5 tips om het lawaai van warmtepompen te beperken
18 min. leestijd
Ben je een architect, ontwerper, bouwheer of professional actief in de HVAC-sector en wil je leren de geluidsimpact van aerothermische warmtepompen zo goed mogelijk te beperken? Ben je op zoek naar adviezen om de geluidsdrempels en stedenbouwkundige regels die gelden voor warmtepompen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest na te leven? Ontdek onze 5 tips om het lawaai van warmtepompen te verminderen.
1. Kies de juiste warmtepomp
De meest geschikte warmtepomp voor je gebouw of project kiezen, is een eerste belangrijke stap om de geluidsoverlast die de installatie kan veroorzaken te beperken. Volg deze 2 stappen bij het kiezen van een warmtepomp om de best mogelijke keuze te maken.
Stap 1: Breng de warmtebehoeften in kaart
De minst lawaaierige keuze maken, begint eigenlijk al in de ontwerpfase van het gebouw. Door de warmtebehoeften van het gebouw te verminderen, kun je voor een minder krachtige en dus stillere warmtepomp kiezen. Een goede isolatie van muren, daken, vloeren en ramen helpt om de warmtebehoeften te optimaliseren.
Eens de warmtebehoeften van het gebouw berekend zijn, kun je bepalen welke warmtepomp je wilt installeren. Er zijn verschillende types warmtepompen, waarbij vooral de buitenunit van aerothermische warmtepompen (lucht/water- of lucht/lucht-systemen) geluidshinder kan veroorzaken voor de omgeving. Ook de grootte of het vermogen van de warmtepomp is bepalend voor de eventueel veroorzaakte geluidshinder.
Het is belangrijk dat de grootte van de warmtepomp wordt afgestemd op de warmtebehoeften van je gebouw. Als de installatie te klein is, zal ze voortdurend moeten werken en dus constant geluid produceren. Plaats je een te grote installatie, dan zal het geproduceerde geluidsniveau hoger liggen dan bij een warmtepomp met een kleiner vermogen.
Het is aangewezen om samen te werken met een vakman gespecialiseerd in warmtepomptechnieken om tot de best mogelijke keuze te komen. Een vakman zal je helpen om:
- te bepalen of je best een aerothermische of een ander type (geothermische of aquathermische) warmtepomp kunt installeren
- te bepalen of andere technieken gebruikt kunnen worden die het mogelijk maken om een buitenunit te vermijden, zoals een warmtepomp aangesloten op de luchtafvoer, een thermodynamische boiler enz.
- de warmtepomp correct te dimensioneren: op basis van een gestandaardiseerde methode of tool, en rekening houdend met de warmtebehoeften van het gebouw, wordt de ideale grootte van de installatie bepaald
Stap 2: Houd rekening met het geluidsvermogen
Eens je het gewenste type warmtepomp en de geschikte grootte bepaald hebt, is de volgende stap het kiezen van het merk en model. Bij die keuze is het belangrijk om rekening te houden met:
- de energieklasse (A+++, A++ enz.)
- het geluidsvermogen Lw uitgedrukt in dB (of LAw uitgedrukt in dBA)
Wat is het geluidsvermogen Lw?
Het geluidsvermogen Lw is het intrinsieke geluid van de warmtepomp, dat is het geluid dat door de installatie aan de bron wordt geproduceerd. Het hangt niet af van de plaats waar de installatie zich bevindt of de plaats waar het geluid ontvangen wordt. De waarde die wordt gemeten op een bepaalde afstand van de warmtepomp, dus op een plaats waar het geluid ontvangen wordt, is het geluidsdrukniveau Lp. Het geluidsdrukniveau zal altijd lager zijn dan het geluidsvermogen.
Je vindt de informatie over de energieklasse en het geluidsvermogen op het energielabel van de warmtepomp. Het energielabel vermeldt de energieklasse bij zowel midden afgiftetemperaturen (55° C) als lage afgiftetemperaturen (35° C) en het geluidsvermogen, uitgedrukt in decibel (dB), van zowel de binnenunit als de buitenunit van de installatie.
