U bent hier

Afvalwaterzuivering

Twee zuiveringsstations behandelen het afvalwater van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (en van een deel van de randgemeenten): ongeveer 124 miljoen m3 per jaar. Drie vierde daarvan wordt gezuiverd in het waterzuiveringsstation Noord en het resterende vierde in het waterzuiveringsstation Zuid. De zuiverende prestaties van het waterzuiveringsstation Noord zijn goed en met lichte verbetering sinds 2013. Die van het waterzuiveringsstation Zuid gaat de goede richting uit, inbegrepen voor de jaarlijkse gemiddelde concentraties aan zwevende deeltjes en fosfor. Om het station uit te rusten met een meer doorgedreven behandeling van stikstof en fosfor, werden er in 2014 ingrijpende werken aangevat om de installaties aan te passen. Het is echter verkeerd ervan uit te gaan dat al het afvalwater wordt behandeld door de waterzuiveringsstations: enkele recente metingen benadrukken immers de belangrijke rol van de overlaten in de overdracht van polluenten naar de Zenne en het Kanaal.

De waterzuiveringsstations behandelen samen ongeveer 124 miljoen m3 per jaar

Het waterzuiveringsstation Noord is in principe ontworpen met de afmetingen om drie vierde van het afvalwater van de inwonersequivalenten (IE) van het Brussels Gewest (en een deel van de Vlaamse randgemeenten) te zuiveren en het waterzuiveringsstation Zuid het resterende vierde (1.100.000 IE vs. 360.000 IE). Het waterzuiveringsstation Noord ontvangt inderdaad tussen 70% en 75% van het totale volume van het afvalwater dat in de waterzuiveringsstations terechtkomt.

Het toegelaten volume wordt in principe afgevoerd naar het volledige zuiveringscircuit (biologische straat, de zogenaamde droogweerstraat). Maar bij een overschrijding van een welbepaald debiet aan de ingang van het station of wanneer de biologische straat niet optimaal werkt, wordt het water gedeeltelijk doorgestuurd naar een circuit waarvan het zuiveringsproces slechts gedeeltelijk is (de zogenaamde regenweerstraat). Er dient evenwel te worden verduidelijkt dat dit volume een aanzienlijk deel afvloeiingswater bevat (het rioleringsnet is historisch gezien van het gemengde type), maar ook water dat wordt weggeleid van het hydrografisch netwerk (waaronder volledige waterlopen, zoals de Maalbeek) (zie factsheets “Brusselse waterlopen en vijvers” en “Regenwater en overstromingen”).

Gezuiverde volumes in het waterzuiveringsstation Noord (WZS) (2007-2016)

Bron: Aquiris, maandelijkse en jaarlijkse rapporten van de uitbating

Het Noordstation behandelt bijna 100 miljoen m3 per jaar (gemiddelde 2014-2016) en 95% van dit volume wordt via de biologische straat gezuiverd.

Tussen 2007 en 2012 is het volume dat via de biologische straat wordt gezuiverd sterk toegenomen (+38%). Hoewel de hoeveelheid neerslag onmiskenbaar een verklarende factor is, is deze toename zonder twijfel ook te danken aan de aansluiting van nieuwe zones tijdens deze periode. De werken om het helder water of het afvloeiende water te verminderen sinds 2010 hebben er mogelijk ook toe bijgedragen. Sinds 2012 blijft dit volume vrij stabiel en zijn de schommelingen van jaar tot jaar minder uitgesproken, voornamelijk onder invloed van de hoeveelheid neerslag. Na een daling in 2013 is het geleidelijk weer gestegen.

Het is interessant op te merken dat, bij gelijk volume, een grotere fractie van het volume werd behandeld in de biologische straat in 2016 (96%) in vergelijking met 2012 (91%).

