemburg) dat o.a. tot doel heeft een transnationaal netwerk van groene wegen te plannen, voorbehouden voor niet-gemotoriseerde gebruikers en dat zich over Noordwest-Europa zou uitstrekken.

richtwaarde

Waarde die de doelstellingen bepaalt die moeten worden nagestreefd, willen we een bevredigende situatie scheppen in het desbetreffende domein (geluid, waterkwaliteit, enz.).

risicoanalyse

Studie waarin de risico's  op een verontreiniging voor de volksgezondheid en het leefmilieu worden beoordeeld. In het raam van bodemonderzoeken kan een dergelijke studie ook worden uitgevoerd om de te nemen bewarende maatregelen en de mate van urgentie voor sanering te bepalen.

rondhout

Stam van een gevelde boom, ontdaan van takken en versneden.

sanering

Het behandelen van de verontreiniging die een gebied aantast (bodem, water) om dat gebied in zijn oorspronkelijke staat te herstellen of ten minste wettelijk bepaalde waarden te bereiken.

saneringsonderzoek

Onderzoek dat in het kader van bodem- en/of grondwatervervuiling moet worden uitgevoerd. Het heeft namelijk tot doel een inventaris van de verschillende verwerkingsprocédés voor de vervuilde site op te stellen, de te nemen beschermende maatregelen te bepalen, een studie van technische en financiële haalbaarheid voor te stellen en een balans te maken van het kwaliteitsniveau dat voor de bodem en het grondwater kan worden bereikt door de verschillende procédés. Het duidt aan welk procédé moet worden bevoordeeld en bevat een saneringsplan, d.i. een uitvoerige beschrijving van de uit te voeren saneringswerken en/of beschermende maatregelen, alsook de uitvoeringstermijnen.

saprofytisch

Organisme dat zich met dode plantaardige en dierlijke stoffen voedt.

SBZ (Speciale Beschermingszone)/Habitatgebied

De Speciale Beschermingszones of Habitatgebieden zijn gerangschikt onder de Habitatrichtlijn en voorzien in een verhoogde bescherming en beheer van zeldzame en kwetsbare dieren, planten en biotopen.

SBZ (Speciale Beschermingszone)/Vogelrichtlijngebied

De Beschermingszones / Vogelrichtlijngebieden zijn gerangschikt onder de Vogelrichtlijn voor de bescherming en het beheer van gebieden die van belang zijn voor zeldzame en kwetsbare vogels omdat zij deze gebruiken voor broeden, voedsel zoeken, overwintering of op de trek. Samen met de Habitatgebieden, vormen de Vogelrichtlijngebieden een netwerk van beschermde zones die over de hele Europese Unie worden verspreid. Dit netwerk wordt Natura 2000 genoemd.

Schotten

Obstakels voor de afvloeiing

selectieve ophaling

Ophaling van sommige afvalstromen, vooraf gesorteerd, met het oog op hun nuttige aanwending of een specifieke verwerking. De selectieve ophaling geldt zowel voor huishoudelijk afval als voor industrieel afval.

semi-natuurlijk

De term 'semi-natuurlijk' geldt voor de gedeelten van een natuurlijk milieu die door antropische handelingen worden gewijzigd.

slakken

Glasachtige of steenachtige afval van uitgesmolten metaalertsen of gesmolten metalen, gewoonlijk verbonden met smeltstoffen.

Solventen

Een vloeibare stof die wordt gebruikt voor het oplossen of verdunnen van andere stoffen zonder die chemisch te wijzigen. Ze worden in heel uiteenlopende processen gebruikt, bijvoorbeeld om te ontvetten, in verf en inkt, bij de schoonmaak...

spinachtigen

Klasse van geleedpotigen, waarbij kop- en borststuk tot één deel, het kopborststuk, vergroeid zijn, met vier paar poten en zonder sprieten (bv. spinnen, schorpioenen, mijten, enz.)

staakbos

Staat van het bos tussen rijshout en hooghout.

standplaats

Het type plaats waar de milieufactoren zodanig zijn dat een bepaalde plantensoort daar verwacht kan worden.