Lees de transcriptietekst
De bovenste helft van het energielabel bevat de schaal met energieklassen (van A+++ tot D). Met een pijl wordt de energieklasse A++ aangeduid voor de afgiftetemperatuur van 55° C en de energieklasse A+++ voor de afgiftetemperatuur van 35° C. Links onderaan het label staan de geluidsvermogens van zowel de binnenunit (41 dB) als de buitenunit (54 dB). Beide geluidsvermogens hebben hun eigen icoon: een huisje met geluidsgolven aan de binnenkant staat voor het geluidsvermogen van de binnenunit en een huisje met geluidsgolven aan de buitenkant staat voor het geluidsvermogen van de buitenunit.
Volgens de Europese regelgeving moeten warmtepompen van minder dan 70 kW altijd voorzien zijn van een energielabel. Helaas is de informatie over het geluidsvermogen niet opgenomen in alle technische documenten van warmtepompen. Vraag bij twijfel meer informatie aan de fabrikant of een vakman gespecialiseerd in warmtepomptechnieken.
Opgelet
De Europese verordeningen nr. 813/2013 en nr. 206/2012 leggen maximale geluidsvermogensniveaus op aan de fabrikanten van verwarmings- en airconditioningstoestellen. Maar die Europese drempelwaarden garanderen niet noodzakelijk dat je ook de geldende geluidsdrempels voor buurtlawaai in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest naleeft. Houd bij de aankoop van een aerothermische warmtepomp met buitenunit daarom rekening met de geluidsdrempels van het Gewest en kies voor een toestel met een buitenunit waarvan het geluidsvermogen zo laag mogelijk ligt. Er zijn vandaag al buitenunits met een geluidsvermogen van minder dan 55 dB op de markt.
2. Plaats de warmtepomp op de juiste plek
De meest geschikte plek kiezen voor het plaatsen van de buitenunit van de warmtepomp is erg belangrijk om verhogingen van het geluidsniveau waargenomen door gebruikers en buren te voorkomen.
Er zijn geen standaardlocaties of -afstanden die ervoor zorgen dat alle geluidsproblemen vermeden of opgelost worden. Elke woning en elke omgeving is anders, waardoor er een oneindig aantal aan mogelijke opstellingen voor warmtepompen bestaat. Door enkele eenvoudige regels na te leven en bepaalde opstellingen te vermijden, kun je wel voorkomen dat het waargenomen geluidsniveau van de installatie toeneemt.
Om de best mogelijke opstelling voor je installatie te bepalen, moet je rekening houden met 2 factoren: nagalm en afstand.
Nagalm van het geluid
Geluid weerkaatst: wanneer geluidsgolven op harde oppervlakken (muren, vloeren, plafonds enz.) botsen, kaatsen ze terug en verspreiden ze zich in richtingen die vrij zijn van obstakels. Dat fenomeen noemen we nagalm.
Wat betekent dit voor de plaatsing van de buitenunit van je warmtepomp? Als de buitenunit dicht bij de grond, een muur of een ander hard oppervlak wordt geplaatst, zal het geluid ervan weerkaatsen. Zo kan het waargenomen geluidsniveau van eenzelfde warmtepomp (met eenzelfde geluidsvermogen) voor een ontvanger op eenzelfde afstand groter of kleiner zijn afhankelijk van het aantal vaste oppervlakken in de buurt van de buitenunit.
De algemene regel is: voor elk extra vast oppervlak in de buurt van de bron (de buitenunit) en de ontvanger (de gebruikers of hun buren), zal het waargenomen geluidsniveau met 3 dB toenemen.
Lees de transcriptietekst
De illustratie toont 4 verschillende opstellingen waarbij een buitenunit van een warmtepomp in de tuin van een woning wordt geplaatst.
Bij de 1ste woning wordt de buitenunit geplaatst op meer dan 3 meter van de woning en staan er geen andere woningen of obstakels in de buurt van de buitenunit. Er is dus slechts 1 weerkaatsingsoppervlak, namelijk de grond. Dat betekent een toename van het geluidsniveau met 3 dB(A).
