U bent hier

Focus : De strategie "Good food" in een schoolmilieu

De Good food-strategie die eind 2015 door het Brussels Gewest werd goedgekeurd beoogt de overgang naar een duurzamer voedingssysteem. Ze biedt niet alleen een antwoord op milieu- en klimaatuitdagingen maar ook op gezondheids-, sociaaleconomische (inclusief de creatie van jobs) en maatschappelijke uitdagingen. Scholen vormen een van de voornaamste hefbomen voor de begeleiding van deze overgang. De gevoerde acties kunnen de jongere generaties sensibiliseren en helpen in de strijd tegen voedselverspilling. Heel wat acties van de strategie mikken dus op de mobilisatie van spelers in scholen en kinderdagverblijven, via de versterking van het pedagogisch aanbod en de verbetering van beheerpraktijken in verband met duurzame voeding, moestuinen en “Good food”-kantines.

Sinds haar lancering werd de “Good food”-strategie onder meer uitgewerkt via:
- Een Good food-label voor 2 kinderdagverblijven, 2 scholen en 1 universiteit (instellingen die in totaal zo’n 3.370 maaltijden per dag serveren), en begeleiding bij het proces voor het verkrijgen van het label voor 8 kinderdagverblijven, 2 scholen en 1 hogeschool (samen goed voor ongeveer 1.240 maaltijden per dag) (situatie in 2017) ;
- De uitvoering van 58 projecten voor schoolmoestuinen tijdens het academiejaar 2016-2017 en de (lopende) begeleiding van 24 projecten voor moestuinen die aan het einde van het schooljaar 2017-2018 gerealiseerd zouden moeten worden ;
- De uitvoering van 20 andere projecten in verband met duurzame voeding, onder meer rond vegetarisch eten en voedselverspilling (academiejaren 2016-2017 en 2017-2018) ; 
- Een honderdtal animaties over duurzame voeding in de klassen en opleidingen voor omkaderend schoolpersoneel.

Voeding, een grote uitdaging voor het milieu en de maatschappij

De meeste huidige praktijken voor de productie, verwerking, verpakking, distributie en consumptie van voedingswaren dragen in grote mate bij tot de uitputting van grondstoffen, de emissie van broeikasgassen en de erosie van de biodiversiteit (zie VSL 2007-2010, Focus: Impact van de voeding op het leefmilieu). Bijvoorbeeld, volgens het EMA [2017] is de nodige hoeveelheid energie voor de teelt, verwerking, verpakking en het vervoer van voedsel tot bij de Europese consumenten goed voor zo’n 26% van het totaal uiteindelijk energieverbruik in de Europese Unie.
Naast deze milieu- en klimaatuitdagingen speelt voeding ook een rol in uitdagingen op het vlak van:

  • gezondheid:  risico’s door het gebruik van pesticiden (landbouwers en omwonenden) of het verbruik van bepaalde voedingswaren (accidentele besmettingen, residu’s van pesticiden of antibiotica enz.), slechte voedingsgewoonten (bv. onevenwichtige of te calorierijke diëten), ondervoeding enz. ;  
  • sociaaleconomische factoren: de kosten voor voeding liggen te hoog voor de armste gezinnen, precaire economische situatie voor tal van spelers in het voedingssysteem (landbouwers maar ook kleinhandels bijvoorbeeld), aanzienlijke afname van werkgelegenheid in de landbouwsector, overproductie en verspilling, enz. ;
  • ethiek: concurrentie van exportgewassen met lokale producten, onvoldoende vergoeding van bepaalde spelers in het voedingssysteem (in het bijzonder de landbouwers), omstandigheden van de veeteelt en slachting van de dieren, overconsumptie van vlees (productie die heel wat grond vereist en sterk vervuilt), voedselverspilling enz. ;
  • cultuur en maatschappij: verlies van landbouwgebieden en tradities, uniformering van voedingsproducten en verbruikswijzen, verlies van band tussen producenten en consumenten, enz.

