U bent hier

Toepassing van de vogelrichtlijn

Geen enkel gebied in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoet aan de voorwaarden uit de Vogelrichtlijn om bijzondere bescherming te genieten en aldus opgenomen te worden in het Natura 2000-netwerk.

Niettemin telt het Gewest een aantal gebieden die zeer belangrijk zijn voor broed- en trekvogels. Deze bevinden zich meestal in zones die als habitatrichtlijngebied werden afgebakend en worden zodoende beschermd.

Bijlage I van de Vogelrichtlijn somt 187 soorten en ondersoorten van vogels op die, omdat ze met uitsterven bedreigd zijn, kwetsbaar of zeldzaam zijn of in een zeer specifieke habitat leven, van speciale beschermingsmaatregelen voor hun habitats moeten genieten. Sommige vogelsoorten uit die bijlage komen in het Brussels Gewest voor:

IJsvogel (Alcedo atthis)

Middelste Bonte Specht (Dendrocopus medius)

Slechtvalk (Falco peregrinus)

Wespendief (Pernis apivorus)

Zwarte Specht (Dryocopus martius)

Nonnetje (Mergus albellus)

Nachtzwaluw (Caprimulgus europaeus)

Grote Zilverreiger (Ardea alba)

Roerdomp (Botaurus stellaris)

De verspreiding en de aantallen van deze vogelsoorten worden aan de hand van verschillende projecten opgevolgd:

  • De redactie, om de 10 tot 15 jaar, van Brusselse broedvogelatlassen. De meest recente, die in 2007 werd gepubliceerd door de vzw Natagora/AVES in opdracht van Leefmilieu Brussel, had betrekking op de Brusselse broedvogels tussen 2000 en 2004.
  • De in Brussel overwinterende watervogels vormen het voorwerp van een studie die wordt gecoördineerd door de vzw Natagora/AVES. Hiervoor krijgt de vereniging van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een jaarlijkse subsidie.
Datum van de update: 19/03/2018