U bent hier

Luchtvervuiling en carrosseriebedrijven

Een carrosseriebedrijf produceert vluchtige organische stoffen (VOS), net zoals veel andere bedrijven die verfproducten gebruiken. Deze stoffen veroorzaken luchtvervuiling. Sommige oplosmiddelen dragen bij tot de vorming van ozongas in de lage atmosfeer (‘slechte ozon’) en andere tasten de ozonlaag (‘goede ozon’) aan die ons beschermt tegen de ultravioletstraling van de zon. Op zeer korte termijn veroorzaken verf- en lakproducten ook geurhinder voor uzelf en uw buren.

Hoe vermindert u deze hinder en vervuiling? Gebruik nieuwe en efficiënte technieken bij elke stap van het proces.

Milieubewust gebruik van lokalen

Voor u aan een voertuig begint te werken, reinigt u het en verwijdert u olie, vet en oude verflagen (voorbehandelingsfase). Daarna schuurt u het, wrijft u de onderlagen weg en voert u een chemische reiniging uit (voorbereidingsfase). Zorg ervoor dat u deze twee voorbereidende fases uitvoert in een atelierruimte die voorzien is van een luchtafzuigsysteem.

Later volgt de afwerking: het aanbrengen van verf- of laklagen door verstuiving. Dit moet u uitvoeren in een spuitcabine die hiervoor speciaal ontworpen is en volledig geïsoleerd staat van de rest van uw werkplaats door brandvrije scheidingswanden. De cabine moet voorzien zijn van een volledig gescheiden luchtafzuigsysteem en van een teller die de gebruiksuren meet.

Zorg ook voor een verflabo. Daar slaat u de verfproducten op en maakt u ze klaar voor gebruik. U reinigt en bewaart er ook het verfmateriaal. Werkt u slechts met kleine hoeveelheden verf (een mengbank van minder dan 40 liter)? Dan is het mogelijk dat uw milieuvergunning u een uitzondering toestaat. In dat geval mag u de verfproducten bewaren in speciale metalen kasten die ontworpen zijn om elke opstapeling van toxische en ontvlambare gassen te verhinderen. In elk geval moeten uw mengbak en de tafel waarop u het verfmateriaal voorbereidt en reinigt, beantwoorden aan zeer strikte normen. Dat betekent onder meer dat u ze moet plaatsen op minimum acht meter van elke bron van naakte vlammen of vonken. Deze atelierzone moet ook mechanisch worden verlucht.

Welke materialen?

Gebruik pistolen van het type « HVLP » (High Volume Low Pressure) om verven en vernissen aan te brengen. Dankzij het grote volume lucht dat door een turbine wordt aangevoerd, laat deze techniek toe de verf onder lage druk (tot 0,7 bar) te spuiten.

Op die manier vermijdt u een te grote verstuiving en verhoogt u de efficiëntie van uw spuiten. Dit resulteert in een betere afwerking van het verven en zorgt voor minder VOS in de lucht. U kan ook andere soorten pistolen gebruiken, op voorwaarde dat hun spuitrendement minstens 65% bedraagt. De producent/verdeler van het pistool moet u kunnen garanderen dat zijn materiaal wel degelijk aan deze voorwaarde beantwoordt.

U moet ook beschikken over een "gesloten pistoolreiniger" voor het geval u een reinigingsproduct gebruikt dat VOS bevat.

Deze pistoolreiniger is een toestel dat voorzien is van minstens een gesloten compartiment voor de reiniging van het pistool, een recuperatiesysteem voor het reinigingsmiddel en een afzuigsysteem dat beschikt over een filtersysteem voor de VOS-dampen.

Gefilterde lucht is gezuiverde lucht

De toepassing van verf of lak veroorzaakt ook de uitstoot van een groot aantal stof- of pigmentdeeltjes. U beperkt die hinder als u tijdens de verstuiving een droge filter (paint-stopfilter) of een watergordijn gebruikt. Droge filters zijn gemakkelijker in onderhoud en bieden aanvaardbare milieuprestaties. Watergordijnen worden minder gebruikt omdat ze duurder zijn en bovendien onderworpen zijn aan strikte en minder efficiënte gebruiksregels.