Gezuiverde volumes in het waterzuiveringsstation Zuid (2007-2016)

Bron: VIVAQUA dan BMWB, maandelijkse en jaarlijkse rapporten van de uitbating
Opmerking: begin 2011 werden er ingrijpende methodologische wijzigingen doorgevoerd met betrekking tot de berekening van de gezuiverde volumes, waardoor de waarden vanaf deze datum betrouwbaarder werden.

 

Het waterzuiveringsstation Zuid behandelt jaarlijks ongeveer 24 miljoen m³ (gemiddelde 2014-2016).
In 2013 bedroeg de fractie die werd behandeld in de biologische straat 94%. Tussen januari 2014 en begin augustus 2016 werd er vanwege de moderniseringswerken aan het station geen volume toegelaten in de regenweerstraat.
Twee nieuwe collectoren op het stroombekken Zuid werden in gebruik genomen: die van de Vogelzangbeek in september 2012 en die van de Verrewinkelbeek - stroomafwaarts - in 2014. De aansluiting van het stroomopwaartse gedeelte van de Verrewinkelbeek is voorzien voor de winter 2017-2018. In Vorst wordt een nieuwe collector onderzocht.

De behandeling van afvalwater door de waterzuiveringsstations voldoet sinds 2007 aan de Europese doelstellingen

België is geklasseerd als “gevoelige zone” voor nutriënten, waar eutrofiëring optreedt, in toepassing van de richtlijn betreffende de behandeling van stedelijk afvalwater en de Brusselse besluiten waarin deze wordt omgezet. Voor de Brusselse agglomeratie betekent deze klassering dat het afvalwater moet worden verzameld en aan een secundaire of gelijkwaardige behandeling moet worden onderworpen vooraleer het in de Zenne wordt geloosd. Om aan de richtlijn te voldoen, moeten de lozingen van elk waterzuiveringsstation concentratielimieten of verminderingspercentages ten opzichte van diverse parameters naleven (organische belasting, nutriënten en facultatief, zwevende stoffen) (zie methodologische fiches en de focus “Zuivering van het afvalwater” in de staat van het leefmilieu 2007-2010).

Deze voorschriften gelden echter niet individueel voor elk zuiveringsstation in een zone wanneer er een verminderingspercentage van minstens 75% in totale stikstof en totale fosfor wordt bereikt voor de gehele zone dankzij de globale prestaties van het geheel van zuiveringsstations in de zone. Dat is het geval voor het deelstroomgebied van de Zenne sinds 2007, en dus voor de Brusselse stations. Met andere woorden, de stations Brussel-Noord en Brussel-Zuid hoeven de Europese normen inzake CZV, BZV en ZS sinds die datum niet meer strikt na te leven maar hun werking draagt bij aan de globale prestatie inzake de vermindering van stikstof en fosfor in het deelstroomgebied van de Zenne.

Het doel van deze fiche is echter de evolutie van de zuiveringsprestaties van de stations te onderzoeken om de impact van hun lozingen op het aquatisch milieu te kwantificeren. Daarvoor werden de Europese concentratienormen en/of de verminderingspercentages die voor elk station individueel gelden, indien het deelstroomgebied van de Zenne geen 75% vermindering van stikstof of fosfor bereikte, ter indicatie als vergelijkingsschaal gebruikt. We herinneren eraan dat de specifieke doelstellingen ook in de milieuvergunningen zijn vermeld. Het doel van deze fiche is dus niet de conformiteit van de stations met de Europese doelstellingen of eventuele andere in de milieuvergunningen vermelde doelstellingen te onderzoeken.

Waterzuiveringsstation Noord: stabiele of licht verbeterde zuiveringsprestaties sinds 2012

Waterzuiveringsstation Noord – gemiddelde jaarconcentraties bij de uitgang van de biologische straat en gemiddelde jaarlijkse verminderingspercentages tussen de ingang en de uitgang van de biologische straat (2007-2016)

Bron: Aquiris, maandelijkse en jaarlijkse rapporten van de uitbating

       

Over het algemeen zijn de zuiveringsprestaties (van de biologische straat) van het waterzuiveringsstation Noord (zowel op het vlak van de concentraties als wat het verminderingspercentage betreft) tussen 2007 en 2011 sterk gestegen voor alle parameters. In 2012 en 2013 zijn ze licht verslechterd zonder echter tot de niveaus van 2010 te zakken (we herinneren eraan dat het zuiveringsstation geen verbetering moet bereiken). Sinds 2013 verbeteren ze, maar slechts zeer geleidelijk.

