U bent hier

Onderhoud van de bodem van de moestuin in de lente

In de lente moeten de bodem en het leven erin uit hun winterslaap gewekt worden: Laat ze rustig wakker worden, zonder ze op te jagen, en geef hen enkel een zacht duwtje in de rug!
Plan ook voor jezelf een rustige start : bereid, alvorens je gaat zaaien en planten, de grond stap voor stap voor en doe dit liefst één of twee weken van tevoren. Het is niet nodig om je moestuin begin februari al volledig gebruiksklaar te maken als de helft ervan pas in april of mei gebruikt zal worden! Zeker als je niets hebt om de voorbereide en meestal onbedekte percelen mee te bedekken. Indien gewenst kan je ook, als er op tijd mee begonnen wordt, de valse zaaitechniek (of vals zaaibed) gebruiken!

 

De bodem voorbereiden op het zaaien

 

De bodem voeden

 

De bodem beschermen

De bodem voorbereiden op het zaaien 

Zorg voor de bodembedekking

De voorbereiding zal afhangen van de zorgen die je hier in de herfst en winter aan hebt besteed:

  • Heb je groenbemesters gezaaid aan het einde van de zomer of aan het begin van de herfst? Indien de planten nog niet gedood zijn door de vorst, snoei ze dan en laat ze gedurende één à twee weken drogen aan de oppervlakte. Verwerk ze vervolgens in de bovenste laag van de bodem (0-15 cm) met behulp van een krabber (cultivator).

  • Is je grond bedekt met een mulchlaag? Het kan interessant zijn om de bodem te laten opwarmen, zodat de zaden gemakkelijker kunnen ontkiemen. Dit is vooral aan te raden bij een zware en kleiachtige bodem. Verwijder dan bij goed weer de mulchlaag enkele dagen voor het zaaien, zodat de zonnestralen de bodem kunnen opwarmen. Doe dit echter niet te lang op voorhand, zeker niet wanneer je bodem licht en zanderig is; dit zou hem onnodig uitdrogen en tegelijkertijd de organismen uit de bovenste laag in gevaar brengen. Vergeet niet dat een goede bodem, een levende bodem is! Je kan je mulchlaag verder laten ontbinden in de compostbak of aan de randen van de moestuin (vermijd dit laatste indien je veel slakken in je moestuin hebt, want slakken zien deze hoopjes als de ideale uitvalsbasis om zo op plundertocht te gaan).

  • Zijn er nog gewassen aanwezig?  Laat ze rustig op hun plaats tot wanneer het tijd is om te oogsten. Als je de bodem tussen de planten hebt bedekt met een mulchlaag – zeer goed idee – kan je deze ook laten liggen. Kleine uitzondering: als het vochtig weer is en men heeft een zwaardere grond, dan worden uien, sjalotten en knoflook liever niet bedekt met een mulchlaag omdat ze dan meer vatbaar zijn voor schimmelziekten door de stagnerende vochtigheid.

  • Je bodem was niet bedekt? De grond is waarschijnlijk verdicht, er heeft zich een korst gevormd aan het oppervlak en het onkruid is ook van de partij. Dit betekent: werk aan de winkel! Het kan interessant zijn om levende organismen in de bodem te brengen. Dat kan door het toevoegen van een paar scheppen aarde uit een andere moestuin of van nog niet volledig verteerde compost. Let op, weet dat enkel een zak potgrond toevoegen geen leven zal toevoegen aan je bodem.

De bodem losmaken

Hoeveel moeite deze stap zal kosten is afhankelijk van de bodem en de manier waarop hij was bedekt tijdens de herfst en winter. Hoewel het wordt afgeraden om je bodem op traditionele wijze om te woelen en te spitten, zal het toch nodig zijn om hem minder compact en losser te maken.

Alvorens de mouwen op te rollen, moet je ervoor zorgen dat de omstandigheden goed zitten: bewerk geen bodem die bevroren, te nat of te kleverig is. In het laatste geval loop je zelfs het risico om hem nog compacter te maken.