De Good food-strategie 

De Good food-strategie “Naar een duurzamer voedingssysteem in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ” werd in december 2015 door de Brusselse regering goedgekeurd voor de periode 2016-2020.  Ze wil op gecoördineerde wijze een antwoord bieden op de uitdagingen in verband met de gezondheid, de kwaliteit en de milieu-impact van het voedingssysteem evenals op het vlak van de ontwikkeling van de lokale economie en tewerkstelling. Naast deze uitdagingen heeft de opkomst van de stedelijke landbouw in al zijn vormen (stadsboerderijen, individuele of collectieve moestuinen, boomgaarden enz.) ook een potentiële positieve impact op de lokale biodiversiteit, het regenwaterbeheer, de levenskwaliteit en de gezondheid van de stadsbewoners (lichamelijk en psychologisch welzijn dankzij activiteiten voor voedselproductie, gezellige plaatsen, creatie van sociale banden en collectieve leerprocessen, afkoeling van de lucht tijdens de zomerperiode, behoud van groene ruimtes en vergroening van het landschap, toegang tot kwalitatieve voeding, enz.) en biedt ze educatieve inzichten over het milieu en duurzame voeding. Deze strategie vertoont een dubbele ambitie: enerzijds gaat het erom “beter te produceren”, dat wil zeggen lokaal gezonde producten te kweken en te verwerken met respect voor het milieu, en anderzijds “goed te eten”, dat wil zeggen een lekkere en evenwichtige voeding toegankelijk te maken voor iedereen, met zo veel mogelijk lokale producten.
Ze berust op zeven strategische pijlers, met name:

1. toename van de lokale, duurzame voedselproductie (zowel bestemd voor commercialisering als voor eigen verbruik) ;
2. begeleiding van de herlokalisatie en de overgang naar een duurzaam aanbod voor iedereen;
3. begeleiding van de vraagovergang voor iedereen ;
4. ontwikkeling van een duurzame, wenselijke Good Food-voedingscultuur ;
5. beperking van voedselverspilling ;
6. reflectie over en bevordering van de voedingssystemen van morgen ;
7. goed bestuur voor de toepassing van de strategie.

Deze verschillende pijlers worden uitgewerkt via een vijftiental acties, zoals de promotie van een duurzame eigen productie, de versnelling van de overgang van kantines en restaurants, de begeleiding van burgers en gezinnen of nog de valorisatie van onverkochte voedingsmiddelen.
De prioritaire doelstellingen van de strategie zijn:

  • de ontwikkeling van de lokale voedselproductie (in Brussel en de rand), via een innovatieve aanpak, om tegen 2035 een autonomie van 30% van de groente- en fruitproductie te bereiken ;
  • het al van erg jonge leeftijd sensibiliseren en betrekken van de burgers ;
  • de beperking van voedselverspilling met 30% tegen 2020 ;
  • de uitwerking van acties die rekening houden met de specifieke maatschappelijke en multiculturele kenmerken van het Gewest.

Scholen, een hefboom voor de Good food-strategie

De sensibilisering en betrokkenheid van de jongere generaties zijn essentieel om deze overgang te begeleiden. Met een totale schoolgaande bevolking van bijna 340.000 leerlingen op alle niveaus (academiejaar 2013-2014) en 652 instellingen op basis- en secundair niveau (academiejaar 2014-2015) [BISA 2017], vormen scholen en universiteiten een cruciale speler, zowel op pedagogisch vlak als voor wat het beheer van de schoolkantines betreft. Ook de kantines van kinderdagverblijven vormen in dat opzicht een doel. Het gewest telde in 2016 ongeveer 536 kinderdagverblijven [schatting LB – departement Duurzaam verbruik, op basis van verschillende bronnen].  Heel wat acties van de strategie mikken dus op de mobilisatie van spelers in scholen en kinderdagverblijven, via de versterking van het pedagogisch aanbod en steun in verband met duurzame voeding, moestuinen en “Good food”-kantines.