Bij de 2de woning wordt de buitenunit geplaatst op minder dan 3 meter van de woning en staan er geen andere woningen of obstakels in de buurt van de buitenunit. Er zijn dus 2 weerkaatsingsoppervlakken: de grond en de muur van de woning. Dat betekent een toename van het geluidsniveau met 6 dB(A).
Bij de 3de woning wordt de buitenunit geplaatst op minder dan 3 meter van de woning en op minder dan 3 meter van een tuinmuur. Er zijn dus 3 weerkaatsingsoppervlakken: de grond, de muur van de woning en de tuinmuur. Dat betekent een toename van het geluidsniveau met 9 dB(A).
Bij de 4de woning wordt de buitenunit geplaatst tussen 2 woningen die zich op minder dan 5 meter van elkaar bevinden. Er zijn dus 3 weerkaatsingsoppervlakken: de grond, de muur van de 1ste woning en de muur van de 2de woning. Dat betekent een toename van het geluidsniveau met 9 dB(A).
Afstand van obstakels
Geluid dooft uit: het neemt in intensiteit af naarmate de afstand tot de bron groter wordt.
Wat betekent dit voor de plaatsing van de buitenunit van je warmtepomp? De afstand waarop je de buitenunit plaatst, zowel van je eigen gebouw als van andere gebouwen, is een van de belangrijkste factoren om geluidsoverlast te beperken. Houd de buitenunit van je installatie dus zo ver mogelijk uit de buurt van gevels en ramen van buren (vooral die van slaapkamers). Een paar meter kan al het verschil maken!
De algemene regel is: het geluidsdrukniveau (Lp) neem af met 6 dB telkens de afstand tot de geluidsbron wordt verdubbeld.
Lees de transcriptietekst
Een warmtepomp met een geluidsvermogen Lw van 70 dB heeft een geluidsdruk Lp van:
- 48 dB op 5 m van de geluidsbron
- 42 dB op 10 m van de geluidsbron
- 38,5 dB op 15 m van de geluidsbron
- 36 dB op 20 m van de geluidsbron
- 34 dB op 25 m van de geluidsbron
- 32,5 dB op 30 m van de geluidsbron
Een warmtepomp met een geluidsvermogen Lw van 65 dB heeft een geluidsdruk Lp van:
- 43 dB op 5 m van de geluidsbron
- 37 dB op 10 m van de geluidsbron
- 33,5 dB op 15 m van de geluidsbron
- 31 dB op 20 m van de geluidsbron
- 29 dB op 25 m van de geluidsbron
- 27,5 dB op 30 m van de geluidsbron
Een warmtepomp met een geluidsvermogen Lw van 60 dB heeft een geluidsdruk Lp van:
- 38 dB op 5 m van de geluidsbron
- 32 dB op 10 m van de geluidsbron
- 28,5 dB op 15 m van de geluidsbron
- 26 dB op 20 m van de geluidsbron
- 24 dB op 25 m van de geluidsbron
- 22,5 dB op 30 m van de geluidsbron
Een warmtepomp met een geluidsvermogen Lw van 55 dB heeft een geluidsdruk Lp van:
- 33 dB op 5 m van de geluidsbron
- 27 dB op 10 m van de geluidsbron
- 23,5 dB op 15 m van de geluidsbron
- 21 dB op 20 m van de geluidsbron
- 19 dB op 25 m van de geluidsbron
- 17,5 dB op 30 m van de geluidsbron
Tip
Heb je hulp nodig bij het berekenen van de ideale dimensionering en plaatsing van je warmtepomp? De tool SilentHeatPump van Buildwise helpt je hierbij.
Wil je berekenen wat de geluidsdruk van je installatie zal zijn en of je installatie de geluidsdrempels van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest al dan niet zal overschrijden? Maak gebruik van onze simulatietool HeatPumpNoise.
