Oktober 2020

banniière achats publiques durables nl

EDITO

De gezondheidscrisis die we nu meemaken, heeft ons allemaal gedwongen onze manier van werken te herzien. Het verheugt ons dat dit u er niet van weerhouden heeft de trainingen over duurzame overheidsopdrachten te volgen en de helpdesk te gebruiken! 

De crisis heeft ook duidelijk gemaakt hoe moeilijk het voor overheden is om snel, efficiënt maar ook verantwoord en duurzaam maskers, handschoenen, beschermende kleding enz. aan te schaffen. 

Overheidsopdrachten kunnen echter een gelegenheid zijn om opnieuw na te denken over aankopen en over het belang van efficiënte en duurzame overheidsuitgaven. In het verslag ‘Sustainability Through Public Procurement: The Way Forward – Reform Proposals’, gepubliceerd in april 2020 als onderdeel van een SMART-project (Sustainable Market Actors for Responsible Trade), hebben onderzoekers drie hefbomen geïdentificeerd om de zaken in de juiste richting te sturen: 

  • Aanzienlijk investeren in de professionalisering van de aankopers en de implementatie van een duurzaam aankoopbeleid.
  • De aanbestedende overheden verplichten hun bevoorradingsketens in kaart te brengen en te controleren om risico's op inbreuken op de milieu- en sociale wetgeving te detecteren.
  • De wetgeving aanpassen om duurzame openbare aanbestedingen te bevorderen. 

Alle tools die u krijgt aangeboden (helpdesk, trainingen, nieuwsbrief) focussen reeds op die eerste hefboom.

PRAKTISCHE INFO

Nieuwe criteria voor printers, verbruiksgoederen en drukkerijdiensten

Europa heeft onlangs nieuwe milieucriteria gepubliceerd voor printers, verbruiksgoederen en drukkerijdiensten.

De criteria zijn onderverdeeld in drie grote groepen, afhankelijk van het onderwerp (beeldvormingsapparatuur, verbruiksgoederen en drukkerijdiensten). Ze hebben betrekking op het energieverbruik, de compatibiliteit van de machines met gereviseerde patronen en gerecycleerd papier, de beschikbaarheid van reserveonderdelen enz. Deze criteria kunnen ook worden gebruikt in langlopende huurcontracten. Dit laatste kan in het bijzonder interessant zijn om het gebruik van duurzame apparatuur en een efficiënt gebruik van hulpbronnen te bevorderen.

Europa stelt de kopers ook voor om een fase te voorzien waarin ze hun behoeften evalueren. In het eerste punt wordt uitgelegd hoe een externe dienstverlener die evaluatie kan doen.

Naar de criteria (.pdf) (momenteel alleen in het Engels).

Duurzame aankoop voor brandblusapparaten

Moet u een opdracht gunnen om brandblusapparaten te kopen? Ga eerst na met welke duurzame criteria u rekening kunt houden, voordat u uw bestek begint op te stellen!

De ‘Verklarende fiche voor het duurzaam aankopen van brandblusapparaten’ illustreert de markttrends, geeft informatie over de impact van brandblusapparaten gedurende hun volledige levenscyclus en gaat in op duurzaamheidsaspecten. 

Om deze fiche op te stellen heeft het Federaal Instituut voor Duurzame Ontwikkeling zich gebaseerd op de antwoorden op de vragenlijst die werd verstuurd naar de belangrijkste leveranciers van brandblusapparaten op de Belgische markt. De voorgestelde pistes en criteria beantwoorden dus aan een marktrealiteit en geven zeer concrete aanknopingspunten.

De voorgestelde criteria hebben betrekking op het type brandblusapparaat dat de voorkeur verdient, de ingrediënten van de blusmiddelen, het gebruik en de levensduur enz.

De fiche bevat algemene beschouwingen over duurzame overheidsopdrachten, waardoor ze voor de reeds geïnformeerde lezers onnodig lang is. 

Naar de fiche (.pdf)

Gids met PEFC-gecertificeerde bedrijven - editie 2020

Bent u op zoek naar houten uitrustingen? Wilt u dat het hout afkomstig is van duurzaam beheerde bossen?