“Good food”-kantines in scholen

Schoolkantines en kinderdagverblijven vormen een belangrijke hefboom voor de overgang van het Brussels voedingssysteem naar meer duurzaamheid. De gevoerde acties kunnen immers de jongere generaties sensibiliseren. Uit de volgende cijfers blijkt dat het om grote aantallen gaat:

  • Zowat 50% van de schoolgaande kinderen en jongeren in het Brussels Gewest (inclusief die in de kinderdagverblijven) maakt gebruik van de schoolkantine [o.a. IPSOS 2014: 47% en SONECOM 2013: 46%]. Deze cijfers nemen af met de leeftijd van de kinderen: 85% in de kinderdagverblijven, 65% in de kleuterschool, 56% in de basisschool, 33% in het secundair en 25% in het hoger onderwijs [IPSOS 2014] ;
  • 74% van de basis- en secundaire scholen biedt warme maaltijden aan en 61% biedt, met wisselende frequentie (meestal eenmaal per week), een vegetarische maaltijd aan [SONECOM 2016] ;
  • Elk jaar worden er ongeveer 12 miljoen maaltijden geserveerd in de kantines van de Brusselse scholen en kinderdagverblijven [Food in Mind 2012] ;
  • De voedselverspilling in kleuter- en basisscholen werd geraamd op gemiddeld 6,4 kg/leerling/jaar, met grote variaties al naargelang van de instelling [RDC Environnement 2004]. Audits in het kader van het Europees project Green Cook (2010-2012) in vijf scholen schatten de verspilling op 8 kg/leerling/jaar, met ook daar grote contrasten tussen de scholen. Dit project heeft overigens een groot potentieel voor de vermindering van de verliezen aangetoond.  Eén bepaald project voor de reorganisatie van een kantine en de maaltijden, in samenwerking met het cateringbedrijf, heeft geleid tot een vermindering van de verspilling van 40% naar 20% (niet opgediend voedsel en resten op de borden).

De Good food-strategie heeft kwantitatieve doelstellingen vastgelegd voor de kantines tegen 2020:

  • Aanbod van op zijn minst één vegetarisch menu per week in 50% van de schoolkantines ;
  • Engagement van 10% van de kantines voor een “Good food”-benadering ;
  • Vermindering van de voedselverspilling in openbare kantines met 40% ;
  • Invoering van op zijn minst één “Good food”-actie door 100% van de openbare kantines ;
  • Verplichting voor de contractant tot een of meer duurzaamheidscriteria in 100% van de openbare kantines die het beheer van hun kantine uitbesteden (veggie, seizoensproducten, maatregelen tegen verspilling ...).

Er werd een reeks tools ontwikkeld om de beheerders van kantines, waaronder die van scholen en kinderdagverblijven, te begeleiden bij de verbetering van de duurzaamheid van de maaltijden die ze aanbieden (voorraadbeheer, valorisatie van afval, samenstelling van de menu’s, strijd tegen verspilling enz.). Het gaat onder meer om theoretische en praktische lessen à la carte, de terbeschikkingstelling van een gratis helpdesk en hulpmiddelen (gidsen, model van bestek met clausules inzake duurzaamheid, evaluatiehulpmiddelen, brochures, affiches, video’s enz.). Vanaf de lancering van het programma “Duurzame kantines” in 2008 tot eind 2015, hebben 12 kinderdagverblijven en 17 scholen hiervan gebruik gemaakt.
In 2016 werd het programma omgedoopt tot “Good food” en nam het de vorm aan van begeleiding voor het verkrijgen van een label. Dit labelproces, ingevoerd in 2016, maakt het mogelijk om de inspanningen van kantines voor “Good food”-acties te belonen en het concept meer zichtbaarheid te geven bij het publiek.  Sinds de lancering van het proces hebben 2 kinderdagverblijven, 2 scholen en 1 universiteit het label verworven (situatie 2017). Deze kantines serveren dagelijks in totaal zo’n 3.370 maaltijden.  In 2017 krijgen 8 kinderdagverblijven, 2 scholen en 1 hogeschool (goed voor ongeveer 1.240 maaltijden per dag) begeleiding om het label te verkrijgen.