De Europese normen voor de jaargemiddelden van de concentraties (zie methodologische fiche) en de verminderingspercentages (zie methodologische fiche) van de lozingen van een zuiveringsstation worden sinds 2010 nageleefd voor de nutriënten.

Werken in uitvoering om het station Zuid van een tertiair zuiveringssysteem te voorzien

Het station Zuid, waarvan de exploitatie van Vivaqua naar de BMWB werd overgeheveld op 1 augustus 2015, beschikte niet over een tertiair zuiveringssysteem. Om dat op te lossen werden er in 2014 grote moderniseringswerken opgestart (initiële kostprijs geraamd op 72 miljoen euro exclusief btw). Na deze werken zal het station 400.000 IE (ongeveer 40.000 IE meer dan nu) kunnen behandelen. De waterzuivering moet verzekerd zijn tijdens de gehele duur van de werken. Op termijn moet het station Zuid over een membraanfilterprocedé beschikken (ter vervanging van de huidige klassieke secundaire bezinking) dat niet alleen het zuiveringsrendement zal verbeteren maar ook andere dan de vijf “klassieke” polluenten zal verwijderen.

De werken zijn gepland in drie fasen. De 1ste fase werd beëindigd in de zomer van 2016. Tijdens deze fase moest een nieuwe primaire bezinkingsinstallatie in gebruik worden genomen en nieuwe infrastructuren gebouwd voor de biologische en regenweerstraat. De 2de fase bestaat uit de bouw van de biologische bekkens en de membraanfilterzone. Op het einde van deze fase (gepland voor eind februari 2019) zal de “waterstraat” volledig zijn. Tijdens de laatste fase 2019-2020 zal de slibbehandelingsinstallatie worden gemoderniseerd (jaarverslag van het BMWB, 2016).

De zuiveringsprestaties van het station Zuid blijven verbeteren

Waterzuiveringsstation Zuid - gemiddelde jaarconcentraties bij de uitgang van de biologische straat en gemiddelde jaarlijkse verminderingspercentages tussen de ingang en de uitgang van de biologische straat (2007-2016)

Bron: VIVAQUA dan BMWB, maandelijkse en jaarlijkse rapporten van de uitbating
Opmerking: Door grondige methodologische veranderingen in de bemonstering begin 2011 werden er een hiaat vastgesteld tussen de zuiveringsprestaties voor en na die datum. De gegevens worden vanaf deze datum als veel betrouwbaarder en representatiever voor de waterkwaliteit geacht (zie methodologische fiche). Onder de uitgang van de biologische straat moet hier worden verstaan het lozingspunt naar de Zenne.

De zuiveringsprestaties (van de biologische straat) van het station Zuid verbeteren sterk sinds 2012 voor de organische belasting en de zwevende stoffen (we moeten er echter bij vermelden dat de beginconcentraties in 2011 en 2012 zeer hoog waren). De gemiddelde jaarlijkse concentraties van het behandelde water zijn bijvoorbeeld met bijna 70% gedaald voor de organische belasting en met 80% voor de zwevende stoffen tussen 2012 en 2016. In 2016 benaderen ze zelfs de concentraties die werden vastgesteld aan de uitgang van het station Noord. In die periode zijn de verminderingspercentages met 11 tot 13 punten verbeterd.

Ondanks de afwezigheid van een tertiaire behandeling, gaat de behandeling van fosfor vooruit.

