U bent hier

Evolutie van de concentratie stikstofdioxide in de lucht

In Brussel zou 40% van de in de lucht gemeten NO2-concentraties afkomstig zijn van buiten het Gewest en 47% zou aan het verkeer te wijten zijn. De nabijheid van de voornaamste emittenten zoals het verkeer heeft dus een invloed op de gemiddelde meetwaarden. In ongeveer een derde van de Brusselse meetposten is het daardoor onmogelijk om de Europese grenswaarde voor de jaargemiddelden  te respecteren.

Context

Stikstofdioxide is schadelijk voor het milieu (draagt bij tot de vorming van ozon en secundaire partikels en tot verzuring) en voor de gezondheid (impact op de luchtwegen). De concentratie in de atmosfeer hangt samen met de stikstofoxide-uitstoot door de verbrandingsprocessen die zich afspelen in de voertuigen en in de verwarmingsinstallaties van gebouwen.

Europese grenswaarde

Ter bescherming van de volksgezondheid bepaalt de Europese richtlijn 2008/50/EG dat de gemiddelde NO2-concentraties vanaf 2010 op jaarbasis niet meer mogen bedragen dan 40 µg/m3 (rode lijn op de grafiek); deze waarde stemt tevens overeen met de richtwaarde aanbevolen door de Wereldgezondheidsorganisatie.

NO2-concentratie in de lucht

In het Brussels Gewest wordt in 11 meetposten van het telemetrisch meetnet voor de luchtkwaliteit continu NO2 gemeten. Onze indicator gebruikt de meetgegevens van de meetpost in St-Jans-Molenbeek (code 41R001) die  representatief is voor een stedelijk milieu dat sterk beïnvloed wordt door het wegverkeer.

Vergelijking van de NO2-jaargemiddelden met de Europese grenswaarde - meetpost Sint-Jans-Molenbeek (1986-2012)

Bron : Leefmilieu Brussel, Laboratorium voor Milieu-onderzoek (lucht)

Vergelijking van de NO2-jaargemiddelden met de Europese grenswaarde - meetpost Sint-Jans-Molenbeek (1986-2012)

Sinds het einde van negentiger jaren blijven de gemiddelde NO2-concentraties relatief stabiel en liggen ze boven de grenswaarde van het jaargemiddelde. In 2012 bedroeg de gemiddelde concentratie voor NO2 in de meetpost van St-Jans-Molenbeek 41 µg/m³.

In de andere stations van het meetnet lag de gemiddelde NO2-jaarconcentratie tussen 25 en 48 µg/m³, afhankelijk van de nabijheid van de stikstofoxide-emittenten, zoals het verkeer. Ongeveer een derde van de Brusselse meetposten is niet conform met de opgelegde grenswaarde.

Oorsprong

De concentraties die in al de meetstations worden geregistreerd, zijn het resultaat van bijdragen van diverse herkomst: de achtergrondvervuiling (zoals die bijvoorbeeld in de Ardennen wordt gemeten), de gewestoverschrijdende bijdrage (in het BHG aangevoerd via de luchtstromen), de stedelijke achtergrondvervuiling, de hoofdzakelijk met het verkeer samenhangende stedelijke bijdrage en de bijkomende bijdrage van het verkeer die wij in zones met een hoge verkeersdichtheid aantreffen.

Op jaarbasis wordt gemiddeld 40% van de gemeten NO2-concentratie van buiten het Brussels Gewest aangevoerd (som van de achtergrondvervuiling en de gewestoverschrijdende bijdrage). 13% is afkomstig van stedelijke achtergrondvervuiling en 47% houdt verband met het verkeer.

Ook het vermelden waard is het feit  dat in tegenstelling tot de daling van NOX sinds de negentiger jaren (zie indicator gewijd aan NOX), de NO2-fractie in de NOX-uitstoot van het wegverkeer sinds enkele jaren toeneemt. Dat is onder meer toe te schrijven aan:

  • de verdieseling van het wagenpark (diesel stoot relatief meer NO2 uit);
  • de oxydatiekatalysatoren opgelegd door de EURO 3- norm (deze verhogen het aandeel NO2 ten opzichte van NO in de uitstoot);
  • de roetfilters van vrachtwagens (deze verhogen onrechtstreeks de NO2-uitstoot).
Datum van de update: 09/07/2018