U bent hier

De luchtkwaliteit in de parken van het Brussels Gewest

De luchtkwaliteit in de parken van het Brussels Gewest is geëvalueerd aan de hand van metingen van de concentraties black carbon in en rond de parken.
Het lokale aandeel black carbon als gevolg van het verkeer varieert sterk per park: in het Scheutbospark is dit zeer laag (tussen 0 en 20% van de totale concentratie) terwijl het in het Hallepoortpark, het Elisabethpark, de Kruidtuin, de Kleine Zavel en het Jubelpark hoog is (meer dan 55%).
Hoewel er verschillen bestaan, afhankelijk van het moment van de dag en de configuratie van de locatie, heeft de studie uitgewezen dat de luchtkwaliteit in de parken in het algemeen  beter is dan die in het verkeer.

Het project ExpAIR: de stand van zaken in de parken

In het kader van het project ExpAIR is door het departement "Laboratorium Luchtkwaliteit" van Leefmilieu Brussel een studie gerealiseerd om de luchtkwaliteit in de parken van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te evalueren.
Deze studie had de volgende doelstellingen:

  • het gemiddelde niveau black carbon in de diverse parken van het BHG vergelijken;
  • de evolutie van die gemiddelde niveaus inschatten op basis van de verkeersdrukte;
  • het vervuilingsniveau in de verschillende parken in kaart brengen.

Informatie over de methodologie

De impact op de luchtkwaliteit wordt ingeschat via de meting van black carbon-deeltjes, die voornamelijk door het verkeer worden uitgestoten, evenals, in mindere mate, door de verwarmingsinstallaties (in functie van het seizoen). Deze vervuilende stof vormt een goede indicator voor de vervuiling door auto's en in het bijzonder door dieselvoertuigen.
Met de hulp van 13 parkwachters zijn meetcampagnes uitgevoerd in 12 parken in het BHG. De parkwachters droegen een aethalometer en een gps-toestel tijdens hun dagelijkse verplaatsingen binnen de parken. Bovendien maken de gegevens die zijn verzameld tijdens de meetcampagnes om black carbon in kaart te brengen, het mogelijk, rekening te houden met de vervuiling in de omgeving van de parken.

Spreiding en locatie van de onderzochte parken

Bron: Leefmilieu Brussel

De luchtkwaliteit wordt geëvalueerd op basis van een splitsing van de concentraties black carbon in twee componenten:

  • de stedelijke achtergrondconcentratie, die wordt gedefinieerd als de concentratie black carbon die losstaat van lokale bronnen en die de luchtvervuiling weergeeft die overal in het Brussels Gewest aanwezig is;
  • het lokale aandeel, dat afkomstig is van lokale bronnen en in het geval van black carbon voornamelijk samenhangt met de uitstoot door het verkeer. Dit aandeel hangt ook af van de configuratie van de site (gebouwen kunnen als afscherming werken) en de lokale weersomstandigheden.

De stedelijke achtergrondconcentratie wordt geschat op basis van de black carbon-metingen afkomstig van het telemetrisch net van Brussel. Het vaste station in Ukkel, op afstand van directe bronnen van vervuiling, wordt gebruikt om deze achtergrondconcentratie te bepalen. Bij afwezigheid van geldige gegevens van het station in Ukkel wordt de achtergrondconcentratie in dit geval geschat op basis van de gemeten black carbon-concentraties in het vaste station in Sint-Lambrechts-Woluwe.
Het aandeel als gevolg van lokale vervuiling bestaat uit het verschil tussen de totale concentraties die met de aethalometers worden gemeten en de stedelijke achtergrondconcentratie.

Hoe zit het met de luchtkwaliteit in de parken?