stedelijk afvalwater

Huishoudelijk afvalwater of het mengsel van huishoudelijk afvalwater en industrieel afvalwater en/of afvloeiend hemelwater.

stormbekken

Meestal cirkelvormig kunstwerk, bedoeld om het door een regenbui gegenereerde watervolume geheel of gedeeltelijk tijdelijk op te slaan om het later en met een gecontroleerd debiet af te voeren.

stratosferische ozonlaag

Op grote hoogte en geconcentreerd als « ozonlaag » in de stratosfeer vormt zij een natuurlijk zonnescherm voor onze planeet. De ozonlaag werkt als een onzichtbare filter die alle vormen van leven beschermt tegen de gevaren van een overdreven blootstelling aan de ultraviolette stralen (UV) van de zon. Een van de belangrijke fysische eigenschappen van ozon is inderdaad zijn vermogen om de UV stralen efficiënt op te slorpen.

strooisellaag

Diverse plantenafval, vooral bestaande uit afgevallen bladeren, die het hogere dode dekblad van een bos vormt.

Substraat

Laag aarde voor planten.

Technisch EPB-dossier

Het dossier dat alle EPB-documenten bevat die door het BWLKE worden geëist, die moeten worden bewaard en die beschikbaar moeten zijn voor de administratie.

Technische milieugerelateerde en economische haalbaarheidsstudie

Studie naar de haalbaarheid van de installatie van alternatieve systemen met hoog rendement, waaronder ten minste systemen die gebruik maken van energie uit hernieuwbare bronnen (thermische zonne-energie, fotovoltaïsche zonne-energie, warmtepompen, etc.) en die besparingen opleveren in primaire energie.

telewerken

Werk verrichten buiten het kantoor, b.v. thuis, met behulp van computers en telecommunicatiemiddelen

terugnameplichting

Het principe van de terugnameplicht verplicht de producent of de invoerder van een product tot de terugname of het laten terugnemen van afval dat voortkomt uit dit product op zijn kosten. Dit principe voorziet in een verplichting voor de producenten of invoerders om berekende inzamelings-, recyclage- en/of valorisatiedoelstellingen van dit afval te halen.

thermische balans

Berekening van de warmtenoden van elk verwarmd vertrek op basis van de isolatie van de woning en de gewenste temperaturen. De balans wordt opgemaakt door een architect, een warmtedeskundig ingenieur of een erkende verwarmingstechnicus.

titularis van een zakelijk recht Volgens het BWLKE: de persoon die titularis is van een van de volgende zakelijke rechten op het bedoelde gebouw of EPB-eenheid: eigendomsrecht, mede-eigendom, recht van vruchtgebruik, erfpachtrecht, opstalrecht. Volgens de Bodemordonnantie : een zakelijk recht is het volledige eigendom, het naakte eigendom, het vruchtgebruik, het recht van opstal, het erfpachtrecht, het gebruiksrecht en de vastgoedleasing.
totaal effectief EIRP-vermogen

Het totale effectieve EIRP-vermogen is per antenne of per groep antennes op dezelfde site.

troposferische ozonlaag

Ozon is aanwezig op lage hoogte in de troposfeer waar het wordt gevormd door chemische verbinding in aanwezigheid van zonnestralen. Het kan ernstige problemen veroorzaken voor de ogen, de neus en de luchtwegen bij mensen en dieren. Het kan de teelten en de bossen aantasten. Het kan ook talrijke materialen beschadigen.

Tussenliggende mangaten voor reiniging

Door een mangat te installeren (tussen de ingang en de uitgang van de constructie) wordt de structuur van de constructie toegankelijk voor reinigingsapparatuur.

tweedehands

Beginsel volgens welk goederen in goede staat en waarvan de eerste eigenaar zich wenst te ontdoen, worden gegeven, verkocht, gekregen, aangekocht of geruild zodat ze geen afval worden.

uitdunning

Het kappen van overtollige bomen om de bomen met toekomst meer kansen te geven.

