Voorstelling van de renovatiestrategie 2030-2050 in Brussel

15/05/2019

België moet haar uitstoot van broeikasgassen met 35% verlagen tegen 20301. De sector van woningen en kantoren vertegenwoordigt 74% van het energieverbruik van het Brussels Gewest. 85% van de 573.276 Brusselse woningen werden gebouwd vóór de jaren 60. Met de Brusselse renovatiestrategie wil het Gewest zijn gigantische renovatiepotentieel benutten. 30% van de gebouwen in Brussel zijn namelijk helemaal niet geïsoleerd.

« De strijd tegen de klimaatopwarming en het Brusselse energiebeleid werd op geïntegreerde, ambitieuze wijze gevoerd en zet het Gewest op het noodzakelijke spoor van de energietransitie. De afgelopen vijf jaar werd dit parcours gekenmerkt door een aantal belangrijke momenten, die allemaal bijgedragen hebben tot een langetermijnvisie van onze toekomst op vlak van energie. Met deze visie zullen we de doelstelling van een koolstofarme samenleving tegen 2050 halen», aldus de minister van Leefmilieu en Energie.

Context

Het Nationaal Energie-Klimaatplan (NEKP) 2030, dat in december jongstleden door de gewestelijke en federale entiteiten is goedgekeurd, bepaalt een dubbele koers voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Om haar engagementen na te komen zal Brussel haar uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met minstens 32% moeten verlagen (tegenover 1990). Deze emissies zullen tegen 2050 met minstens 80% verlaagd moeten zijn om van Brussel een koolstofarme stad te maken. Wat dit betreft bestaat het NEKP uit een compilatie van maatregelen die elke entiteit voorstelt om uit te voeren voor het halen van haar doelstellingen. De Brusselse renovatiestrategie wordt hiervan een van de belangrijkste maatregelen en moet de reeds ingezette energietransitie versnellen en versterken.

Er zijn verschillende initiatieven genomen in de strijd tegen de klimaatverandering: hervorming van de energiepremies om gericht aan te zetten tot energie-audits, verwarmings- en isolatiewerkzaamheden voor iedereen (gezinnen, bedrijven, collectiviteiten en overheden); opstellen van een programma voor het uitrusten van de daken van de gewestelijke en gemeentelijke overheden met zonnepanelen (SolarClick); versterking van het programma ter ondersteuning van de energie-efficiëntie van overheidsgebouwen (NRClick); invoering van een programma voor de ondersteuning en begeleiding van bedrijven en social-profitorganisaties op vlak van energie (Pack Energie); goedkeuring van instrumenten ter ondersteuning van zonne-energie in Brussel, waaronder het mechanisme van de groenestroomcertificaten, het opstellen en vrij ter beschikking stellen van standaardcontracten, de uitbreiding van de Brusselse Groene Lening, online plaatsen van de Brusselse zonnekaart... Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft de solide basis gelegd voor een energietransitie die ambitieus en doeltreffend is en een antwoord biedt op de klimaatuitdaging waar we vandaag mee geconfronteerd worden.

De Brusselse Regering volgt de ingezette dynamiek en wil nu nog verder gaan. Eind 2018 heeft Leefmilieu Brussel op vraag van de minister van Leefmilieu en Energie de actoren uit de sectoren van de bouw, de economie, woningen, sociaal, energie en erfgoed geraadpleegd. Deze raadpleging had tot doel om aan deze actoren het ontwerp van de gewestelijke strategie voor te leggen en dit aan te passen in functie van de geformuleerde opmerkingen. Eens het project aangepast was om rekening te houden met de sociale, economische en technische realiteiten van Brussel heeft het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn strategie ter verlaging van de milieu-impact van het bestaande gebouwenbestand tegen 2030-2050 goedgekeurd. 34 actiefiches en een stappenplan werden opgesteld opdat iedereen zijn of haar energiefactuur en milieu-impact op duurzame wijze kan verlagen. Een strategie om van Brussel in 2050 een koolstofarme stad te maken.

Wat is de Brusselse renovatiestrategie?

De Brusselse renovatiestrategie werd op 25 april 2019 door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering goedgekeurd en voorziet in een verbruiksdoelstelling van gemiddeld 100kWh/m2/jaar aan primaire energie voor residentiële gebouwen tegen 2050, ofwel een gemiddeld prestatieniveau van een EPB C voor het volledige gebouwenbestand.

Concreet zal dit vertaald worden in een verplicht EPB-certificaat voor alle woningen. Deze voorafgaande fase zou ten laatste in 2025 uitgevoerd moeten worden. Dit certificaat zal als basis dienen bij het opstellen van een “gepersonaliseerd” stappenplan voor elk individueel gebouw, dat rekening houdt met de specifieke eigenschappen ervan. Dit certificaat van de “nieuwe generatie” zal de prioritaire (maar niet verplichte) maatregelen opsommen die genomen moeten worden om de energieprestaties van een gebouw te verbeteren en op termijn het hoogst mogelijke prestatieniveau te bereiken.