De in de parken uitgevoerde meetcampagnes hebben een beeld gegeven van het relatieve belang van de lokale vervuiling in de verschillende parken. Voor alle parken samen is de stedelijke achtergrondconcentratie black carbon gemiddeld goed voor 49% van de totale concentratie black carbon en schommelt die normaal gesproken tussen de 0,36 en 1,1 µg/m³. Het lokale aandeel is gemiddeld verantwoordelijk voor 51% van de totale concentratie black carbon en schommelt tussen de 0 en 2,3 µg/m³.
Het lokale aandeel black carbon als gevolg van het verkeer varieert sterk per park:

  • zeer laag in het Scheutbospark (tussen 0 en 20% van de totale concentratie);
  • laag in het Dudenpark, het Dauwpark en het Tenboschpark (tussen 25 en 35%);
  • gemiddeld in het Keyenbemptpark, het Koning Boudewijnpark en het Gaucheretpark (tussen 40-45%);
  • hoog in het Hallepoortpark, het Elisabethpark, de Kruidtuin, de Kleine Zavel en het Jubelpark (meer dan 55%).

Gemiddelde gemeten concentraties black carbon per park en in het verkeer, per type aandeel

Bron: Leefmilieu Brussel, Departement Laboratorium Luchtkwaliteit

Toch blijft het lokale aandeel als gevolg van het verkeer dat in de parken wordt gemeten, gemiddeld lager dan het gemiddelde lokale aandeel dat in het verkeer wordt gemeten, met uitzondering van het Hallepoortpark, dat black carbon-concentraties toont die dichtbij die in het verkeer liggen.

Waarom verschillen de black carbon-concentraties?

De variaties in de black carbon-concentraties kunnen aan de hand van meerdere factoren worden verklaard. Zo hebben de afstand tussen het park en de verkeersaders en de intensiteit van de black carbon-uitstoot van het verkeer op die wegen invloed op de geobserveerde black carbon-concentraties. De parken in de buurt van wegen met minder verkeer (Dudenpark, Tenboschpark, Gaucheretpark, Dauwpark) hebben lagere black carbon-concentraties dan de parken in de buurt van wegen met veel verkeer (Hallepoortpark, Kruidtuin, Elisabethpark).
De luchtcirculatie in de parken en tussen de straten rondom de parken bevorderen de verspreiding van vervuilende stoffen zoals black carbon. Ongeacht die externe inbreng van vervuilende stoffen, neemt de hoeveelheid black carbon in de lucht af naarmate we ons verder van de bronnen (het verkeer) bevinden. Dit betekent dat de lucht in de parken aanzienlijk minder vervuild is dan de lucht in de onmiddellijke nabijheid van het verkeer.
Ook de positie van de gebouwen speelt een belangrijke rol in de concentratie van black carbon. Gebouwen dienen als "wal" tegen de vervuiling afkomstig van nabijgelegen wegen, zoals in het geval van het Dauwpark en het Tenboschpark.

Lokaal aandeel als gevolg van het verkeer in de totale gemeten concentratie black carbon (in μg/m³) in de Kruidtuin en in de buurt van dit park

Bron: Leefmilieu Brussel, Departement Laboratorium Luchtkwaliteit

Er moet aan worden herinnerd dat de lokale weersomstandigheden een belangrijke factor blijven voor de concentratie vervuilende stoffen van dag tot dag: goede dispersieomstandigheden (zoals wind) en regen zijn altijd bevorderlijk voor de luchtkwaliteit.
De concentraties black carbon kunnen daardoor van uur tot uur variëren, in functie van de weersomstandigheden en de drukte van het nabije verkeer. De Kruidtuin bijvoorbeeld wordt omringd door wegen waar de verkeersdrukte de hele dag door groot is, waardoor de concentraties black carbon relatief constant zijn. Langs het Hallepoortpark daarentegen lopen wegen waar alleen tijdens de spitsuren veel verkeer is, wat een sterkere tijdsgebonden variatie van de concentraties met zich meebrengt.

Gemeten gemiddelde totale concentraties black carbon (µg/m³) per park in functie van het tijdstip

Bron: Leefmilieu Brussel, Departement Laboratorium Luchtkwaliteit

Op enkele uitzonderingen zoals de Kruidtuin na, blijven de piekuren dus logischerwijs de kritieke momenten van de dag. Desalniettemin worden de hoogste waarden 's morgens gemeten, want 's avonds zijn de weersomstandigheden meestal bevorderlijker voor de dispersie van vervuilende stoffen.

Datum van de update: 07/01/2019
Documenten: 

Studie(s) en rapport(en)