Unitair rioleringsnetwerk

In Brussel is het rioleringsnetwerk een unitair systeem, wat betekent dat het zowel afvalwater (huishoudelijk en niet-huishoudelijk) als afstromend regenwater opvangt. Deze opzet leidt er in bewoonde gebieden toe dat de natuurlijke watercyclus gedwongen wordt geïntegreerd in de door de mens veroorzaakte watercyclus. Het afstromende regenwater wordt vermengd met het afvalwater om snel te worden afgevoerd. In sommige gevallen komt ook zogenaamd „helder” water – afkomstig uit het grondwater of uit waterlopen zoals de Maelbeek of de Molenbeek – in de riolering terecht, wat talrijke storingen veroorzaakt die verergeren naarmate de stedelijke verdichting toeneemt.

upcycling

Upcycling bestaat uit het terugwinnen van materialen of producten die niet langer in gebruik zijn met de bedoeling ze om te zetten in materialen of producten van superieure kwaliteit of nut.

Urbis-Adm 3D

Urbis-Adm 3D est une banque de données qui contient des informations ayant une valeur unique et originale pour la Région de Bruxelles-Capitale et fourni des garanties spécifiques en ce qui concerne la précision, l’exhaustivité et la disponibilité de l’information, visée dans l’annexe de l’accord de coopération du 18 avril 2014 entre l'Etat fédéral, la Région flamande, la Région wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale concernant la Structure de Coordination de l'information patrimoniale.

valorisatie

Elke handeling met als voornaamste resultaat dat afvalstoffen een nuttig doel dienen door hetzij in de betrokken installatie, hetzij in de ruimere economie andere materialen te vervangen die anders voor een specifieke functie zouden zijn gebruikt, of waardoor de afvalstof voor die functie wordt klaargemaakt.

valorisaties

Elke handeling met als voornaamste resultaat dat afvalstoffen een nuttig doel dienen door hetzij in de betrokken installatie, hetzij in de ruimere economie andere materialen te vervangen die anders voor een specifieke functie zouden zijn gebruikt, of waardoor de afvalstof voor die functie wordt klaargemaakt.

valoriseerbaar materiaal

Afvalstoffen die het statuut van afvalstoffen kunnen verliezen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: als ze de einde-afvalfase hebben bereikt in het Vlaams Gewest volgens artikel 36 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen of als ze de einde-afvalfase hebben bereikt in het Waals Gewest volgens artikel 4 ter van het decreet van 27 juni 1996 betreffende afvalstoffen, of als ze gevaloriseerd kunnen worden volgens de bepalingen van het besluit van de Waalse Regering van 14 juni 2001 waarbij de nuttige toepassing van sommige afvalstoffen bevorderd wordt.

valoriseerbare materialen

Afvalstoffen die het statuut van afvalstoffen kunnen verliezen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: als ze de einde-afvalfase hebben bereikt in het Vlaams Gewest volgens artikel 36 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen of als ze de einde-afvalfase hebben bereikt in het Waals Gewest volgens artikel 4 ter van het decreet van 27 juni 1996 betreffende afvalstoffen, of als ze gevaloriseerd kunnen worden volgens de bepalingen van het besluit van de Waalse Regering van 14 juni 2001 waarbij de nuttige toepassing van sommige afvalstoffen bevorderd wordt.

Veganistisch

Worden beschouwd als veganistisch: veggieschotels zonder ingrediënten van dierlijke oorsprong (geen zuivel, geen eieren en geen andere producten van dierlijke oorsprong).

veggie

Worden beschouwd als veggie: gerechten zonder vlees (ook geen kip) of vis en met minimaal 1 plantaardig eiwit en 3 verschillende groenten.

veiligheidsmaatregelen

Tijdelijke maatregelen met het oog op de bescherming van de volksgezondheid en het milieu in afwachting van de behandeling van de bodemverontreiniging, met inbegrip van de maatregelen voor gebruiksbeperking, toezicht op en indijking van de verontreiniging.

vergroening

Opzettelijke handeling die tot doel heeft vegetatie in groenarme zones in te voeren.

verpakkingsverantwoordelijke

Onder verpakkingsverantwoordelijke wordt verstaan :