De gids met PEFC-gecertificeerde bedrijven bevat een overzicht van alle Belgische bedrijven die de garantie bieden dat hun producten afkomstig zijn uit duurzaam beheerde bossen. Een breed scala aan producten kan het PEFC-label dragen: hout voor binnen- en buitenschrijnwerk, meubels, parket en andere vloerbedekkingen, papier, kartonverpakkingen enz.

Naar de gids

GOEDE PRATIJKEN

Aangezien Brussel een zeer groot aankoopvolume heeft, kan de stad de markt positief beïnvloeden. Daarom heeft ze anderhalf jaar geleden besloten haar duurzaam aankoopbeleid te versterken. Benoît Hellings, schepen van Openbare Aanbestedingen en voorzitter van De Brusselse Keukens deelt zijn ervaring met ons.

De stad Brussel besloot anderhalf jaar geleden om haar duurzaam aankoopbeleid te versterken. Waarom is zo'n aanpak interessant voor een gemeente?

Een gemeente, en zeker de stad Brussel, is een grote afnemer. Om een bestuur als het onze te laten werken, hebben we enorm veel producten en diensten nodig. 

Ook kenmerkend voor een gemeentebestuur is dat de behoeften zeer ruim zijn, zowel wat betreft de uitrusting (kantoorbenodigdheden, werkkleding, voertuigen, voedsel, maskers, drinkflessen ...) als de diensten (opleiding, bewaking ...). Weinig bedrijven hebben zulke uiteenlopende behoeften. Weinig afnemers kopen zoveel verschillende producten. En weinig aankoopafdelingen moeten blijk geven van zoveel aanpassingsvermogen en veelzijdigheid. Onze aankoopcentrale kan op elk moment gevraagd worden om materiaal aan te schaffen waar ze nooit aan gedacht had, maar dat noodzakelijk is voor de goede werking van het bestuur of andere entiteiten die een beroep doen op haar diensten. Dit is echt een bijzondere situatie die specifiek is voor gemeenten. Hierdoor kan de stad Brussel duurzaamheidseisen stellen aan totaal verschillende producten. Maar het dwingt onze aankoopcentrale ook om altijd nieuwsgierig te blijven naar van alles en nog wat, omdat ze steeds te maken kan krijgen met een markt die ze niet kent.

Op welke manier komt het beleid voor duurzame overheidsopdrachten van de stad Brussel iedereen ten goede?

De overheidsopdrachten in België zijn jaarlijks goed voor ongeveer 33 miljard euro. Dat vertegenwoordigt meer dan 10% van het BBP. Opdrachten met duurzame clausules hebben dus een onmiskenbare invloed op de producten en diensten die te koop worden aangeboden. Alleen al in het kader van het klimaatplan van de stad Brussel kunnen duurzamere overheidsopdrachten zorgen voor een reductie van 40 ton CO2 per jaar.

De stad koopt veel en van alles en nog wat, zoals we al zeiden. Dankzij dit aankoopvolume heeft ze een aanzienlijke impact op zowel de markten als op hun ecologische en sociale voetafdruk. We weten dat bedrijven zich aanpassen aan de behoeften van de markt. En als de stad Brussel dit of dat product eist, zullen de producenten proberen daarin te voorzien om de opdracht in de wacht te slepen, samen met de voordelen die eraan verbonden zijn. Als de stad dus eisen stelt aan nieuwe producten die groener, duurzamer, socialer en milieuvriendelijker moeten zijn, gaan fabrikanten nieuwe oplossingen zoeken en produceren, die vervolgens ook andere gemeenten ten goede kunnen komen. En hoe meer klanten er zijn voor die duurzamere producten, hoe meer hun prijs zakt en hoe toegankelijker ze zijn voor een breder publiek. Op die manier vervangen de groene producten uiteindelijk de minder milieuvriendelijke alternatieven. 

Hoe heeft de stad Brussel deze nieuwe aanpak geïntroduceerd?