3. Voorzie geluiddemping
Eens beslist is waar de warmtepomp het best wordt geplaatst, is ook een nauwkeurige installatie van de warmtepomp belangrijk om geluidsoverlast te helpen voorkomen. Alle instructies van de fabrikant voor het installeren van de binnen- en buitenunit moeten correct worden toegepast en bepaalde akoestische maatregelen kunnen worden genomen. Ten eerste is een goed akoestisch ontwerp van de bevestiging van de installatie belangrijk om te voorkomen dat het geluid door het gebouw zelf verder wordt verspreid.
Wordt de warmtepomp op een dak of in een geventileerde ruimte geplaatst? Dan moet de warmtepomp op een inertiebasis (bv. een betonnen plaat) worden geïnstalleerd. Zo voorkom je dat de installatie extra geluid gaat produceren dat via de structuur van het gebouw rechtstreeks wordt doorgegeven aan lagere verdiepingen. Voor een goede werking van de intertiebasis moet:
- de massa van de basis minstens 2 keer groter zijn dan de massa van de warmtepomp
- de basis aan het gebouw worden bevestigd met trillingsdempende voorzieningen zoals veren, silent blocks enz.
Wordt de warmtepomp op een hard metalen frame op de vloer of tegen een draagmuur geïnstalleerd? Dan is het erg belangrijk om trillingsdempende voorzieningen te installeren tussen de warmtepomp en het frame. De instructies van de fabrikant voor het bevestigen van het frame moeten ook erg nauwgezet worden opgevolgd.
Ten tweede is het aangeraden een goed akoestisch ontwerp voor de leidingen en accessoires van de installatie te voorzien, zoals flexibele en schokbestendige doorvoerkokers voor leidingen die door muren lopen, bevestigingsbeugels met trillingsdempende kragen enz.
Tot slot kun je ook geluiddempende voorzieningen rondom de installatie plaatsen. Zelfs als je je warmtepomp zorgvuldig gekozen en geplaatst hebt, in functie van een lage geluidsemissie, kan het geluid van de installatie nog storend zijn voor de omgeving. Soms is het bijvoorbeeld niet te vermijden dat er zich buren in de onmiddellijke nabijheid van de installatie bevinden. In dat geval kun je extra geluiddempende voorzieningen overwegen:
- Akoestische bekleding is het plaatsen van een absorberend en isolerend omhulsel rond de buitenunit. Het waargenomen geluid kan zo met zo’n 10 tot 25 dB worden verminderd.
- Geluidsschermen zijn stevige en zware schermen, bijvoorbeeld uit baksteen of beton, die in de buurt van de warmtepomp worden geplaatst. Bij een doeltreffende plaatsing (voldoende hoog, dicht bij de warmtepomp en op een goede plaats om ongewenste weerkaatsing te vermijden enz.) kan het waargenomen geluid met zo’n 10 tot 15 dB worden verminderd.
- Absorberende panelen zijn een alternatief voor zware geluidsschermen. Ze vormen geen obstakel om geluid tegen te houden, maar dempen het geluid wanneer het door de panelen heen gaat. Het waargenomen geluid kan zo met maximaal zo’n 6 dB worden verminderd.
Opgelet
Houd er rekening mee dat geluiddempende voorzieningen, zoals akoestische bekleding en geluidsschermen, duur kunnen zijn en het advies van een akoestisch expert vereisen voor hun keuze, dimensionering en plaatsing. Zulke voorzieningen verminderen doorgaans de luchtstromen rond de warmtepomp, waardoor ze ook de efficiëntie van de installatie beïnvloeden. Ze kunnen daarom invloed hebben op het nodige vermogen en de meest geschikte plaats voor de warmtepomp. Er moet dus zo vroeg mogelijk in het project al rekening worden gehouden met dit soort voorzieningen.
4. Zorg voor een goede werking en regelmatig onderhoud
Een goede werking en regelmatig onderhoud van de warmtepomp helpen voorkomen dat het geluidsniveau van de installatie na verloop van tijd toeneemt of dat er nieuwe geluiden onstaan. Ook helpen ze de prestaties van de installatie op peil te houden.