Als je je bodem de voorbije jaren goed vertroeteld hebt (lege percelen bedekt, compost, RCW, groenbemesting... toegevoegd), volstaat het om enkel met een krabber (cultivator) te werken: hierdoor wordt de eventuele oppervlakkige gevormde korst losgemaakt en bewerk je de bovenste 10 cm waarin de kwetsbare wortels van jonge zaailingen zich zullen ontwikkelen. Raadpleeg in dit geval eerst het gedeelte ‘De bodem voeden’ voordat u de krabber (cultivator) gebruikt!

Je zal echter niet kunnen voorkomen dat de bodem ook op een dieper niveau moet worden losgemaakt wanneer je bodem zwaar en compact is of wanneer je een nieuwe moestuin installeert en de bodem in de voorgaande jaren is aangedrukt door erover te lopen. Ga niettemin voorzichtig te werk: gebruik een woelriek/woelvork  of spitvork. Til de kluiten op, breek ze indien nodig, maar draai ze niet om! Zo vermijd je dat de organismen van de diepe laag in contact komen met de lucht en het volle licht en dat de organismen van de ondiepe laag diep begraven worden. Dit kan voor beide fataal zijn.

‘Onkruid’

 Als de bodem in de winter goed werd afgedekt dan, zou het zogenaamd onkruid geen probleem mogen zijn. Als daarentegen de bodem onbedekt is gebleven, dan is het waarschijnlijk dat er ‘onkruid’ is verschenen. Zoveel te beter, want dit onkruid heeft  je bodem ook bedekt. Laat het zitten tot het tijd is om de grond voor te bereiden voor het zaaien. Het onkruid zal dienst blijven doen als bodembedekker. 

Probeer wel te vermijden dat het zich verder verspreid, anders krijg je te maken met talrijke nakomelingen. 

Vooral op percelen waar pas half mei zal worden gezaaid/geplant, kunnen we al snel te maken krijgen met een grote ontwikkeling en veel onkruidverdelgingswerk. In dergelijke gevallen adviseren wij om te wieden en vervolgens de bodem te bedekken.

Als je regelmatig moet vechten tegen het onkruid, kun je ook de ‘valse zaaitechniek (of vals zaaibed)’ toepassen.

De bodem voeden

De lente is het seizoen waarin de gewassen beginnen te groeien en de planten een grote behoefte hebben aan mineralen. Kies daarom voor bodemverbeteraars  die mineralen en voedingsstoffen leveren die snel beschikbaar zijn voor de planten: rijpe compost, gecomposteerde mest,...

Voeg bodemverbeteraar toe waar nodig. Verdeel het oppervlakkig en verwerk het met een krabber (cultivator) in de eerste 10 cm van je bodem. Het bodemleven zorgt voor de rest (afbraak en vermenging in de bodem). De hoeveelheid bodemverbeteraar zal afhangen van de bodem en van de gewassen die je wilt telen.

Als je de planten groepeert op basis van hun voedselbehoefte (wisselteelt) of per groente (hele bak courgetten, tomaten...), kun je gemakkelijk rekening houden met de behoeften van elke groente. In het algemeen geven wortel- en bolgewassen de voorkeur aan een minder rijke grond. Terwijl blad- en vruchtgewassen, waaronder koolsoorten, meer voeding nodig hebben en dus ook een rijkere bodem. Het is dus zeker de moeite waard om compost, stalmest of meststoffen toe te voegen vóór je begint met het telen van dit soort groenten.

Gulzig Gemiddeld gulzig Minder gulzig
Pompoenen: reuzenpompoen,
butternetpompoen, enz.
Aubergine Look
Courgette Paprika Ui en sjalot
Komkommer en angurk Tomaten Radijs
Kool (behalve spruitjes) Sla Veldsla
Prei Snijbiet en rode biet Boontjes
Maïs Wortelen Erwten
Rabarber Selderij Tuinbonen
Aardappelen Spinazie  

De hoeveelheid die moet worden toegediend hangt dus af van de groente maar ook van de bodem: een goede vruchtbare bodem zal vooral onderhouden moeten worden terwijl een arme bodem grotere hoeveelheden nodig zal hebben om zijn voorraad voedingsstoffen weer op peil te brengen.