Onderhoud van de spuitcabine

Doe voor het jaarlijkse volledige onderhoud van uw cabine een beroep op een specialist. Zorg vooral voor een goede werking van branders, afzuig- en luchtafvoersystemen, afvoerleidingen en filterapparatuur. Belangrijk punt: stook een installatie die werkt op vloeibare brandstof, nooit met gebruikte motorolie.

Controleer de uitstoot van gassen en dampen

Uw activiteit veroorzaakt dampen en uitwasemingen. Die moet u naar buiten afvoeren met een mechanische installatie. Het is van groot belang dat het luchtdebiet bij het afvoerkanaal van de cabine minimaal 20.000 Nm3 per uur bedraagt. De uitstootsnelheid van deze gassen moet hoger liggen dan 7 m/s. Op die manier veroorzaakt u geen hinder voor de buren en stoot u geen stofdeeltjes en geuren uit langs deuren en vensters.

Uw schoorstenen en het afvoersysteem van uw spuitcabine en van de voorbereidingszone van het spuitwerk moeten op elk moment toegankelijk zijn voor controles.

Welke producten?

Ook door de keuze voor milieuvriendelijke producten kunt u de luchtvervuiling in uw atelier beperken. Dat is des te meer aangewezen omdat het binnenkort verboden is meer dan de toegestane hoeveelheid te verbruiken van volgende producten:

Producten en hun solventgehalte

 Producten

 g/l van het gebruiksklare

product [1]

Voorbereidingsproducten

850 g/l

Reinigingsproduct bij voorbereiding

200 g/l

Poriënvuller en koetswerkmastiek

250 g/l

Wash primer

780 g/l

Plamuur en diverse basismaterialen voor metaal

540 g/l

Afwerkingslaag

420 g/l

Speciale afwerkingproducten

840 g/l

[1] g/l van het gebruiksklare product, het watergehalte moet buiten beschouwing worden gelaten.

Wanneer het gaat om een reinigingsproduct dat geen enkele vaste stof bevat, wordt de hoeveelheid VOS berekend op het volume inclusief water.

Zijn deze verbodsbepalingen belangrijk voor u? Zeker. Zelfs al op dit moment als uw milieuvergunning dateert van na 1 april 2002. In het andere geval worden ze van kracht vanaf 1 januari 2008.

 

Kies er dus voor om meteen verf met een laag VOS-gehalte te gebruiken:

  • verf op basis van water omdat het water dan het grootste deel van de VOS vervangt;
  • ‘high-solid’ lakken met een lager gehalte aan organische oplosmiddelen (minder dan 30%): die geven een betere toplaag en hebben een kortere droogtijd.

Houd uw registers bij

Als carrosseriebedrijf bent u verplicht om twee registers bij te houden waarin u zorgvuldig alle facturen, leveringsbonnen en productfiches bewaart:

  • Het onderhoudsregister van de spuitcabine en van ander carrosseriemateriaal. De technicus noteert hierin de aard van de onderhoudswerkzaamheden die hij heeft uitgevoerd en de uurtellerstand van het cabinegebruik.
  • Het afvalregister. Daarover leest u meer in de rubriek ‘afval’.

Wetgeving

Een besluit van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest legt sinds 15 mei 2003 het gebruik op van producten die weinig oplosmiddelen bevatten en van specifieke werkmethoden. Het bepaalt ook de minimale uitbatingsvoorwaarden die u moet respecteren in uw bedrijf. Zij moeten ervoor zorgen dat de carrossier zijn aankopen met kennis van zaken verricht.

Besluit van 3 juli 2003 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen in installaties voor oppervlaktereiniging.

Raadpleeg ook de Europese richtlijn 2004-42/CE van het Europese Parlement en van de Europese Raad van 21 april 2004 over de vermindering van de uitstoot van organische stoffen als gevolg van het gebruik van organische oplosmiddelen in bepaalde lak- en verfproducten en in producten voor kleine retouches aan auto’s. Die richtlijn wijzigt richtlijn nr. 1999/13/CE.

Datum van de update: 18/02/2016