U bent hier

Ruïnes en stoepen

Tussen stoeptegels, langs muren, in ruïnes en langs wegen groeit een beplanting die velen van ons vaak afdoen als onbelangrijk en snel onder de categorie onkruid onderbrengen. Toch heeft ook deze beplanting een nuttige rol te spelen in het verhaal van de biodiversiteit, want ze trekt vlinders en andere nectarzoekende insecten aan, met in hun zog predators, of vogels zoals de mus die zich voedt met hun zaadjes. Deze zogenaamde “ruderale” planten (van het Latijnse rudus, puin) vormen een heus ecosysteem in de steden. Maken er deel van uit: brandnetels, grote weegbree (meest voorkomende soort in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest), paardenbloem, tuintjesgras, kruiskruid, alsem, winde, kweek, distel, melkdistel… en hier en daar sommige exotische soorten.

Ruderale planten groeien op open, verwilderde of instabiele plekken. Wat aarde in een spleetje, tussen het puin, op een muur, volstaat voor sommige soorten om te ontkiemen. Andere soorten (“nitrofielen”) geven de voorkeur aan nitraatrijke terreinen, waar honden urineren, waar mest is doorgesijpeld, waar menselijke activiteit afval heeft gegenereerd…

Vaak zijn het de eerste planten om een plek te koloniseren wanneer die verstoord is (bijvoorbeeld na de afbraak van een flatgebouw). Die pioniersplanten worden vervolgens verdrongen door ruigtebeplanting als de plek verlaten blijft.

 

 

 

Datum van de update: 23/08/2018
Documenten: 

Om een papieren versie te bestellen: 02 775 75 75 of neem contact op met de dienst Info-Leefmilieu via e-mail