Omdat het station Zuid oorspronkelijk niet werd ontworpen om nutriënten te behandelen (afwezigheid van tertiaire behandeling), wijken de resultaten voor deze parameters af van de vastgelegde normen. De prestaties voor stikstof stagneren, behalve het verminderingspercentage voor 2016, dat afneemt. Deze waarde kan het gevolg zijn van de sterke invloed op het jaargemiddelde van meerdere dagen waarop de concentraties aan de uitgang van het station veel hoger waren aan de ingang (wat tot sterk negatieve waarden leidt).

De toevoeging van ijzerchloride om het fosfor te behandelen, in afwachting van de modernisering van het station, lijkt daarentegen resultaat op te leveren: de fosforconcentratie is met 60% gedaald tussen 2012 en 2016 en bereikt net de norm in 2016. Het gemiddelde verminderingspercentage voor fosfor is in deze periode ook met 17 punten verbeterd.

De moderniseringswerken aan het zuidstation lijken dus geen negatieve invloed te hebben op de zuiveringsprestaties, wel integendeel.

Beperkte zuivering van afvalwater bij slechte weersomstandigheden

Het afvalwater van het Brussels Gewest wordt vandaag nog bijna volledig ingezameld (98%, volgens het tweede waterbeheerplan). Zoals hiervoor reeds werd aangegeven, wordt een deel van het water dat in de waterzuiveringsstations terechtkomt bij hevige regenval afgevoerd naar de “regenweerstraat” waar de behandeling minder doorgedreven is als in de biologische straat. Ondanks deze gedeeltelijke zuivering, vormen de lozingen van de regenweerstraat een bron van emissies van polluenten - onder meer organische stoffen - voor de Zenne (zie focus “emissies van verontreinigende stoffen naar de oppervlaktewateren” van het VSL 2011-2014).

Om een overbelasting van het rioleringsnet te vermijden, wordt bij deze periodes van overvloedige neerslag steeds een deel van het water dat er doorstroomt afgevoerd naar het hydrografisch netwerk ter hoogte van de “stormoverlaten” zonder voorafgaande behandeling (dus stroomopwaarts van de stations): deze kunstwerken (81) werken als veiligheidskleppen en voorkomen dat het rioleringsnet bij regenweer onder druk komt te staan. De telemetrische opvolging van 14 overlaten toont de regelmatige en zeer frequente werking ervan aan, veel meer dan 7 dagen met overstortingen per jaar, dat de richtlijn is in Vlaanderen. Deze lozingen zijn echter verre van verwaarloosbaar, zowel op het vlak van de volumes als wat de kwaliteit betreft. Ze vormen zelfs de belangrijkste toegangsweg voor de netto-emissies van polluenten naar de Zenne en het Kanaal (transfers naar de Woluwe zijn zeldzaam). Dat blijkt uit de gegevens die bij een aantal van deze overlaten werden verzameld, zoals gedetailleerd wordt beschreven in de vorige staat van het leefmilieu (zie deze indicator in het VSL 2011-2014). Bijvoorbeeld, het gemiddelde debiet overgestort door de Nieuwe Maalbeek, een van de belangrijkste overlopen naar de Zenne, zou op zich al bijna 4,8 miljoen m3 per jaar vertegenwoordigen, het equivalent van 5% van het totale volume dat in het station Noord wordt behandeld.

Datum van de update: 07/01/2019
Documenten: 

Methodologische fiche(s)

Tabel(len) met de gegevens

Factsheet(s)

Fiche(s) van de Staat van het Leefmilieu

Studie(s) en rapport(en)

  • VIVAQUA of BMWB, verschillende jaren. « Maandelijkse rapporteringen » en « Jaarlijkse rapporten van de uitbating van het zuiveringsstation van Brussel-Zuid ». Studies in opdracht van Leefmilieu Brussel. Beperkte verspreiding.
  • AQUIRIS, verschillende jaren. « Maandelijkse technische rapporten » en « Jaarlijkse technische rapporten van het zuiveringsstation van Brussel-Noord ». Rapporten in opdracht van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Beperkte verspreiding.

Plan(nen) en programma(‘s)