U bent hier

Wat is een golf?

Zoals golven op het water die informatie verspreiden

Golven in de lucht zijn onzichtbaar, maar u kunt ze zich proberen voor te stellen als de golven op het wateroppervlak nadat u er een keitje hebt ingegooid. Zodra het keitje het water raakt, ontstaan hoge of minder hoge golven op de plek waar het is terechtgekomen. Deze golven planten zich regelmatig voort aan het wateroppervlak. De golven in de lucht zijn net zo: ze oscilleren een bepaald aantal keren per seconde – dat is hun frequentie, en ze respecteren een bepaald interval tussen twee pieken of dalen van de golf – de golflengte.

De frequentie, uitgedrukt in Hertz (Hz), en de golflengte, uitgedrukt in meter, zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden: hoe hoger de frequentie, hoe korter de golflengte. We nemen een eenvoudige analogie om deze verhouding visueel voor te stellen: stel u voor dat u een lang touw vastmaakt aan een paal en dat u het vrije uiteinde in uw hand houdt. Als u een trage beweging maakt, van boven naar onder, vormt het touw een enkele lange boog, een golfbeweging over een lange afstand. Maar als u sneller beweegt, ziet u een hele reeks kortere golven ontstaan. Aangezien de lengte van het touw niet verandert, kunnen we stellen dat hoe meer golven er zijn, hoe dichter ze bij elkaar liggen (kortere golflengte).

De golven in ons dagelijks leven

De verschillende golven kunnen in het elektromagnetisch spectrum worden ingedeeld naargelang van hun frequentie. De zeer hoogfrequente golven worden vaak “stralen” genoemd (bv. ultraviolette stralen, X-stralen, gammastralen), aangezien de energiestroom in de ruimte groot is. Voor minder hoge frequenties, wanneer de energieoverdracht niet zo groot is, wordt eerder over elektromagnetische straling gesproken.

Welk soort golven zenden de antennes uit?

De golven die worden gebruikt voor mobiele telefonie zijn radiogolven, van hetzelfde type als de golven die worden gebruikt voor tv-signalen en radioprogramma’s, radars en telecommunicatie in het algemeen. De frequenties liggen tussen 100 kHz en 300 GHz.

In het dagelijkse leven kennen wij tal van uitrustingen die werken met dit gamma golven. Sommige zijn gewone receptoren, m.a.w. ze zenden geen golven uit, zoals de gps, radiotoestellen of tv-antennes. Andere toestellen ontvangen golven, maar zenden er ook uit, zoals de gsm, de babyfoon, bluetooth of wifi.

Verschillende gsm-frequenties

De antennes van mobiele telefonie zenden uit bij frequenties van 900 MHz en 1800 MHz voor 2G, 900 MHz en 2100 MHz voor 3G, 800 MHz, 1800 MHz en 2600 MHz voor 4G. De meeste moderne gsm’s zijn meerbandig: ze werken op verschillende frequenties, naargelang van het netwerk en de gebruikte dienstverlening. Ze ontvangen en zenden signalen uit op deze frequenties, om een verbinding tot stand te brengen met het dichtstbijzijnde basisstation.

In het frequentiegamma van deze radiogolven is er onvoldoende energie om de structuur van een cel te wijzigen. Daarom wordt deze straling niet-ioniserende straling genoemd: ze kunnen geen ion onttrekken aan de materie, in tegenstelling tot bijvoorbeeld X-stralen, die een frequentie hebben die veel hoger ligt en die deel uitmaken van de ioniserende straling.

Hoewel deze golven de cellen niet rechtstreeks kunnen wijzigen, kunnen ze wel gevolgen hebben voor het lichaam. Het meest gekende is het thermische effect: u hebt vast al opgemerkt dat er warmte vrijkomt wanneer u lang telefoneert met een gsm. Vandaag heeft de wetenschap nog niet met zekerheid kunnen vaststellen of er andere langetermijneffecten zijn voor de gezondheid. Daarom blijven de autoriteiten voorzichtig wanneer ze normen vastleggen.

 

Datum van de update: 04/04/2018