Reken per m² op ongeveer 10 tot 15 liter (5 tot 7 kg) rijpe compost voor groenten die veel voeding nodig hebben en op 4 tot 10 liter (2 tot 5 kg) voor minder gulzige groenten. Verhoog de hoeveelheden bij een arme bodem.

Heb je een bak vol potgrond die er al een jaar (of langer) staat? Denk aan de nodige voeding! Commerciële potgrond is verrijkt met minerale zouten die je planten gedurende één seizoen (± 3 tot 6 maanden) kunnen voeden. Na deze periode is er dus geen voeding meer over voor je planten. Voeg compost toe en, indien mogelijk, ook aarde. Hierdoor ontstaat er een grotere reserve aan minerale zouten.

De bodem beschermen

Na het voeden is het nog steeds belangrijk om de bodem bedekt te houden. Zo wordt hij beschermd tegen regen: regen neemt voedingsstoffen namelijk mee tot diep in de grond (men spreekt van uitloging), en vormt wanneer de grond opdroogt, een harde korst aan het oppervlak waar de kleine scheuten moeilijk doorheen kunnen groeien. Bedekken beschermt de bodem ook tegen zonlicht en waterverlies door verdamping, en dus tegen uitdroging, wat schadelijk is voor de planten en bodemorganismen. Ten slotte zal de bedekking het effect van koudegolven die in het vroege voorjaar nog mogelijk zijn wat verzachten.

Voorzie daarom een mulchlaag. Deze laag mag niet te dik (1cm) zijn aangezien de zaailingen moeten uitkomen en anders loop je het risico dat ze nooit het daglicht zien. Rondom de planten die al gegroeid of overgeplant zijn mag je de mulchlaag wat dikker leggen. 

Om de bodem te bedekken kun je gebruik maken van gemaaid gras (in hele dunne lagen die regelmatig worden vernieuwd), afgesneden brandnetels, gewied onkruid (zonder zaadjes en wortels), stro, enz.

Je kunt ook snelgroeiende bodemgewassen zaaien (mesclun, postelein, spinazie, rucola, radijs ...), in combinatie met trager groeiende gewassen. De eersten zullen de grond beschermen terwijl de tragere zich ontwikkelen. 

Op percelen die pas op een later tijdstip gewassen zullen verwelkomen, bijvoorbeeld gewassen die slecht tegen de kou kunnen en pas tegen half mei uitgeplant kunnen worden, kan je er ook voor kiezen om een snelgroeiende groenbemester te zaaien. Denk aan spinazie, mosterd, phacelia en bonen.

De bodem voorbereiden
1. Zorg voor bodembedekking

Groenbemesters?
Maaien voor het zaaien

Enn mulchlaag?
Verwijder de bodembedekking een paar dagen voor het zaaien zodat de grond kan opwarmen

Zijn en nog gewassen ter plaatse?
Laat ze staan tot het tijd is om ze te oogsten

Onbedekt bodem?
Onkruid wieden

Goed verzorgde grond? Recente moestuin / aangestampte grond?

2. De bodem voeden
Bodemverbeteraars toevoegen

2. De bodem verluchten
De grond bewerken met de riek/spitvork spade

3. De bodem verlucthen
In de bodem woelen om de harde korst aan de oppervlakte te breken (diepte 10 cm)

3. De bodem voeden
Bodemverbeteraars aanbrengen

4. De bodem beschermen
De bodem bedekt houden door:
a) Een mulchlaag aanbrengen
b) Bodembedekkers zaaien
c) Groenbemesters voor een snelle groei

 

 Volgende pagina: De bodem van je moestuin onderhouden in de zomer?

Datum van de update: 30/06/2021