Praktisch gezien zullen eigenaars van woningen op basis van de aanbevelingen uit het (verplicht geworden) EPB-certificaat minstens om de vijf jaar een van de aanbevolen ingrepen moeten uitvoeren. Isoleren van het dak, de muren, de vloer, vervangen van de vensters of het verwarmingssysteem, voorzien van bevoorrading met hernieuwbare energie in het gebouw... Dit zijn voorbeelden van maatregelen die uitgevoerd kunnen worden zodat iedereen kan bijdragen tot de energietransitie. In elk tijdskader dat door de wetgeving is vastgelegd zullen de eigenaars de correcte uitvoering van de werken moeten bewijzen.

Doelstelling Werkzaamheden
2025
Opstellen van het EPB-certificaat van de woning
2030
Deadline voor een van de 5 verplichte maatregelen naar keuze
2035
Deadline voor de tweede van de 5 verplichte maatregelen naar keuze
2040
Deadline voor de derde van de 5 verplichte maatregelen naar keuze
2045
Deadline voor de vierde van de 5 verplichte maatregelen naar keuze
2050
Deadline voor de vijfde van de 5 verplichte maatregelen

Het minimum te behalen prestatieniveau in 2050 zal bepaald worden in functie van het type gebouw. Het doel is namelijk om het besparingspotentieel van het gebouw tegen uiterlijk 2050 ten volle te benutten

Voor de collectieve woningen zullen de verplichtingen opgelegd worden op het niveau van het appartement en het gebouw. Het dak, de gevels en de andere gemeenschappelijke delen zullen behandeld worden in een verplicht rapport dat specifiek daarvoor ontworpen is en dat gebaseerd zal zijn op alle aanbevelingen uit de EPB-certificaten met betrekking tot de gemeenschappelijke delen. De mede-eigendom zal verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de aanbevelingen met betrekking tot de gemeenschappelijke delen.

Ten slotte voorziet de Brusselse renovatiestrategie voor de tertiaire sector in een systeem dat gelijkaardig is aan dat van de residentiële sector, maar met een strengere doelstelling. Doel is om de tertiaire sector tegen 2050 te doen streven naar energieneutrale gebouwen.

Financiële hulpmiddelen en een informatie- en begeleidingsvoorziening zullen uitgebreid worden voor elke Brusselaar die hulp wenst bij zijn ingrepen.

De Brusselse renovatiestrategie in cijfers:

34 actiefiches en 3 invalshoeken

De renovatiestrategie bestaat uit een eerste centrale document dat de contouren schetst van de acties die in detail toegelicht onder de vorm van 34 actiefiches. Om de milieu-impact van het Brusselse gebouwenbestand op sterke, doeltreffende, duurzame en betaalbare wijze te verlagen, bevat de strategie drie grote invalshoeken, namelijk:

  • de verhoging van het renovatiepercentage;
  • de verbetering van de kwaliteit van de renovaties;
  • het rationeel energieverbruik in het gebouw.

Investering van 28,7 miljard euro

Over een periode van dertig jaar zal de renovatiestrategie bijna 30 miljard euro mobiliseren voor de renovatie en restauratie van het bestaande gebouwenbestand. Deze middelen zullen enerzijds komen uit de privésector, namelijk door het bestaande en beschikbare kapitaal in te zetten en investeringen rechtstreeks te ondersteunen, en anderzijds zullen de middelen van de overheid gebruikt worden als financiële hefboom om de Brusselaars – alle inkomensniveaus en statuten – te ondersteunen om de nodige investeringen te doen.

12.900 nieuwe jobs

Voor elk miljoen euro dat geïnvesteerd wordt, worden er niet minder dan 13,5 rechtstreekse en onrechtstreekse banen gecreëerd. Het gaat om diverse jobs: gekwalificeerd en niet-gekwalificeerd, duurzaam en niet-delokaliseerbaar, in verschillende domeinen van de bouw en nieuwe technologieën inzake thermische installaties, domotica en energie.

Betaalbaar maken van de energietransitie: een massieve mobilisering van de publieke en private financiën

Voor de globale renovatie van het vastgoedbestand zal een aanzienlijk groot budget nodig zijn. Alle financieringsbronnen zullen dan ook geactiveerd worden, zodat iedereen de nodige ondersteuning krijgt bij het halen van zijn of haar doelstellingen. De vastgoedfiscaliteit zal aangepast worden voor een betere coherentie met de klimaat- en milieu-uitdagingen. Er zullen aangepaste fiscale stimulansen ingevoerd worden die de uitvoering van de nodige werkzaamheden aanmoedigen. De bestaande energie- en renovatiepremiestelsels zullen aangepast worden, zodat opdrachtgevers beter ondersteund worden bij de uitvoering van hun werkzaamheden. Deze aanpassing zal bestaan uit een verhoging van de bedragen voor de werkzaamheden die voortvloeien uit de aanbevelingen van het nieuwe EPB-certificaat, een vereenvoudiging van de formaliteiten en de oprichting van een one-stop-shop voor het aanvragen van premies. Ten slotte zal de groene lening ook uitgebreid worden voor een breder publiek en zal ze grotere investeringen mogelijk maken.

