U bent hier

Efficiëntie van schoonmaak- en ontsmettingsmiddelen in een kinderdagverblijf

Focus - Actualisering : december 2015

In een epidemievrije periode keert de kwestie van het al dan niet pertinente gebruik van ontsmettingsmiddelen tijdens schoonmaakoperaties in kinderopvangstructuren (kinderdagverblijven) vaak weer. De gecombineerde resultaten van de bacteriologische en chemische analyses van verschillende experimentele studies hebben aangetoond dat het gebruik van een ontsmettingsmiddel 1 keer per week het mogelijk maakt om de niet-toepassing van de - officieel aanbevolen - dagelijkse schoonmaakbeurt met de dweil en 2 emmers te compenseren. Uiteraard moet er op worden toegezien dat het gebruikte ontsmettingsmiddel niet toxisch is voor kinderen.

Context

Deze focus vat de resultaten samen van een experimentele studie uit 2014 om de noodzaak te evalueren, in epidemievrije periodes, van het gebruik van ontsmettingsmiddelen voor het onderhoud van vloeren in kinderdagverblijven. In deze studie werden verschillende vloeronderhoudsprocedures onderzocht. Sommige daarvan deden enkel een beroep op detergenten, terwijl andere de klassieke schoonmaakproducten combineerden met ontsmettingsmiddelen. In 2010 en 2011 werden vergelijkbare experimenten gerealiseerd, telkens in hetzelfde kinderdagverblijf in Ukkel. De studie in 2014 werd evenwel gerealiseerd in een kinderdagverblijf in Elsene.
De studies zijn een onderdeel van de opdrachten van de Regionale Cel voor Interventie bij Binnenluchtvervuiling, de RCIB. De cel is het resultaat van een partnerschap tussen Leefmilieu Brussel (departement Laboratorium, Luchtkwaliteit), het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (departement Gezondheid-Milieu) en het Fonds des Affections Respiratoires. De studie werd uitgevoerd in samenwerking met het Office National de l’Enfance (ONE).

Verloop van de experimentele studie 2014

Net als in 2010 en 2011 omvatte de studie uit 2014 twee delen:

  • Een chemisch deel dat eruit bestond om in de lucht te zoeken naar vluchtige organische stoffen die door de gebruikte producten konden worden verspreid;
  • Een biologisch deel waarmee de evolutie van de totale bacteriologische lading op de vloer kan worden gevolgd.

De 2 tijdens de studie gebruikte producten zijn:

  • een vloeibaar geconcentreerd ontsmettingsdetergent dat alle oppervlakten in 1 keer schoonmaakt en ontsmet. Dit product, dat wordt aanbevolen in de voedingsindustrie, wordt dagelijks gebruikt door het dagverblijf en wordt hierna aangeduid met de benaming “D3”;
  • een neutraal, geconcentreerd, licht schuimend detergent voor vloeren, hierna product “N4” genoemd.

Er wordt elke dag rond 6 uur 's morgens schoongemaakt en/of ontsmet.

De monsternemingen verliepen in 3 verschillende fasen:

  • Een eerste meetcampagne van 2 weken met dagelijks gebruik van het ontsmettingsmiddel D3 = fase 1 (van 5 tot 16 mei 2014), gevolgd door 2 weken zonder staalnames om de productverandering te kunnen doorvoeren;
  • Een tweede meetcampagne van 3 weken met dagelijks gebruik van het klassieke detergent N4 = fase 2 (van 2 tot 20 juni 2014), gevolgd door een week zonder staalname om de introductie mogelijk te maken van het ontsmettingsproduct D3 op maandag;
  • De derde meetcampagne van 3 weken met gebruik van het ontsmettingsmiddel D3 op maandag en het klassieke detergent N4 de andere dagen van de week = fase 3 (van 30 juni tot 18 juli 2014).

Chemische resultaten

Ongeacht de toegepaste schoonmaak/ontsmettingsprocedure, blijkt uit metingen dat het gebruik van een schoonmaak- of ontsmettingsproduct een pertinente (maar weliswaar tijdelijke) toename teweegbrengt van de concentratie totale VOS. De concentraties die om 9 uur werden gemeten, zijn steeds hoger dan de concentraties die om 5 uur werden gemeten. De concentraties die om 14 uur werden genoteerd, zijn steeds lager dan de concentraties die om 9 uur werden opgetekend. De verschillen tussen de opgetekende concentraties variëren echter van de ene fase tot de andere:

  • De toename van totale VOS-concentraties is het minst opvallend tijdens de fase 1 van de experimenten (dagelijkse toepassing van het ontsmettingsmiddel D3).
  • Het dagelijks gebruik van het neutrale schoonmaakmiddel N4 (fase 2 van de experimenten) gaf aanleiding tot hogere niveaus van totale VOS, met een toename van 50% om 14u ten opzichte van de gemeten waarden tijdens fase 1. We stellen eveneens de onverklaarde aanwezigheid vast van carbonaten (ethylmethylcarbonaat en diethylcarbonaat), met deze keer een sterke stijging van de concentraties om 9u, terwijl de niveaus van 5u en 14u laag blijven.
  • Fase 3, die een combinatie is van fase 1 (naar rato van 1 ontsmettingsdag op 5) en 2 (naar rato van 4 schoonmaakdagen op 5), lijkt moeilijker te interpreteren daar de niveaus van de VOS hoger liggen dan tijdens de eerste twee fases. De verkregen resultaten lijken echter de vastgestelde toename van VOS tijdens fase 2 met het gebruik van het klassiek schoonmaakmiddel N4 aannemelijk te maken. De interpretatie van de analyse van de carbonaten lijkt eveneens delicaat, vooral voor de waarden die om 5u werden gemeten. Tijdens deze fase kunnen wij de aanwezigheid uitsluiten van een bijkomende bron die een vermeerdering van de concentraties van de VOS (incluis de carbonaten) zou kunnen veroorzaken.

Voor de 3 fasen zijn de verkregen concentraties, zowel wat de totale VOS als wat de carbonaten betreft, evenwel aanvaardbaar en houden ze geen enkel gezondheidsrisico in.

Biologische resultaten

De eerste figuur toont, voor de 3 fasen, de totale bacteriële lading op de grond. Het gaat hier om thermotolerante bacteriën die zich ontwikkelen bij 37 °C en die worden beschouwd als zijnde in hoofdzaak van menselijke origine.

Bacteriële lading op de grond tijdens de 3 fasen: 2 weken met dagelijkse ontsmetting (D3), 3 weken met enkel een dagelijkse schoonmaak (N4) en 3 weken met ontsmetting (D3) op maandag en schoonmaak (N4) op de andere dagen).

C5, C25 …C95 zijn percentielen

Bacteriële lading
Wij stellen vast dat 50% van de metingen (percentielen 50 of mediaan) de waarde van 49 tot 59 CFU/25 cm² niet overschrijden, ongeacht de onderhoudsprocedure voor de vloeren. Voor de hogere percentielen is het de periode met het ontsmettingsmiddel op maandag en het schoonmaakmiddel de andere dagen die de minst hoge verontreiniging geeft, terwijl de periode met het ontsmettingsmiddel elke dag (fase 1) tegen alle verwachtingen in het minst voldoening lijkt te schenken.
Tussen de schoonmaakperiode (fase 2) en de periode met ontsmetting op maandag, gevolgd door een schoonmaak de andere dagen van de week (fase 3), lijkt de periode met ontsmetting toch iets betere resultaten op te leveren. We moeten hierbij preciseren dat in deze 2 fasen het gebruik van het schoonmaakmiddel en/of het ontsmettingsmiddel met een verandering van dweil en de techniek van de twee emmers, elke dag zorgvuldig werd toegepast.

De resultaten van de experimenten die werden uitgevoerd in 2010 en 2011 werden opgenomen in de tweede figuur. Deze resultaten zijn te vergelijken of zelfs iets beter voor de periode met ontsmetting een keer per week en schoonmaak op de daarop volgende dagen, althans in gevallen waarin het gebruik van de dweil in combinatie met de techniek van de twee emmers elke dag nauwkeurig werd toegepast.

Synthese van de 3 meetcampagnes 2010, 2011, 2014 voor de biologische metingen

2010: techniek van de twee emmers niet toegepast
2011 & 2014: techniek van de twee emmers tamelijk goed opgevolgd

Synthese van de 3 meetcampagnes

Conclusie

In de dagdagelijkse praktijk kan de techniek van de twee emmers moeizaam lijken en bestaat het risico dat die niet steeds wordt gerespecteerd. Het gebruik van een ontsmettingsmiddel één keer per week kan de niet-naleving van deze praktijk compenseren. Dit houdt uiteraard in dat het gebruikte ontsmettingsmiddel niet toxisch mag zijn voor kinderen. De biologische conclusies zijn eveneens compatibel met de chemische resultaten aangezien het gecombineerd gebruik van de twee producten geen hoge VOS-concentraties tot gevolg heeft gehad als wij er rekening mee houden dat in het gamma van de gemeten concentraties de twee carbonaten geen impact hebben op de gezondheid.

Datum van de update: 22/10/2020