Laat de warmtepomp plaatsen en afstellen door een gecertificeerd installatiebedrijf en laat het onderhoud uitvoeren door een gespecialiseerd technicus.
Hoe vaak moeten de gebruikers van de installatie een onderhoud laten uitvoeren? Meestal is minstens 1 onderhoud per jaar nodig. Adviseer de gebruikers om de volgende onderhoudsvoorschriften na te leven:
- de voorschriften van de fabrikant
- de reglementering betreffende koelgassen
- het minimaal vereiste onderhoudsprogramma voor verwarmingssystemen type 2, airconditionings- en ventilatiesystemen
Tip
Maakt een warmtepomp plots meer lawaai of nieuwe geluiden? Negeer dit niet en neem contact op met een onderhoudstechnicus om het probleem te verhelpen en de installatie in goede staat te houden.
5. Denk aan de na te leven geluidsdrempels en administratieve verplichtingen
Om geluidsoverlast in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tegen te gaan, is de installatie van een warmtepomp onderworpen aan verschillende reglementeringen en administratieve verplichtingen. Voor technische installaties zoals warmtepompen gelden in het Gewest verschillende geluidsdrempels. Afhankelijk van de situatie moeten ook bepaalde vergunningen worden aangevraagd voor de installatie van warmtepompen.
Welke geluidsdrempels gelden buiten gebouwen?
Er zijn 2 Brusselse reglementeringen die het waargenomen geluid veroorzaakt door warmtepompen buiten gebouwen beperken:
- Het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de strijd tegen buurtlawaai is van toepassing als je warmtepomp geen ingedeelde inrichtingTechnische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld. is.
- Het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de strijd tegen de geluids- en trillingenhinder voortgebracht door ingedeelde inrichtingen is van toepassing als je warmtepomp wel een ingedeelde inrichting is.
Wanneer is mijn warmtepomp een ingedeelde inrichting?
Een warmtepomp is een ingedeelde inrichtingTechnische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld. als:
- het totale elektrische vermogen van de compressoren, nodig voor de werking van het koelcircuit, hoger is dan 10 kW elektrisch vermogen
- en/of als de warmtepomp meer dan 5 ton CO2 van de koelvloeistof HFK bevat
- en/of als de warmtepomp meer dan 3 kg koelvloeistof van een ander type dan HFK bevat die geen tot nauwelijks impact heeft op de klimaatopwarming
Zowel warmtepompen die een ingedeelde inrichtingTechnische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld. zijn als warmtepompen die geen ingedeelde inrichting zijn, moeten voldoen aan de drempelwaarden zoals bepaald voor de verschillende geluidszones en werkingsperiodes.
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest telt 6 geluidszones. Om te bepalen in welke geluidszone je installatie zich bevindt, raadpleeg onze kaart van de geluidsgebieden.
In de Brusselse reglementeringen zijn 3 werkingsperiodes (A, B en C) bepaald:
Lees de transcriptietekst
Periode A geldt van maandag tot vrijdag van 7u tot 19u.
Periode B geldt van maandag tot vrijdag van 19u tot 22u en op zaterdag van 7u tot 19u.
Periode C geldt van maandag tot vrijdag van 22u tot 7u, op zaterdag van 19u tot 7u en op zondag de hele dag.