Iedereen de mogelijkheid bieden om zijn factuur voor energie te verlagen

In 2015 bevond ongeveer 15% van de Belgische gezinnen zich in een situatie van energiearmoede. Dit wil zeggen dat ze een te groot deel van hun inkomen aan uitgaven voor energie besteden.

De door de renovatiestrategie vastgestelde prestatienormen gaan systematisch vergezeld van financierings- en begeleidingsmaatregelen voor de kwetsbare gezinnen. Op die manier krijgen ze niet enkel de mogelijkheid om aan de transitie deel te nemen, maar halen ze ook voordeel door op duurzame wijze hun energiefactuur te verlagen. Er zullen passende, toereikende en toegankelijke steunmaatregelen ingevoerd worden om de broodnodige energierenovatiewerken te garanderen.

De innovatie stimuleren

Om in de bouwsector de op de principes van een circulaire economie gebaseerde duurzame renovatie ingang te laten vinden, is het in eerste instantie noodzakelijk om concreet uitgevoerde projecten te steunen en te observeren. Daarom wordt er een laboratorium van de duurzame renovatie van het Brusselse gebouwenbestand ‘RenoLab’ opgericht.

Talloze nieuwe of bestaande maatregelen en samenwerkingsverbanden worden verder ontwikkeld om de circulaire economie en de energietransitie beter in het renovatiebeleid te integreren.

Bovendien worden de opvolgings- en bekendmakingsmaatregelen van de technologische innovatie inzake ecologisch bouwen en energie-efficiëntie die door het Gewest ontwikkeld zijn, verder versterkt.

Begeleiding van een uiteenlopend publiek: voorstelling van een praktisch geval

Ik ben eigenaar van een vanuit architecturaal oogpunt heel gewone rijwoning uit 1930. Haar energieprestaties zijn heel slecht en ze is niet geïsoleerd. Tot welke werken verplicht de renovatiestrategie mij om de doelstelling van 100kw/m²/jaar in 2050 te behalen?

Mijn verplichtingen

  • EPB-certificaat: tegen 2025 moet iedere woning over een EPB-certificaat beschikken en dit losstaand van om het even welke vastgoedtransactie (verkoop of verhuur zoals nu). Tegen 2025 moet ik dus over een EPB-certificaat voor mijn huis beschikken, zelfs al bewoon ik het zelf. Dit EPB-certificaat omschrijft vijf in mijn huis te treffen technische maatregelen opdat ze de voor haar typologie vastgestelde prestatiedoelstelling in 2050 zou kunnen behalen. Tegen 2050 moet ik dus al die maatregelen uitgevoerd hebben.
  • Tegen 2050 moet ik, in vijf tijdsbestekken vastgesteld door de wetgever, deze vijf maatregelen hebben uitgevoerd. Voor elk van deze tijdsbestekken kan ik de uit te voeren maatregel zelf kiezen. Ik ben ook vrij om te anticiperen op mijn verplichtingen en deze vijf maatregelen sneller te verwezenlijken dan wetgeving oplegt. Zo kan ik bijvoorbeeld beslissen om de maatregelen in één keer door te voeren.

Mijn werken

  • Stappenplan: : indien mijn renovatiewerken een stedenbouwkundige vergunning vergen waarvoor het nodig is om een beroep op een architect te doen, verplicht de wetgeving mij ertoe om aan mijn vergunning ‘een stappenplan’ toe te voegen dat door mijn architect uitgewerkt is.
  • Het stappenplan is een renovatieplan op maat dat een aanvulling op het EPB-certificaat vormt. Dit renovatieplan heeft als doel om een concreet renovatieplan op maat van mijn huis te definiëren opdat ik mijn verplichtingen zou kunnen vervullen. Het zal met de bijzondere context van mijn huis en aanbevelingen van mijn EPB-certificaat rekening houden en mijn wensen en behoeften zullen daarbij evenmin uit het oog verloren worden.

Het stappenplan, wat is dat?

De initiële diagnose. De uitvoering van een nauwkeurige diagnose voor de werkzaamheden is onmisbaar. Deze diagnose zal 5 delen omvatten, namelijk:

  1. Een audit van de fysieke staat van het gebouw
  2. Een stedenbouwkundige/patrimoniale studie
  3. Het onderzoek van de energiedimensie
  4. Het onderzoek van de andere onderdelen die het milieu vormgeven zoals de akoestiek
  5. Het reële gebruik ervan in aanmerking nemen op het moment van het opmaken van de diagnose

Een lijst met op lange termijn uit te voeren werkzaamheden. Het gaat om een waaier van werken die, vanaf
de initiële prestaties van mijn huis, toelaten om de voor haar vastgestelde doelstelling te behalen.

Een programma voor uitvoering van in de lijst opgesomde werkzaamheden en een financiële studie die met de kostprijs van de werken, mijn financiële draagkracht en de financiële steunmaatregelen waarop ik een beroep kan doen rekening houdt.

 

 

1. Doelstelling bepaald door de Europese Unie.

Datum van de update: 19/05/2020
Documenten: 

Deze link leidt naar de renovatiestrategie zoals goedgekeurd door de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op 25 april 2019.
Deze dient nu verder te worden uitgewerkt in concrete acties.