  1. a) elke persoon die zijn producten heeft verpakt of heeft doen verpakken in België met het oog op of naar aanleiding van het op de Belgische markt brengen ervan
  2. b) in het geval de producten die in België op de markt zijn gebracht, niet in België werden verpakt, de invoerder van de verpakte producten die deze goederen niet verbruikt
  3. c) voor wat betreft verpakkingsafval van bedrijfsmatige oorsprong van producten die niet verpakt zijn door een persoon bedoeld in
    1. a), en die niet werden ingevoerd door een persoon bedoeld in
    2. b) diegene die de verpakte producten verbruikt.
vervuilingseenheid (VE)

Eenheid waarin de aanwezige vervuiling wordt uitgedrukt. Voor afvalwater is die eenheid “inwoner-equivalent“.

verzuring

Verzuring is het gevolg van stoffen die door chemische reacties zuur vormen in lucht, bodem of water. Ze wordt veroorzaakt door luchtverontreiniging.

vloeroppervlakte van de kantoren

Som van de overdekte vloeren met een vrije hoogte van minstens 2,20m in alle ruimtes, met uitsluiting van de ruimtes bestemd voor parkeerplaatsen en de ruimtes gelegen onder het grondniveau die voor kelders, technische voorzieningen en opslagplaatsen bestemd zijn.

vogelwereld / avifauna

Fauna van een land of streek voor zover die de vogels betreft.

VOS (vluchtige organische stoffen)

De vluchtige organische stoffen zijn een groep van chemische stoffen met gemeenschappelijke eigenschappen. Deze gasachtige chemische stoffen worden geproduceerd door het wegverkeer (in het bijzonder door benzinemotoren), een aantal industriële procédés (drukkerijen, droogkuis ...) en het gebruik van producten zoals lijm, verf, lak ... De verontreinigende stoffen (zoals benzeen, enz.) hebben verschillende effecten die van een gewone geurhinder door een irritatie tot een vermindering van de ademhalingscapaciteit kunnen gaan.

vuilvracht

Hoeveelheid aanwezige verontreinigende stoffen. Op het vlak van water dient de vuilvracht, die uitgedrukt is in inwoner-equivalent, als basis voor de berekening van de taks op de lozing van afvalwater.

waarschuwingsdrempel/informatiedrempel

Een niveau waarboven kortstondige blootstelling een gezondheidsrisico voor bijzonder gevoelige bevolkingsgroepen inhoudt en waarbij geactualiseerde informatie noodzakelijk is.

Warmtedoorgangscoëfficiënt

Warmteverlies via een constructieonderdeel per eenheid van oppervlakte, tijd en temperatuurverschil tussen de omgevingen aan beide zijden van het constructieonderdeel.

warmtekrachtkoppeling

Warmtekrachtkoppeling is de gelijktijdige opwekking in één proces van thermische energie en elektrische of mechanische energie. (RICHTLIJN 2012/27/EU)

warmtekrachtkoppelingsinstallatie

Warmtekrachtkoppeling is de gelijktijdige opwekking in één proces van thermische energie en elektrische of mechanische energie. (RICHTLIJN 2012/27/EU)
 

warmtekrachtkoppelingsinstallaties

Warmtekrachtkoppeling is de gelijktijdige opwekking in één proces van thermische energie en elektrische of mechanische energie. (RICHTLIJN 2012/27/EU)

waterstress

Waterstress is een kritieke situatie die ontstaat wanneer de beschikbare watervoorraden kleiner zijn dan de vraag naar water.

waterzuiveringsstation

Installatie waar vervuild water weer zuiver wordt gemaakt.

wormcomposteren

Proces waardoor biologisch afbreekbare materialen door de inwerking van wormen omgezet worden in een rijke grondverbeteraar, namelijk compost.

zachte mobiliteit

Mobiliteit waarbij niet-gemotoriseerde vervoermiddelen worden gebruikt, in het bijzonder fietsen en lopen.

