U bent hier

Toezicht op vogelgriep

Enkele jaren geleden brak er een vogelgriepepidemie uit in Zuidoost-Azië, Afrika en - in mindere mate - Europa. Een Europese Richtlijn verplicht de lidstaten sindsdien om het H5N1-griepvirus, dat de ziekte veroorzaakte, grondig op te volgen. Dat gebeurt vooral door veiligheidsmaatregelen op te leggen aan professionele bedrijven waar vogels in grote aantallen aanwezig zijn. Onder de in het wild levende dieren circuleren echter voortdurend verscheidene lichtjes ziekteverwekkende stammen van het virus. Sinds begin november 2016 werden her en der in Europa dode watervogels gevonden. Zij bleken besmet met het hoogst ziekteverwekkende vogelgriepvirus van het type H5N8. Ook dit vrius kan zich snel verspreiden en besmet heel makkelijk kippen en kalkoenen. Op 13 november 2020 werd een nieuwe uitbraak gemeld bij enkele wilde vogels aan de Belgische kust. 

Wat is vogelgriep?

Vogelgriep of ‘aviaire influenza’ is een ziekte die voorkomt bij vogels, zowel bij gedomesticeerde vogels als bij wilde vogels in de natuur. De infectie is viraal en kan heel besmettelijk zijn. Afhankelijk van de variant is een sterftecijfer van 3 tot 100% mogelijk bij de besmette dieren. In principe zijn alle pluimveesoorten vatbaar voor deze ziekte, maar tot vandaag is ze vooral waargenomen bij eenden, ganzen, kippen, kalkoenen, fazanten, parelhoenen, kwartels en patrijzen.

De symptomen bij zieke vogels zijn:

  • ademhalingsproblemen
  • ooginfecties
  • slaperigheid
  • beperkte eetlust
  • verminderde eiproductie
  • een grote of abnormale sterfte.

Risico’s voor de mens

De overbrenging van het vogelgriepvirus naar de mens is eerder zeldzaam (de Wereldgezondheidsorganisatie registreerde minder dan 300 gevallen tussen 2003 en 2006 in de besmette gebieden). De risicopersonen zijn mensen die door hun beroepsactiviteit (kwekers, dierenartsen, enz.) direct in contact komen met besmette vogels.

De besmetting gebeurt vooral via de luchtwegen. Eenvoudig contact met een besmet dier is niet voldoende. Op basis van de geregistreerde gevallen lijkt het erop dat blootstelling aan grote hoeveelheden van het virus noodzakelijk is. Besmette personen liepen het virus enkel op na contacten met huisdieren en niet met dieren in de natuur. Voor het H5N8 virus zijn nog geen problemen gemeld bij de mens.

Toezicht

De Europese Richtlijn over de vogelgriep verplicht alle Lidstaten - waaronder dus België - om de betrokken vogels op twee manieren op te volgen:

  • een actieve methode: analyse van monsters bij levende vogels;
  • een passieve methode: analyse van monsters in geval van abnormale sterfte bij vogels.

In België zorgt het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) voor het actieve toezicht, en de Gewesten zijn verantwoordelijk voor het passieve toezicht.

Waaruit bestaat het passieve toezicht en wie zorgt ervoor?

In het Brussels Gewest werkte Leefmilieu Brussel een procedure uit voor de observatie van vogels in de groene ruimten en in de buurt van vijvers. De parkwachters, tuiniers en boswachters zorgen daarvoor. We vermelden hier duidelijk dat het Gewest niet geregistreerd staat als een risicozone, omdat het niet op de routes ligt met grote aantallen trekvogels.

Voor de alerte burger is ook een rol weggelegd bij het passieve toezicht: wij vragen u om de bevoegde overheid (zie hieronder voor de contactgegevens) te contacteren als u verdachte dode, in het wild levende vogels aantreft.

 

Wanneer is een dode, in het wild levende vogel ‘verdacht’?

Wij vragen contact op te nemen met de bevoegde overheid als u op een bepaalde plaats meerdere lijken vindt van vogels van eenzelfde soort of familie.

De term ‘meerdere’ heeft een andere invulling volgens de soort. Het gaat om:

  • voor eenden, ganzen, zwanen, roofvogels en futen: 1 dier,
  • voor meeuwen: 10 dieren,
  • voor de andere soorten: 5 dieren.

Met wie neemt u contact op?

‘Verdachte’ dode vogels

Vond u op één plaats op eenzelfde moment vogelkadavers die voldoen aan bovenstaande criterium ? Bel dan naar het 'Call Center Influenza' op het gratis nummer 0800 99 777.

Dode vogel

Vond u een of meerdere dode vogels waarvan de aantallen niet voldoen aan bovenstaande criterium in een park, een groene ruimte of in een tuin? Raak het kadaver nooit aan. U kan uw vondst melden bij: 

Bij wie? 

  • Bij de aanwezige parkwachters of tuiniers, of bij Leefmilieu Brussel  als u de vogel aantrof in een park of groene ruimte beheerd door het Gewest (02 775 75 75, van maandag tot vrijdag van 9 tot 12.30 uur en van 13.30 tot 17 uur, of per e-mail)
  • De gemeente indien u de dode vogel aantrof in uw tuin, of op een privé- of gemeentelijk terrein. 
Datum van de update: 26/11/2020