De geluidsdrempels die buiten gebouwen moeten worden nageleefd zijn:
Lees de transcriptietekst
In zone 1 is de drempelwaarde:
- 42 dB in periode A
- 36 dB in periode B
- 30 dB in periode C
- 30 dB in periode C voor installaties die ononderbroken werken (bv. warmtepompen voor verwarming)
In zone 2 is de drempelwaarde:
- 45 dB in periode A
- 39 dB in periode B
- 33 dB in periode C
- 39 dB in periode C voor installaties die ononderbroken werken (bv. warmtepompen voor verwarming)
In zone 3 is de drempelwaarde:
- 48 dB in periode A
- 42 dB in periode B
- 36 dB in periode C
- 42 dB in periode C voor installaties die ononderbroken werken (bv. warmtepompen voor verwarming)
In zone 4 is de drempelwaarde:
- 51 dB in periode A
- 45 dB in periode B
- 39 dB in periode C
- 45 dB in periode C voor installaties die ononderbroken werken (bv. warmtepompen voor verwarming)
In zone 5 is de drempelwaarde:
- 54 dB in periode A
- 48 dB in periode B
- 42 dB in periode C
- 48 dB in periode C voor installaties die ononderbroken werken (bv. warmtepompen voor verwarming)
In zone 6 is de drempelwaarde:
- 60 dB in periode A
- 54 dB in periode B
- 48 dB in periode C
- 54 dB in periode C voor installaties die ononderbroken werken (bv. warmtepompen voor verwarming)
Als je installatie 24 uur per dag moet werken, zoals de meeste warmtepompen die worden gebruikt voor het verwarmen van ruimten, staat de wetgeving een toename van 6 dB toe in periode C (behalve voor installaties in zone 1).
Welke geluidsdrempels gelden binnen gebouwen?
Het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de strijd tegen buurtlawaai legt ook drempels vast om het waargenomen geluid veroorzaakt door warmtepompen binnen gebouwen te beperken, ongeacht of de warmtepomp een ingedeelde inrichtingTechnische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld. is of niet.
Binnen gebouwen bepaalt de reglementering een toegestane overschrijding van het geluidsniveau per werkingsperiode (A, B of C) en de soort ruimte waarin het lawaai wordt waargenomen (rust-, verblijf- of dienstruimte). De overschrijding is het verschil tussen het totale geluidsniveau wanneer de installatie in werking is en het omgevingsgeluidsniveau wanneer de installatie niet in werking is.
De geluidsdrempels die binnen gebouwen moeten worden nageleefd zijn:
Lees de transcriptietekst
In rustruimtes bedraagt de toegestane overschrijding:
- 3 dB in periode C
- 6 dB in periodes A & B
In verblijfsruimtes bedraagt de toegestane overschrijding 6 dB in periodes A, B & C.
In dienstruimtes bedraagt de toegestane overschrijding 12 dB in periodes A, B & C.
Hoewel ze vaak stiller zijn dan de buitenunits, moet er dus ook bijzondere aandacht worden besteed aan het geluidsvermogen en de plaatsing van de binnenunits van warmtepompen om geluidsoverlast tussen woningen onderling te voorkomen.
Opgelet
De geluidsdrempels die binnen gebouwen gelden, moeten ook worden nageleefd voor het geluid dat wordt geproduceerd door de buitenunit van je warmtepomp als het geluid binnen waarneembaar is. Dit kan bijvoorbeeld voorvallen als de buitenunit geïnstalleerd is op de gedeelde scheidingsmuur van een naburig gebouw of op het dak van een appartementsgebouw.
Welke vergunningen moet ik aanvragen?
Vergeet ook niet dat je, naargelang de situatie van je project en installatie, verschillende vergunningen kunt moeten aanvragen of administratieve stappen kunt moeten ondernemen.
De installatie van een warmtepomp is onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning op basis van artikel 98, § 1, 1° of 2° van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO). In bepaalde gevallen zijn vrijstellingen van de stedenbouwkundige vergunning mogelijk voor het plaatsen van een warmtepomp. Meer informatie over die vrijstellingen vind je in onze infofiche over geluidsoverlast van aerothermische warmtepompen.
Opgelet
Of je warmtepomp nu onderworpen is aan een stedenbouwkundige vergunning of niet, als ze zich buiten bevindt, moet ze worden geïnstalleerd op een manier die rekening houdt met de naleving van de esthetische, architecturale, landschappelijke en erfgoedaspecten van de omgeving. Als je een aerothermische warmtepomp wilt installeren, neem je dus best vooraf contact op met de dienst Stedenbouw van je gemeente of met urban.brussels. Zo weet je zeker dat je voldoet aan de huidige stedenbouwkundige voorschriften en voorkom je onaangename verrassingen.
