U bent hier

Milieuvergunning en -aangifte

De antennes die onder de Brusselse norm vallen, zijn ingedeelde inrichtingen  ingedeelde inrichtingen .wannee Deze antennes mogen enkel worden gebruikt mits een voorafgaande vergunning waarin de specifieke exploitatievoorwaarden staan vermeld.

De lijst van deze inrichtingen wordt door de Brusselse overheid opgesteld. De antennes behoren tot de inrichtingen van klasse 1C of 1D. 

Voor antennes van klasse 1C is een milieuaangifte nodig. 

Het gaat om antennes met een effectief equivalent isotroop uitgestraald vermogen (EIRP) tussen 2 en 5 watt:

  • binnenantennes – in gebouwen, metrostations ... 
  • passieve antennes 

Voor antennes van klasse 1D is een milieuvergunning nodig. 

Het gaat om buitenantennes met een effectief EIRP:

  • > 2 watt als ze passief zijn en 
  • > 5 watt als ze actief actief zijn

Kort samengevat: als een operator een nieuwe antennesite wil plaatsen of een antenneparameter wil wijzigen op een bestaande site, moet hij een vergunning van klasse 1C of 1D krijgen. 

De procedures en de klassering van de antennes zijn vastgelegd in het besluit van 30 oktober 2009 betreffende bepaalde antennes die elektromagnetische golven uitzenden uitzendende werd gewijzigd door het besluit van 1 juli 2021.

Hoe verloopt de procedure voor de milieuaangifte?

Deze procedure is eenvoudiger dan de procedure voor een milieuvergunning. 

De operator van binnen- of buitenantennes met een effectief equivalent isotroop uitgestraald vermogen (EIRP) tussen 2 en 5 watt dient bij Leefmilieu Brussel een aanvraag in met een formulier en een technisch dossier. Dat dossier bevat de volgende elementen: 

  • de plannen waarin de structuur van het netwerk en de positie van elke antenne worden aangegeven;
  • de afstanden die een veiligheidsvolume voor elke antenne bepalen. Buiten dat volume moet de 25% van de norm (3 V/m) worden nageleefd. Dat volume mag zich niet lager dan 1,5 m boven de grond bevinden in een voor het publiek toegankelijke plaats.

Zodra het dossier volledig is, bezorgt Leefmilieu Brussel de operator een ontvangstbevestiging van de aangifte. Vanaf dat moment kan de operator met de werkzaamheden beginnen en zijn antennes exploiteren, indien hij voldoet aan de verplichtingen van andere, zoals stedenbouwkundige, bepalingen. 

Hoe verloopt de procedure voor de milieuvergunning?

1. Indiening en behandeling van de aanvraag 

Wanneer een operator een nieuwe antennesite van een gebouw wil exploiteren of één of meerdere parameters van een bestaande site wil wijzigen, moet hij hiervoor een aanvraag indienen bij Leefmilieu Brussel.  

Die aanvraag bevat een aantal documenten, zoals een milieuvergunningsaanvraagformulier 

De milieuvergunning, vroeger bekend als de 'commodo-incommodo' exploitatievergunning, is een document met de technische bepalingen die de exploitant van een installatie moet naleven, zoals een tankstation, een drukkerij, een droogkuis enz.

Het doel van de voorwaarden die door de administratie zijn vastgelegd, is de bescherming te waarborgen tegen elke vorm van gevaar, hinder of ongemak die een inrichting of een activiteit rechtstreeks of onrechtstreeks zou kunnen veroorzaken aan het leefmilieu, de gezondheid en de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van elke persoon die zich binnen de ruimte van een inrichting bevindt, zonder er als werknemer te kunnen worden beschermd.

en een technisch dossier. Dat dossier bevat alle technische gegevens over de antennes: positie, vermogen, zendfrequentie, afmetingen, hellingen, stralingsrichting enz.

De medewerker van Leefmilieu Brussel voert de technische gegevens van de antennes vervolgens in een programma dat de straling van de antennes simuleert.  Zo kan hij een digitale simulatie uitvoeren van het elektromagnetische veld en nagaan of de geldende norm wel degelijk wordt nageleefd in alle voor het publiek toegankelijke plaatsen. 

Zodra een operator een milieuvergunningsaanvraag indient, hetzij voor een nieuwe antennesite, hetzij voor de wijziging van een bestaande site, wordt de aanvraag opgenomen in het online kadaster van zendantennes.

2. Bezoek ter plaatse

Nadat Leefmilieu Brussel de aanvraag heeft onderzocht, kan het indien nodig een bezoek brengen aan de site om na te gaan of de omgeving van de antenne wel degelijk overeenstemt met wat in de aanvraag werd omschreven. 

Zo kan Leefmilieu Brussel in het bijzonder controleren of alle gebouwen en terrassen die de resultaten van de simulatie zouden kunnen beïnvloeden wel degelijk in aanmerking werden genomen.  

Gaat het om een aanvraag om een bestaande site te wijzigen? Dan kunnen tijdens dat bezoek de technische parameters van de antennes worden geverifieerd.

3. Beslissing

Als de norm wordt nageleefd in de simulaties ontvangt de operator een milieuvergunning. Via de toekenning van die vergunning wil Leefmilieu Brussel alle voorschriften op het vlak van veiligheid en bescherming van het milieu en de omwonenden waarborgen.  De vergunning legt bijvoorbeeld rond de antennes een zone op die niet toegankelijk is voor niet-gekwalificeerd personeel.

4. Betwisting van een vergunning

Iedere burger kan een vergunning betwisten die door Brussel Leefmilieu werd verleend door een beroep in te stellen bij het Milieucollege. 

Dat beroep:

  • moet binnen de 30 dagen bij aangetekend schrijven worden ingesteld, te rekenen vanaf de laatste dag van de aanplakking van de beslissing;
  • kost 125 euro aan dossierkosten.

Meer info

Datum van de update: 07/12/2021