Het pedagogisch aanbod rond duurzame voeding voor scholen

Het pedagogisch aanbod van Leefmilieu Brussel voor scholen inzake duurzame voeding wordt ontwikkeld sinds 2009 en kent een groot succes. Het is:

  • hetzij geïntegreerd in een transversaal aanbod met meerdere thema’s die op verschillende manieren worden uitgewerkt: verenigingen actief in het domein van het onderwijs met betrekking tot het milieu, een “schoolbemiddelingsdienst” die scholen begeleidt in hun milieubeleid (afval, energie, water enz.), netwerk van scholen die actief zijn op milieugebied (Bubble), begeleiding van scholen die een duurzame benadering uitwerken en het internationale “Eco-school”-label willen verkrijgen, of nog transversale pedagogische hulpmiddelen (bv. ecologische voetafdruk) ;
  • hetzij specifiek op een thema gericht:  animatiecycli “duurzame voeding”, omkadering van scholen die de projectoproep “duurzame voeding” hebben beantwoord (project uitgewerkt door de school of, sinds het schooljaar 2017-2018, “gebruiksklare” projecten rond vegetarische voeding, voedselverspilling of moestuintjes), opleidingen voor onderwijzers (2 modules “duurzame voeding” sinds 2014), of nog pedagogische hulpmiddelen over duurzame voeding (pedagogische dossiers of koffertjes, infofiches, recepten, spelletjes, affiches, filmvoorstellingen of toneelstukken).

De Good food-strategie heeft als doelstelling vooropgesteld dat tegen 2020 10% van de Brusselse scholieren elk jaar een pedagogische activiteit rond duurzame voeding moet volgen.
Tijdens de periode 2011-2015 (5 schooljaren) werden er 70 projecten in verband met duurzame voeding of moestuinen in scholen ontwikkeld via projectoproepen. De meeste projecten betroffen moestuinen. Er konden ook 15 moestuinprojecten (Jardin des couleurs) gefinancierd worden dankzij subsidies.
Met de lancering van de Good food-strategie werd het pedagogisch aanbod rond duurzame voeding versterkt voor de schooljaren 2016-2017 en 2017-2018. Tijdens deze twee jaren werden de volgende activiteiten uitgevoerd:

  • 58 moestuinen ingericht tijdens het schooljaar 2016-2017 (projectoproep), en 24 lopende “gebruiksklare” projecten rond moestuinen in 2017-2018 ;
  • 9 andere projecten rond duurzame voeding (vrije projectoproepen) ;
  • 11 “gebruiksklare” projecten (rond vegetarische voeding of verspilling) ;
  • 99 animaties over duurzame voeding in de klassen ;
  • opleidingen rond duurzame voeding of moestuinen voor het omkaderend personeel in scholen, met in totaal 90 deelnemers tijdens het schooljaar 2016-2017.

De schoolmoestuin, een veelzijdig pedagogisch hulpmiddel

In het kader van de Good food-strategie wordt een belangrijk accent gelegd op projecten voor schoolmoestuinen, die worden beschouwd als een eerste sensibilisering rond duurzame voeding. Naast het thema van de duurzame voeding (kweek met respect voor de natuur en de gezondheid, kwaliteit van de voeding, voedingspiramide, noord-zuidrelaties enz.), bieden schoolmoestuinen ook een mogelijkheid om heel wat andere vakken of onderwerpen in verband met het schoolprogramma te bespreken (botanica, ecologie, meetkunde, aardrijkskunde enz.).  De inrichting en het onderhoud van een moestuin stellen de kinderen of jongeren bovendien in staat om samen een fysieke, manuele activiteit uit te oefenen in de openlucht, contact te leggen met de natuur, banden te scheppen en samen te werken, enz.

Begin 2016 werd een inventaris opgesteld van de moestuinen in de scholen, hogescholen en universiteiten in het Brussels Gewest [Sonecom 2016].  Dankzij de gegevens van de 281 instellingen die hebben geantwoord, werden- op basis van extrapolaties- de volgende vaststellingen gedaan:

  • Ongeveer 37% van de scholen onderhoudt een moestuin (in een bak of in volle grond) of boomgaard, dus in totaal naar schatting 268 scholen (waarvan bijna drie kwart basisscholen);
  • Ongeveer 80% van deze moestuinen werd na 2010 ingericht;
  • Van de scholen die geen moestuin of boomgaard onderhouden, had ongeveer een kwart er reeds een in het verleden, en minder dan 30% van hen overweegt een dergelijk project;
  • De aangehaalde redenen voor het gebrek aan een moestuin zijn voornamelijk het plaatsgebrek, gevolgd door een gebrek aan tijd of personeel.

