U bent hier

Toezicht op de waterkwaliteit

Leefmilieu Brussel ziet toe op de kwaliteit van het oppervlaktewater, van het grondwater en de lozingen van afvalwater. Daarnaast controleert het Instituut ook of de leverancier van water bestemd voor menselijke consumptie zich aan zijn verplichtingen houdt.

De waterlopen (oppervlaktewater)

Het toezicht op de waterlopen (Zenne, Kanaal, Woluwe) beoogt een geheel van parameters die bepalend zijn voor de algemene fysisch-chemische kwaliteit van de waterloop (watertemperatuur, troebelheid, zuurtegraad, zoutgehalte, zuurstofgehalte, concentratie van voedingsstoffen...), maar betreft net zo goed de monitoring van concentraties van bepaalde verontreinigende chemische stoffen die schadelijk zijn voor de biodiversiteit en de gezondheid van de mens in het gedrang brengen. Het fysisch-chemisch en chemisch meetnet telt vandaag 22 meetpunten. De monitoring door Leefmilieu Brussel gebeurt door middel van periodieke metingen, en het toetsen van de analyseresultaten aan de Europese en Brusselse normen.

Vaststellingen:

Terwijl de verontreiniging van het water van de Woluwe en in mindere mate die van het Kanaal relatief beperkt is, kan dit allerminst van het Zennewater worden gezegd. Maar op het punt waar de Zenne het gewestelijk grondgebied verlaat, wijzen de analyses in de richting van een aanzienlijke globale verbetering van de algemene fysisch-chemische kwaliteit van de waterloop. De meest uitgesproken positieve evolutie van de afgelopen jaren is te danken aan het tweede gewestelijk zuiveringsstation dat in maart 2007 ten noorden van Brussel in gebruik werd genomen.

Het grondwater

Leefmilieu Brussel staat verder ook in voor de kwantitatieve en kwalitatieve controle van het grondwater.

De kwantitatieve controle: die omvat een follow-upprogramma van het grondwaterpeil; daarbij wordt de kwantitatieve toestand van het grondwater nagegaan en wordt de evolutie ervan in de tijd opgevolgd. Daarbij wordt rekening gehouden met de grondwateronttrekking en met de aanvulling van de grondwaterlagen. De piëzometrische opvolging concentreert zich op 48 monitoringsites die verdeeld zijn over de verschillende grondwaterlagen van het Brussels grondgebied.

De kwalitatieve controle: die heeft tot doel een globaal en samenhangend beeld te geven van de chemische toestand van het grondwater, de langetermijneffecten van de verontreiniging veroorzaakt door menselijke activiteiten te beoordelen en nieuwe verontreinigende stoffen op te sporen. Met die controle wenst men tevens de impact te evalueren van de ingevoerde meetprogramma's die de bescherming en het herstel van het grondwater tot doel hebben. De kwalitatieve controle wordt verzekerd door analyse en interpretatie van de fysisch-chemische parameters van grondwaterstalen die op 32 monitoringpunten, verdeeld over de verschillende grondwaterlagen, werden genomen.

Vaststellingen:

Aan de hand van de resultaten van de monitoringprogramma's kon eind 2009 worden vastgesteld dat de kwantitatieve toestand van het grondwater goed is.

De grondwaterlaag van het Brusseliaanzand – die zich het minst diep in de ondergrond bevindt – werd eind 2009 op chemische kwaliteit gecontroleerd. Daaruit is gebleken dat die waterlaag op het vlak van nitraten en pesticiden matig scoort. De nitraatconcentraties die eind 2012 werden gemeten, tonen een opwaartse trend, terwijl voor de pesticiden op tal van monitoringsites een algemeen dalende trend werd vastgesteld. Toch zullen de doelstellingen van "goede toestand" tegen 2015 niet kunnen worden bereikt. Anderzijds werd ook een significante aanwezigheid van tetrachloorethyleen vastgesteld.

De kwaliteit van de diepere grondwaterlagen die minder aan oppervlakteverontreiniging zijn blootgesteld, werd dan weer goed bevonden.

Water bestemd voor menselijke consumptie

HYDROBRU dient de kwaliteit van het water bestemd voor menselijke consumptie zeker te stellen; dat gebeurt onder meer aan de hand van controleprogramma's die door Leefmilieu Brussel zijn goedgekeurd.

Vaststellingen:

De bescherming van de winningsgebieden, de waterkwaliteit en het beleid om voorgoed komaf te maken met de loden leidingen in het openbaar net, zijn een voor een factoren die bijdragen tot de goede kwaliteit van het leidingwater in Brussel. Sinds 2002 stellen we vast dat het waterverbruik per inwoner daalt, terwijl de toegang tot water voor iedereen verzekerd blijft.

Datum van de update: 19/05/2015