U bent hier

Hoeveelheid

Analyse van de tendensen (kwantitatieve monitoring) 

Op basis van de analyse van de tijdsreeksen van de piëzometrische metingen en de tendensen die verband houden met de waterwinningen, werd de kwantitatieve toestand van de 5 grondwaterlichamen in 2012 goed geacht. Dit zal zo blijven tot 2021 voor zover de tendensen in verband met de actuele waterwinningen en de watertoevoer naar de aquifers zich handhaven.

De 4 grondwaterlichamen van de Sokkel en het Krijt, van de Sokkel in het Voedingsgebied, van het Landeniaan en van het Ieperiaan (Heuvelstreek) zouden hun goede kwantitatieve toestand in 2021 moeten behouden.

Het peil van de diepe grondwaterlagen kent sinds 1996 een globale stijgende tendens op verschillende plaatsen. De druk blijft dalen door de beperking van de aanwending ervan in verband met de activiteiten van de secundaire sector.

 

Wat het waterlichaam van de Brusseliaanzanden betreft, vertonen de tijdsreeksen van de piëzometrische metingen een sterke variabiliteit in tijd en ruimte naargelang van de in aanmerking genomen controlepiëzometers. De kwantitatieve evolutie ervan wordt overschaduwd door verschillende onzekerheden. Sinds 2014 dalen de tendensen voor bepaalde controlepiëzometers.

Simulaties en evaluatie van de duurzaamheid

De grondwaterlichamen van de Brusseliaan- en Landeniaanzanden zijn twee strategische watervoorraden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Om er met name een goed beheer van te garanderen, werden er simulaties uitgevoerd aan de hand van onze hydrogeologische modellen.

Dankzij de BPSM- en Hydrolannd-modellen kon de duurzaamheid ervan worden geëvalueerd. Zo bleek met name dat de huidige aanwending ervan voor drinkwatervoorziening en industrieel en tertiair gebruik doordacht en duurzaam lijkt.

Terwijl de grondwaterlaag van de Brusseliaanzanden lijkt te worden gekenmerkt door een goede productiviteit/duurzaamheid, lijkt de piëzometrie ervan evenwel gevoelig voor neerslagveranderingen (dus voor veranderingen van het klimaat en voor de afdekking van de doorlaatbare oppervlakten.

Dit geldt ook voor de grondwaterlaag van de Landeniaanzanden die bovendien wordt gekenmerkt door een matigere productiviteit/duurzaamheid en een piëzometrie die tamelijk gevoelig is voor de waterwinningen.

 

Datum van de update: 18/03/2019