De “Good food”-strategie heeft als doelstelling vooropgesteld dat tegen 2020 elk jaar 10 nieuwe schoolmoestuinen begeleid zullen worden. De follow-up van de moestuinen die de vorige jaren werden gesteund moet overigens worden voortgezet, en men moet ervoor zorgen dat het project werkelijk in de activiteiten van de school wordt geïntegreerd.

Zoals hierboven werd uitgelegd, hebben sinds 2011 meerdere tientallen scholen dankzij projectoproepen rond duurzame voeding of subsidies moestuinprojecten kunnen starten. In het kader van de Good food-strategie en om te beantwoorden aan de zeer grote vraag bij de scholen, werd het aanbod van steun voor schoolmoestuinen herzien en uitgebreid vanaf het schooljaar 2016-2017. Het omvat momenteel:

  • initiatieopleidingen voor het kweken van groenten en thematische opleidingen (bv. over de bodems) (80 deelnemers in 2016-2017, 68 voor het eerste trimester 2017-2018) ; 
  • de begeleiding van moestuinprojecten (zie gegevens hierboven) ;
  • financiële steun voor projecten ;
  • een nieuwsbrief over het uit te voeren werk in moestuinen.

Heel wat documenten over de aanleg, het beheer en de pedagogische exploitatie van moestuinen zijn ook beschikbaar op de website van Leefmilieu Brussel.

Programma “Fruit, groenten en zuivelproducten op school”

Het programma “Fruit, groenten en zuivelproducten op school”, medegefinancierd door het Brussels Gewest en de Europese Unie (“School Scheme”-programma) past in het kader van de Good food-strategie. Het richt zich tot de Brusselse basisscholen en het gespecialiseerd secundair onderwijs, en tot de leveranciers van verse groenten en fruit of natuurlijke zuivelproducten. Het omvat subsidies voor de gratis verspreiding van fruit, groenten, melk en zuivelproducten aan leerlingen van de scholen die deelnemen aan dit programma, en voor de uitvoering van begeleidende pedagogische maatregelen (informatie over de lokale voedselketens en de strijd tegen voedselverspilling).

Tijdens het academiejaar 2016-2017 werden 167 scholen (met in totaal 34.628 leerlingen) gesteund via dit programma, een mooie vooruitgang in vergelijking met de vorige jaren (87 scholen met 11.436 leerlingen in 2013-2014).

Datum van de update: 07/01/2019
Documenten: 

Andere publicaties van Leefmilieu Brussel

Studies en rapporten
• EUROPEES MILIEUAGENTSCHAP 2017. “Food in a green light – A systems approach to sustainable food », 60 pp., Publication Office of the European Union, Luxembourg (.pdf) (enkel in het Engels)
• FOOD IN MIND 2012. « Verdeling van aantal kantines en maaltijden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het beheer ervan”,  studie in opdracht van Leefmilieu Brussel (pdf)
• IPSOS PUBLIC AFFAIRS 2014. « Baromètre environnemental de la Région de Bruxelles-Capitale – Résultats 2014 », studie in opdracht van Leefmilieu Brussel, 112  pp. (.pdf) (enkel in het Frans) 
• RDC Environnement 2004.  «  Analyse de la poubelle des écoles primaires et maternelles en Région de Bruxelles-Capitale », studie in opdracht van Leefmilieu Brussel ( enkel in het Frans)
• SONECOM 2016. « Inventaire des potagers scolaires en Région de Bruxelles-Capitale », étude réalisée pour le compte de Bruxelles Environnement, 21 pp. (pdf) (enkel in het Frans)
• SONECOM 2013. « Baromètre de comportements de la population en matière d’environnement et d’énergie en Région de Bruxelles-Capitale – Résultats 2012 », studie in opdracht van Leefmilieu Brussel,  57 pp. (.pdf) (enkel in het Frans)

Plan en programma
• LEEFMILIEU BRUSSEL & BRUSSEL ECONOMIE EN WERKGELENGENHEID « De strategie Good Food: "Naar een duurzam voedingssysteem in het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest" : Van boer tot bord », 2015 (.pdf)