zand

Bodemdeeltjes die groter zijn dan 0,05 mm

zero afval

Het begrip “zero afval” verwijst naar een idee, een manier van leven en een maatschappelijke beweging. De idee, die door enkele pioniers geopperd wordt, is om te gaan naar burgers, gezinnen, organisaties of ook industriële processen die functioneren zonder daarbij afval te produceren, en als logische aanvulling ook door minder hulpbronnen te verbruiken. Hoewel het bereiken van nul afval waarschijnlijk onmogelijk is, zegt de radicale uitdrukking van dit begrip iets over de ambitie die erachter zit: alle facetten van hoe iets functioneert, moeten opnieuw geëvalueerd worden met als doel een drastische vermindering van de productie van afvalstoffen.”

Zero emissie

Betreft een gebouw met zeer hoge energieprestaties dat voldoet aan de volgende criteria:
- met geen of een zeer laag energieverbruik (10% strenger dan de huidige "zero energie"-eis);
- produceert in situ geen broeikasgasemissie uit fossiele brandstoffen;
- produceert geen of een zeer lage hoeveelheid operationele broeikasgasemissie;
- het resterende lage energieverbruik wordt gedekt door hernieuwbare energie die in situ wordt geproduceerd.

Zero energie

Betreft een gebouw met hoge energieprestaties dat voldoet aan de volgende criteria:
- met geen of een zeer laag energieverbruik;
- waarvan het resterende energieverbruik voor een zeer groot deel moet worden gedekt door energie uit hernieuwbare bronnen, in situ of in de buurt.

zonnecollector

Collector die zonne-energie in warmte omzet, die via een warmwateropslag meestal gebruikt wordt voor het verwarmen van water voor huishoudelijk gebruik.

zuivering

Verwijderen van de ongewenste bomen (overtallig, ziek, enz.) in een zeer jonge bebossing.

zure regen

Fenomeen waarbij schadelijke gassen (voornamelijk zwaveldioxide en stikstofoxide) zich verbinden met watermoleculen uit de atmosfeer om zuren (zwavel- en salpeterzuur) te vormen. Deze zuren, aanwezig in regenwater, tasten de planten en dieren aan, maar ook het architecturaal patrimonium omdat ze talrijke materialen beschadigen.

Zwaar gerenoveerde EPB-eenheid

EPB-eenheid:
- die het voorwerp uitmaakt van werken waarvan minstens een deel onderworpen is aan een stedenbouwkundige vergunning,
- en indien er werken zijn die de energieprestatie van minstens 50% van de warmteverliesoppervlakte beïnvloeden, alle werken vermeld in de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag in rekening gebracht,
- en met de plaatsing en/of de vervanging van alle technische EPB-installaties.

zware metalen

Verzamelnaam voor een groep metalen met een relatief grote dichtheid, zoals lood, kwik, zink en cadmium. Deze metalen komen van nature in het milieu voor en zijn in veel gevallen zelfs nodig voor bepaalde natuurlijke processen. In hogere concentraties zijn ze echter meestal giftig. De voornaamste bronnen van zware metalen zijn de non-ferro-industrie, de verbranding van fossiele brandstoffen en van afval en het verkeer.

zwart punt

Zone van een stad of een gewest die door haar kwetsbare situatie in aanmerking moet komen voor prioritaire acties.

zwarte rook

Wijst op gekleurde stoffen die door verbranding worden geproduceerd (staalindustrie, verbrandingsovens, dieselmotoren, enz.). Ze bestaan in het algemeen uit deeltjes groter dan 10 µm en dringen dus niet in het ademhalingsysteem binnen. Nochtans laten ze een zwarte laag achter die de monumenten beschadigt.

zwevende deeltjes

Microscopische stoffen die in suspensie in de lucht of het water verkeren. De giftigheid van de zwevende deeltjes in de lucht is voornamelijk te wijten aan de deeltjes met een doorsnede kleiner dan 10 µm terwijl de grotere deeltjes ter hoogte van de neus en de hogere luchtwegen worden gestopt en verwijderd. De zwevende deeltjes in het water worden door verschillende procédés in de zuiveringsstations verwerkt.