Een warmtepomp is onderworpen aan een milieuvergunningDe milieuvergunning, voorheen 'commodo-incommodo'- exploitatievergunning genoemd, is een document met de technische voorschriften die de exploitant van een installatie (bv. tankstation, drukkerij, stomerij, enz.) moet naleven. De door de administratie vastgelegde voorwaarden zijn bedoeld om de bescherming te waarborgen tegen de gevaren, hinder of ongemakken die een installatie of activiteit direct of indirect kan veroorzaken voor het milieu, de gezondheid of de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van personen die zich binnen de grenzen van een installatie bevinden zonder daar als werknemer te kunnen worden beschermd. Meer informatie over de milieuvergunning als de installatie een ingedeelde inrichtingTechnische inrichting of activiteit waarvoor een milieuvergunning of een voorafgaande uitbatingsaangifte bij de gemeente nodig is. De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld. is, en dus als:
- het totale elektrische vermogen van de compressoren, nodig voor de werking van het koelcircuit, hoger is dan 10 kW elektrisch vermogen
- en/of als de warmtepomp meer dan 5 ton CO2 van de koelvloeistof HFK bevat
- en/of als de warmtepomp meer dan 3 kg koelvloeistof van een ander type dan HFK bevat die geen tot nauwelijks impact heeft op de klimaatopwarming
Goed om te weten
Meer informatie over de verplichtingen en milieuvergunningen voor warmtepompen vind je op onze pagina ‘Warmtepompen, airconditioningapparatuur en koelapparatuur’.
Tot slot zijn warmtepompen gebonden aan de vereisten van de EPB-reglementering (isolatie, meting, regeling enz.) zodra ze een thermisch vermogen van meer dan 12 kW hebben. Als je een omkeerbare warmtepomp (een systeem dat zowel warmte als koude kan leveren en afvoeren) installeert, dan moet je installatie ook een EPB-diagnose klimaatregeling ondergaan.
Goed om te weten
Meer informatie over de EPB-vereisten voor warmtepompen vind je op onze pagina ‘Technische installaties: EPB-eisen’.
Wanneer moet ik de hulp van een akoestisch expert inschakelen?
Zodra je twijfelt of je de regelgeving betreffende buurtlawaai zult kunnen naleven of vreest voor geluidsoverlast voor bewoners of gebruikers van je gebouw, kun je best een akoestisch expert inschakelen. Ook voor alle erg complexe situaties – zoals het plaatsen van meerdere warmtepompen, een hoog risico op nagalm, installatie in de buurt van een geluidsgevoelige omgeving (woonzone) enz. – wordt de hulp van een akoestisch expert ten zeerste aanbevolen.
Een akoestisch expert kan:
- de geluidsomgeving van je project analyseren
- de specifieke situatie van je project analyseren op basis van plannen en technische fiches
- de optimale keuze, uitrusting en plaats voor je warmtepomp bepalen
- uitrustingen en corrigerende oplossingen modelleren
- geluidssimulaties en geluidsmetingen uitvoeren om het maximale geluidsvermogen van je technische installaties te beoordelen
Hoe vind ik een akoestisch expert?
Je kunt een akoestisch expert vinden via:
Om te downloaden
In onze infofiche over geluidsoverlast van aerothermische warmtepompen vind je nog meer gedetailleerde informatie en extra tips om het lawaai van je installaties te beperken:
Nuttige links
Ben je op zoek naar meer informatie over warmtepompen? Het dossier over warmtepompen in de Gids Duurzame Gebouwen geeft professionals gedetailleerde informatie over de verschillende technieken, dimensioneringen, technische vereisten, aandachtspunten en reglementeringen voor warmtepompen.
Kun je hulp gebruiken bij het verminderen van het lawaai van warmtepompen of andere technische installaties in je projecten?
Heb je nog andere vragen over duurzaam projectontwerp? De Facilitator Duurzame Gebouwen is er voor jou! Deze gratis multidisciplinaire helpdesk ondersteunt professionals uit de bouwsector bij al hun vragen rond duurzaam bouwen en renoveren.