Toen ze zich bij de nieuwe meerderheid aansloot, heeft de groep Ecolo-Groen vrijwillig gevraagd om de aankoopcentrale, het wagenpark en de Brusselse Keukens onder de bevoegdheid van de schepen van Klimaat te laten vallen. Dit maakte het mogelijk om de software te veranderen en een nieuwe filosofie van duurzaamheid in te voeren in het bestuur en de overheidsopdrachten. 

Sinds het begin van deze legislatuur gooit de stad het over een andere boeg. In het verleden probeerde een team van buiten de aankoopcentrale af en toe een bepaalde overheidsopdracht te ‘vergroenen’. Vandaag zijn de aankopers die de opdrachten opstellen gesensibiliseerd en integreren ze de concepten van duurzame ontwikkeling of circulaire economie systematisch in hun bestekken. Momenteel worden milieucriteria toegepast als algemene en systematische leidraad. 

Kunt u ons enkele voorbeelden geven waar deze nieuwe aanpak al vruchten heeft afgeworpen?

Veel opdrachten konden gemakkelijk duurzamer, groener en respectvoller worden gemaakt. Dat is bijvoorbeeld het geval voor veel dagelijks gebruikte producten, zoals onderhoudsproducten. Intuïtief weet iedereen dat er op de markt schoonmaakproducten bestaan die groener en gezonder zijn dan andere. Hetzelfde geldt voor de levering van gerecycleerd papier. Je kunt gewoon voor de duurzame optie kiezen. Maar je kunt die keuze ook systematiseren en alleen nog maar dit soort producten kopen als ze bestaan. 

Andere producten zijn meer specifiek, zoals de levering van houten onderdelen of schoolmeubilair. Maar vooral dankzij onze goede samenwerking met de helpdesk van Leefmilieu Brussel vinden we oplossingen die milieuvriendelijker zijn.

Aan de andere kant lag het verduurzamen van bepaalde opdrachten misschien wat gevoeliger. Neem nu werkkleding. Je kunt ervan uitgaan dat milieuvriendelijke werkkleding die in betere sociale omstandigheden is geproduceerd, aanzienlijk meer kost. Enerzijds is dat verschil waarschijnlijk niet zo groot als je aanvankelijk vreest. Maar dat kom je pas te weten na enig onderzoek. Anderzijds kun je stellen dat het de taak is van de overheid om dat prijsverschil op zich te nemen. Ze heeft immers een voorbeeldfunctie en is de motor voor een eerlijker en duurzamer economisch systeem. 

Zijn er opdrachten waarvoor (nog) geen alternatief bestaat?

Er zijn uiteraard opdrachten waarvoor de technologie nog geen groene oplossing biedt. Ik denk bijvoorbeeld aan bepaalde voertuigen en vrachtwagens. Er was tot voor kort geen vraag naar een alternatief voor conventionele diesel en daarom is er ook geen ontwikkeld. Nogmaals, wanneer een speler als de stad Brussel om dit soort voertuigen op gas vraagt, zijn de fabrikanten meer geneigd om het evolutieproces waar ze wellicht al mee gestart waren, te versnellen om zo de nieuwe generatie voertuigen op de markt te brengen waar hun klanten om vragen. Zo zien we beetje bij beetje voor grote vrachtwagens alternatieven op gas verschijnen. Hun aantal en prijs zullen de komende maanden uiteraard evolueren. Dat de stad Brussel ervoor gekozen heeft om in haar bestekken systematisch de verplichting op te nemen om naar dit type model te zoeken, is hier uiteraard niet vreemd aan.

Bovendien hopen we dat deze nieuwe dynamiek ontwerpers ertoe aanzet om na te denken over nog milieuvriendelijkere alternatieven. Zo hopen we nog steeds op een dag 100% elektrische vrachtwagens op de markt te vinden. Het is ook in die context dat we een overeenkomst hebben getekend met Solar Impulse.

Is die overeenkomst een van de innovatieve partnerschappen die de stad Brussel heeft ontwikkeld?

Ja. De zoektocht naar betere voertuigen, bijvoorbeeld, wordt onder andere via de stichting Solar Impulse geleid. We zijn trouwens de eerste stad die zich heeft aangesloten bij dit internationale netwerk. Het wil de kennis van alle leden van het netwerk bundelen. Op die manier kan de stad Brussel technologieën leren kennen waarvan zij het bestaan niet kende. We vonden zo al oplossingen voor koelwagens op CNG.

Zoals ik aan het begin van dit interview al zei, moeten we zoveel materiaal aanschaffen dat onze aankoopcentrale niet overal een specialist in kan zijn. Dankzij een dergelijk netwerk kunnen we effectiever werken, omdat we de ontbrekende informatie elders kunnen gaan zoeken. 

En de uitwisseling is wederzijds. Technologieën, vaak Belgische, die zijn ontwikkeld naar aanleiding van een verzoek van de stad Brussel, kunnen ook worden opgenomen in het internationale netwerk van de stichting. Dat was het geval voor een waterlekdetectieapparaat waarmee we ontdekt hebben dat het water van Manneken Pis niet in een gesloten circuit circuleerde. Die technologie werd in België ontwikkeld om in te spelen op een vraag van de stad Brussel. Nadien kon ze worden geïdentificeerd en gedeeld door de stichting Solar Impulse. Want ze is interessant voor andere leden van het netwerk over de hele wereld. 

Is de helpdesk van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in dezelfde zin een hulpmiddel om opdrachten duurzamer te maken?

Zoals ik al zei, zijn de ervaringen met de helpdesk van Leefmilieu Brussel uiterst positief. Onze aankoopcentrale krijgt te maken met zoveel verschillende aankopen dat zij geen specialist kan zijn op al deze gebieden. Op de website van Leefmilieu Brussel kan het stadsbestuur tal van elementen en specificaties op het vlak van ecologie en duurzaamheid raadplegen. En dit in zeer uiteenlopende domeinen. Zo kan onze aankoopcentrale ze implementeren in de bestekken. Leefmilieu Brussel stelt ook gunningscriteria voor die de evaluatie en vergelijking van de offertes vergemakkelijken.

Anderzijds is de helpdesk van Leefmilieu Brussel zeer efficiënt en antwoorden ze zeer snel wanneer we een specifieke vraag stellen. Dat bespaart ons kostbare tijd in de toch al lange procedures voor overheidsopdrachten. 
Hun suggesties zijn altijd relevant en houden zeer goed rekening met onze verwachtingen voor de opdrachten. Zo stelden ze milieuclausules voor een cateringopdracht voor en maakten ze enkele interessante opmerkingen om vervuilende producten bij de aankoop van schoolmeubilair te beperken. 

Wat de aankoop van voedsel voor De Brusselse Keukens betreft, kan ik twee voorbeelden geven. Tijdens de voorbereiding van de opdracht ‘DIEPVRIESVIS EN VERSE ZEEVRUCHTEN’ werden vele adviezen, opmerkingen en tips van Leefmilieu Brussel in het bestek opgenomen. Dit heeft het bestek aanzienlijk verbeterd en dus ook de kwaliteit van de aangekochte producten, de sociale omstandigheden waarin ze zijn geproduceerd en de milieucriteria voor de visserij en de oogst. Bij het opstellen van het bestek voor de opdracht 'HUUR VAN KOELVOERTUIGEN' waren de door Leefmilieu Brussel voorgestelde criteria opnieuw nuttig om een groenere beschrijving te geven van wat we wilden. Het voorgestelde en vervolgens geselecteerde materiaal stond in verhouding tot deze belangrijke veranderingen. Voor een aanbestedende overheid als de onze heeft het alleen maar voordelen de handen in elkaar te slaan met een partner die een fris, extern en innovatief perspectief kan bieden in een sector waar alles snel verandert. En in dat opzicht is Leefmilieu Brussel een ideale partner.

AGENDA

10/11/2020: Workshop (9.30 – 11 uur): Opdrachten voor werken in de circulaire economie

24/11/2020: Workshop (9.30 – 11 uur): Controle van clausules in overheidsopdrachten en onmisbare hulpmiddelen voor aankopers bij de opname van criteria

Meer informatie.